Slagboom na slagboom in Ayodhya

Een stel volwassen kerels met oranje en gele klodders verf op hun gezicht. Vanwege deze mannen lopen er ruim twintigduizend politieagenten door Ayodhya, een stad in het noorden van India met slechts vijftigduizend inwoners....

Van onze correspondente Sacha Kester

Een maand geleden liep hier nog een leger van deze Kar Sevaks, hindoestrijders, rond, klaar om een tempel te bouwen op de heilige grond waar ze tien jaar geleden een moskee hebben vernietigd. Maar na lang aarzelen van de regering, rellen tussen hindoes en moslims in de deelstaat Gujarat en een uitspraak van het hooggerechtshof, zijn de meeste Kar Sevaks naar huis gestuurd door de politie.

De tempel bouwen, dat mag niet. Een ceremonie houden mag ook niet. En een offer brengen is ook verboden.

De kleine tweeduizend Kar Sevaks die nog in Ayodhya zijn, houden zich angstvallig verborgen. Maar de VHP, de Wereld Hindoe Raad, blijft krachttaal uitslaan. Onder luid gejuich van zijn aanhangers maakte de leider gisteren bekend op vrijdag 15 maart hoe dan ook een symbolisch offer te willen brengen. India houdt zijn hart vast: tien jaar geleden leidde de vernietiging van de moskee tot rellen waarbij tweeduizend doden vielen.

Om de kilometer hangt er een slagboom over de weg en moeten passanten hun papieren laten zien. Wie geen inwoner is of geen speciale toestemming heeft, komt er niet door.

De heilige plek zelf is omgebouwd tot een soort metalen fort, die alleen te bereiken is door een tunnel van hekwerk die zigzaggend over het terrein loopt. Eenmaal daar, biedt een man in kleermakerszit een kleverig handje kandij en kokosschraapsel aan. 'Zoetigheid als dank van god', zegt hij, wijzend naar het beeld van de god Ram dat onder een tentdoek staat - een alternatief tempeltje op de plek waar ooit een moskee stond.

Volgens Tanveer Mahmood, een 22-jarige student economie en een van de ongeveer vijfduizend moslims in Ayodhya, hebben de twee gemeenschappen altijd in vrede naast elkaar geleefd. 'De kwestie is door buitenstaanders gepolitiseerd', denkt hij. 'Het gaat niet meer om een tempel of een moskee, maar om een groep hindoemilitanten die duidelijk wil maken dat zij in de meerderheid zijn en dat ze in India kunnen doen en laten wat ze willen. Over de rug van de minderheden.'

Maar er staan al 7500 tempels in deze stad - waarom al die ellende voor eentje extra? 'Omdat die gebouwd gaat worden op de plek waar onze god Ram is geboren', zegt P. R. Yadav, verkoper van religieuze beeldjes en kralenkettingen.

Om te voorkomen dat de Kar Sevaks naar Ayodhya komen, zijn de wegen gesloten en mogen er geen treinen meer rijden. Yadav: 'Er is al weken geen pelgrim meer in de stad geweest.' Daarom hebben de meeste van zijn collega's grote stukken plastic voor hun winkels gehangen.

Het lijkt wel of de enige activiteit in de stad nog plaatsvindt in de werkplaats van de VHP. Enorme blokken steen veranderen hier onder de handen van beeldhouwers in sierlijke pilaren voor de beruchte tempel.

Dilip Sompura is jaren geleden uit de deelstaat Rajasthan naar Ayodhya gekomen en werkt nu met hamer en bijtel aan een bloemmotief. 'Ik heb een jaar nodig voor één pilaar', zegt hij. 'We hebben er in totaal 212 nodig en er zijn er al 106 klaar. De tempel komt er. Het is een tempel voor god en zeg nu zelf, wie kan de goden tegenhouden?'

Meer over