Sharon moet akkoord verkopen

De nieuwe Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Sharon is een havik die niets moet hebben van de Palestijnen. Juist hij zal een akkoord met Arafat moeten sluiten - en dat moeten verdedigen bij de conservatieve achterban....

THEO KOELE

WESTERSE diplomaten en prominente Palestijnen beschouwen de benoeming van ex-generaal Ariel 'Arik' Sharon tot minister van Buitenlandse Zaken als een meesterzet van premier Netanyahu: een fervent tegenstander van concessies aan de Palestijnen moet met hen een akkoord sluiten.

Sharon is de man die een overeenkomst met Arafat moet zien te 'verkopen' aan de nationalistische en religieuze partijen, van wier steun Netanyahu afhankelijk is. 'De benoeming van Sharon toont aan dat het Netanyahu ernst is als hij volgende week naar de Verenigde Staten reist om Arafat en president Clinton te ontmoeten. Met Sharon aan zijn zijde kan Netanyahu een overeenkomst sluiten die verteerbaar is voor de rechtse partijen en hun achterban, de kolonisten', aldus een westerse waarnemer in Jeruzalem.

Een Palestijnse mensenrechtenactivist: 'In Palestijnse kringen wordt Sharon gezien als een harde maar eerlijke onderhandelaar. Hij is betrouwbaarder dan Netanyahu'.

Voor andere Palestijnen is Sharon echter een grote schurk. Hij was in hoge mate verantwoordelijkheid voor het bloedbad dat begin jaren tachtig werd aangericht onder Palestijnse vluchtelingen in Libanon, na de Israëlische invasie in dat land. De toenmalige minister van Defensie liet pro-Israëlische moordenaars hun gang gaan. Het kostte hem zijn baan.

Woedend was Sharon op zijn vele critici; hij spande de ene na de andere rechtszaak aan - zonder succes. Weinigen gaven nog een shekel voor zijn carrière. Zijn promotie tot minister van Buitenlandse zaken, op 70-jarige leeftijd, moet hem genoegdoening geven.

Ogenschijnlijk is die benoeming niet bevorderlijk voor het vredesproces. Als minister van Infrastructuur, tevens lid van het 'kernkabinet' van Netanyahu, sprak Sharonkeer op keer de banvloek uit over de overdracht van bezet gebied aan de Palestijnse Autoriteit van Yasser Arafat.

Maar het is niet aannemelijk dat Netanyahu hem naar de VS meeneemt om een akkoord met de Palestijnen, dat binnen handbereik zou zijn, te torpederen. Dat zou betekenen dat Israël zijn belangrijkste bondgenoot, de VS, een modderfiguur laat slaan.

Zelfs Uri Savir, een van de geestelijke vaders van de Oslo-akkoorden, vertrouwde een Palestijnse onderhandelaar toe dat het beter zaken doen is met rechtse Israëlische politici dan met linkse. Een linkse regering wordt er door een groot deel van de bevolking op voorhand van verdacht nationale (veiligheids)belangen te verkwanselen.

Sharon heeft, zoals veel Israëlische politici, een indrukwekkende militaire carrière achter de rug. In de Yom Kippur-oorlog van 1973, die dezer dagen in Israel herdacht wordt, voerde hij de troepen aan die de Egyptische strijdkrachten terugdrongen. In de Israëlische pers wordt veel aandacht besteed aan de* blunders die destijds tot op het hoogste politieke en militaire niveau gemaakt werden, maar de naam Sharon wordt niet met enig falen in verband gebracht. Zijn strategisch inzicht en doorzettingsvermogen werden destijds al hoog geprezen.

Tijdens de Zesdaagse oorlog (1967) voerde Sharon het bevel over een divisie die het Suezkanaal overtrok, om een bruggenhoofd te vormen op de andere oever. Daarmee wist hij het Egyptische leger volkomen te verrassen. Tijdens de Suez-crisis van 1956 leidde Sharon parachutisten die in de Sinaï landden, waarna de daar gelegerde Egyptenaren zich terugtrokken. In de Onafhankelijksoorlog van 1948 had de jonge Sharon zich al onderscheiden als een moedig officier.

Voor veel Israëli's is Sharon nog altijd een halfgod, ondanks het Libanon-debacle. Netanyahu kon niet om de ex-generaal heen toen hij in 1996 zijn regeringsploeg samenstelde. Nu heeft de premier zelfs een deel van zijn werk aan hem overgedragen.

Theo Koelé

Meer over