SHARONS SPEKTAKELSTUK

Een nieuw hoofdstuk in de joodse catastrofegeschiedenis; dat is de ontruiming door Israël van de Gazastrook. Vinden althans de religieuze zionisten van Israël....

Door Alex Burghoorn

Het is dus toch zover gekomen: alleen goddelijke interventie kan de hitnatkut nog verhinderen. De joodse rouwdag Tisha B'Av komt in het jaar 5765 -anno domini 2005 -dan ook geen dag te laat.

Steevast herdenken de religieuze joden op de negende dag van de maand Av de verwoesting van de eerste tempel door de Babyloniërs in 3338 en de verwoesting van de tweede tempel door de Romeinen in 3828. Het verwerken van de mokerslagen van duizenden jaren her is door de eeuwen heen uitgegroeid tot een rouwbeklag voor alle rampzaligheid die het joodse volk is overkomen.

Wat wil het geval: het is morgen, zondag, de negende dag van de maand Av – en maandag, dan begint de hitnatkut, letterlijk de 'loslating' door Israël van de Gazastrook en het noorden van de Westelijke Jordaanoever. De betekenis laat zich raden.

De ontmanteling van 25 joodse nederzettingen is een nieuw hoofdstuk in de joodse catastrofegeschiedenis, denken de religieuze zionisten. Het bewonen van het door God beloofde land is in hun ogen de opmaat voor de bouw van de derde tempel en de komst van de Messias. Het vertrek uit delen van het heilige land is daarom een menselijke dwaling van bijbelse proporties. Tienduizenden gelovigen trekken met die gedachte naar de Klaagmuur in Jeruzalem om zondag nog één keer uit alle macht te bidden, in de hoop dat Hij nog net op tijd ingrijpt.

Sinds het Israëlische kabinet onder aanvoering van premier Ariel Sharon op 20 februari heeft besloten zich 'los te maken' van het conflict met de Palestijnen in de Gazastrook, hebben de religieuze zionisten uit protest al bijna alles van stal gehaald. Gehuld in oranje Tshirts hebben de tegenstanders overal in het land oranje linten, oranje vlaggen en oranje posters opgehangen totdat bijkans elke voorbijganger er hoofdpijn van had gekregen. Met tienduizenden hebben ze betoogd en geroepen tot de lucht in hun longen op was, met duizenden hebben ze menselijke kettingen gevormd om snelwegen te geblokkeerd, met honderden zijn ze als krakers de Gazastrook binnengedrongen. En in zijn eentje schoot een gedeserteerde militair vier Arabische Israëli's dood in een streekbus in Shfaram – een oranje lint hing uit zijn broekzak.

Toch heeft het allemaal niets uitgehaald. De 'loslating' van de Gazastrook, het spektakelstuk van premier Ariel Sharon, is volgens de meeste Israëli's een gedane zaak, zo luidt de conclusie van de hoogleraren Ephraim Yaar en Tamar Herman van de afdelingen vredesstudies en conflictoplossing van de Universiteit van Tel Aviv, die maandelijks de mening van de Israëlische bevolking peilen.

De cijfers: 57 procent is voor de terugtrekking – 36 procent is tegen.

'De meerderheid van de joodse-Israëli's steunt de loslating niet alleen, maar gelooft ook dat die op de exacte datum wordt uitgevoerd', schreven Yaar en Herman drie dagen geleden in de krant Haaretz. 'De meerderheid gelooft dat de regering en andere autoriteiten zijn voorbereid op hun taak en dat de evacuatie zal geschieden zonder bloedvergieten tussen de kolonisten en de soldaten.'

Al het protestlawaai heeft weinigen dus werkelijk van hun stuk gebracht – alleen in de kledingwinkels, daar liet de 'zwijgende meerderheid' de modieuze oranje hempjes uit de zomercollectie links liggen.

Het falen van het verzet betekent de eerste grote nederlaag van het religieus zionisme, zei Asher Arian, hoogleraar politicologie aan de Universiteit van Haifa, onlangs. 'De kolonisten hebben het ritme en de agenda van de Israëlische politiek de afgelopen 35 jaar bepaald. Ze hebben premiers in het zadel geholpen en weer van de troon gestoten, maar nu heeft het lot zich tegen hen gekeerd.'

Troon van God De grondlegger van het religieuze zionisme is rabbijn Avraham Yitzhak Kook (1865-1935). In tegenstelling tot de andere rabbijnen uit zijn tijd voelde Kook zich aangetrokken tot de idealen van het zionisme. 'De staat Israël is een fundament van de troon van God in de wereld', is zijn beroemde uitspraak .

Na de onafhankelijkheidsverklaring van 1948 was het voor zijn volgelingen alsof een profetie was uitgekomen. De verovering van de Gazastrook en de Westoever tijdens de Zesdaagse Oorlog van 1967 deden de religieuze zionisten bijkans geloven dat de eindtijd in razend tempo naderbij kwam. Ze gingen nederzettingen stichten op de Westoever, het bijbelse heuvelland van Judea en Samaria, en wat later ook in het verlaten duinengebied van de Gazastrook.

De generatie van de jaren zeventig heeft zijn identiteit daaraan ontleend, meent Avi Ravitzky, hoogleraar Joodse Studies aan de Hebreeuwse Universiteit in Jeruzalem. 'Ze waren opgegroeid met een minderwaardigheidscomplex tegenover aan de ene kant de seculiere zionisten, die het land opbouwden, en aan de andere kant de orthodoxen die zozeer de devotie waren toegedaan', zei hij onlangs in Haaretz. 'Het omarmen van de nederzettingen bood een oplossing voor deze problemen: vanaf toen waren ze én het land aan het opbouwen én devoot. Nu ontneemt de regering die generatie haar identiteit. Het alsof hen wordt verteld: je bent door de geschiedenis verslagen.'

De religieuze zionisten ervaren de hitnatkut als het verraad van Sharon, ooit de kampioen van de nederzettingenpolitiek in eigen persoon. Of hij nu minister van Infrastructuur was, of van Landbouw, Defensie, Industrie en Handel, Woningbouw of Buitenlandse Zaken, Sharon steunde sinds het begin van de jaren zeventig de bouw van nederzettingen van harte. Lang was hij een aanhanger van de filosofie dat Israël op die manier de bezette Palestijnse gebieden naar zijn hand kon zetten.

Maar Sharon heeft als premier een andere afweging gemaakt sinds de zelfmoordaanslagen van de tweede intifada in Israël hebben geleid tot een roep om veiligheid. In Herzliya zehij in december 2003 voor het eerst de grote lijnen van het plan uiteen. 'Het doel van het losmakingsplan' is om de Palestijnse terreur zoveel mogelijk terug te dringen en de Israëlische burgers het maximale niveau van veiligheid te bieden'

Het was een drieste zet: in 2002 had Sharon in de Knesset nog beweerd geen nederzetting te ontmantelen onder het motto ‘De lotsbestemming van Netzarim (in de Gazastrook, AB), is de lotsbestemming van Tel Aviv.’ Het had veel kolonisten ertoe aangezet op hem te stemmen – het waren nota bene Sharon tegenstrevers van de Arbeidspartij die de kiezers een terugtrekking in het vooruitzicht hadden gesteld.

De ommezwaai van Sharon heeft de oude Israëlische politiek op ongekende wijze overhoop gehaald. De Likud (van Sharon) dreigt te splijten, omdat de rechtervleugel met afgrijzen toekijkt hoe Sharon zomaar land aan de Palestijnen weggeeft. De Arbeidspartij (van Shimon Peres) is in een identiteitscrisis geraakt, omdat de grote rivaal het van oorsprong linkse plan uitvoert. Ariel Sharon houdt zich met zijn revolutie staande, omdat de peilingen hem gelijk geven. De leider van de Likud-afdeling in Ramat Aviv, Gil Samsanov, zei het een jaar geleden zo tegen de onderzoekers van de International Crisis Group: ‘De Israëlische bevolking is ontwaakt uit haar grote dromen. Links droomde van een nieuw Midden-Oosten en een romantische vrede, rechts van Eretz Yisrael Hashlema (Groter Israël). Links is ontwaakt na de mislukking van het vredesproces en het geweld. Rechts heeft beseft dat de geïsoleerde nederzettingen nooit van ons zullen zijn. Ongeveer 70 procent van de bevolking bevindt zich in het centrum. Zij tekenen de kaart van de toekomstige Palestijnse staat.’

De religieuze zionisten is de laatste maanden verweten de democratie te willen opblazen. Met hun blokkades en sabotageacties proberen ze hun minderheidsstandpunt door te drukken, zeiden ministers en generaals in koor. Het raakt aan de existentiële vraag waar Israël sinds 1948 mee worstelt: is Israël een joodse staat, een democratische staat of een staat die het gehele bijbelse land beslaat? David Ben Gurion hield de maximalisten in 1949 in een debat in de Knesset al voor dat een joodse democratie in het hele heilige land uitgesloten was, aangezien er toen veel meer Palestijnen dan joden woonden in het gebied tussen de Jordaan en de Middellandse Zee.

Het kolonistenperiodiek Nekuda publiceerde in februari een open brief van Arik Carmon en Uri Dromi van het onafhankelijke Israëlische Instituut voor Democratie in Jeruzalem. Het was een oproep aan 'onze broeders en zusters in Judea, Samaria en de Gazastrook' om zich toch vooral aan de democratische orde te houden, want het maximalistische experiment van na 1967 is mislukt. 'Terwijl jullie vanuit de heuvels uitkeken over de kustvlakte, over een bevolking die in jullie ogen onverschillig kan hebben geleken, hebben jullie je misschien wel de laatste ware zionisten gevoeld. (*) Echter, recente gebeurtenissen hebben aangetoond dat de Israëlische bevolking ertoe neigt beperktere grenzen te trekken, waarbinnen het op de lange termijn mogelijk is een democratisch land met een stevige joodse meerderheid in stand te houden.'

Meer over