Simpel, tergend en geraffineerd

Het eerste liedje in de voorstelling The show must go on van het Franse theater-/dansfenomeen Jérôme Bel is Tonight uit Bernsteins musical West Side Story, het smachtelijke duet tussen Tony en Maria....

Maar terwijl Tony en Maria de tranen in onze ogen zingen, blijft het in de zaal en op het podium donker.

Dan komt liedje nummer 2: Let the sunshine in uit Hair, en ja hoor, er gaat iets gebeuren. Langzaam wordt het lichter, alsof je vanuit een vliegtuig naar de zonsopgang kijkt. Prachtig. Vervolgens zit je wat te deinen op Come Together van The Beatles en dan, ja eindelijk komen de dansers op.

Het zal tijd worden.

Achttien dansers, negen mannen en negen vrouwen zo te zien, vormen een halve cirkel en kijken recht de zaal in. Hun blik is leeg en somber, alsof ze met hun lichaam weliswaar in het hier en nu staan, maar in gedachten in een andere wereld vertoeven. Blij zijn ze in ieder geval niet.

Let's dance (David Bowie) en hup ze gaan dansen, mechanisch bijna, als marionetten, in een stijl die je wel eens ziet op personeelsfeestjes. Op het volgende nummer I like to move it komt de boel pas goed los: op deze stampende discodreun wordt energiek gedanst, maar wel ieder voor zich. Een jongen laat zijn broek zakken en beweegt minutenlang in staccato zijn piemel op en neer, een ander doet hetzelfde maar dan met de rits van zijn vest, een meisje voert een choreografie uit met haar rugzak. Move it!

Zo gaat The show must go on door, even simpel als tergend als geraffineerd. Een liedje uit de pophistorie (The Police, George Michael, John Lennon en zo voort) wordt helemaal gedraaid, soms wordt daar door de artiesten iets illustratiefs bij gedaan, soms ook niet. Op Imagine is alles weer pikdonker; als Edith Piaf La vie en rose zingt, wordt de zaal roze gekleurd, en daar moet je dan zelf maar iets moois bij fantaseren - het theater als meditatieve plek.

Het voor een groot deel jeugdige publiek pikt niet alles van deze provocerende meneer Bel. 'Beginnen maar!' en 'Zullen we even helpen!' roepen ze naar de artiesten als die weer eens onbewogen staan te staren. Intussen levert het wel een paar schitterende acts op, zoals de klassieke balletposes op Ballerina Girl van Lionel Richie en een indrukwekkende performance als alle achttien dansers een eigen walkman opzetten en hun eigen nummertje doen, van Satisfaction tot Woman in love. Op George Michaels I want your sex kijken zij ons aan en wij hen - het zindert en broeit in de zaal, en daar blijft het bij.

Bel levert met The show must go on een bijdrage aan de samensmelting van hoge kunst en massacultuur. 'Zonder traditionele plot en personages legt hij op explosieve wijze de mechanismes bloot van het emotionele geploeter van de moderne mens', leert de Rotterdamse Schouwburg ons in een toelichting. Dat is wel erg veel van het goede, maar hoe een zich almaar herhalende poging om van bekende beelden en geluiden iets nieuws te maken, tot origineel en uitdagend theater kan leiden, dat ervaar je hier wel.

Vanavond en morgen nog te zien op Springdance in Utrecht.

Meer over