'Sfeer voor Kashmir-dialoog is beter dan ooit tevoren'

Rob Vreeken..

Van onze buitenlandredacteur

AMSTERDAM

Van tweeën een: óf Kashmir is onderdeel van India, óf dat is het niet. Het eerste is voor Pakistan volstrekt onaanvaardbaar, het tweede voor India. De gesprekken tussen de twee landen, die gisteren op de Maldiven werden opgewaardeerd tot premiersniveau, zijn dus gedoemd te mislukken - menen waarnemers die cynisch zijn geworden door vijftig jaar oorlog dan wel koude oorlog tussen de buurlanden.

Maar dat is niet de toonsoort van het muziekje dat opklinkt uit kringen rond beide delegaties. Daar wordt gesproken van het 'smelten van ijs', van het 'opbouwen van wederzijds vertrouwen' en van de kansen op een 'goed nabuurschap'.

'De sfeer voor onderhandelingen over Kashmir is beter dan ooit tevoren', zegt telefonisch vanuit New Delhi C. Uday Bhaskar, een marinebevelhebber die door de Indiase strijdkrachten is uitgeleend aan het Institute for Defense Studies and Analysis, een denktank in de hoofdstad. Ook al omdat in India van oudsher een brede politieke consensus bestaat over internationale vraagstukken, weerspiegelen de opvattingen van Bhaskar goeddeels het officiële Indiase standpunt.

Bhaskar baseert zijn optimisme op een aantal omstandigheden. Eerst en vooral is daar de versterkte positie van de Pakistaanse premier Nawaz Sharif, die de parlementsverkiezingen in februari won met een overweldigende meerderheid.

Hij heeft het meteen al aangedurfd de bepaling uit de grondwet te schrappen die de premier onder curatele stelt van de president. Premiers in Pakistan konden weinig doen tegen de zin van de militairen. Daarin, zegt Bhaskar, lijkt nu echt verandering te zijn gekomen.

'Ten tweede is er sprake van een sterk gewijzigde internationale omgeving', zegt de marinecommandant. 'In de hele wereld geldt niet langer het primaat van de politiek, maar van de economie. Landen zoeken economische samenwerking en zetten daarvoor hun politieke conflicten op een laag pitje.'

Als derde punt noemt Uday Bhaskar de stemming onder de bevolking in beide landen, die de regeringen ertoe zou moeten brengen naar een compromis te zoeken. 'Wat de mensen in Pakistan nu bezighoudt is hoe ze aan betaalbaar graan kunnen komen. Het zijn de leiders die de kwestie-Kashmir hoog op de politieke agenda houden.'

Toen het Pakistaanse tijdschrift Herald in januari een enquête hield, antwoordde 60 procent van de Pakistani's 'ja' op de vraag of hun land de betrekkingen met India moet verbeteren. Dit bewijst, aldus het blad, 'dat de anti-Indiase haviken in het establishment slechts namens een minderheid spreken'.

In India roept de kwestie-Kashmir al helemaal weinig enthousiasme onder de gewone mensen op, meent Bhaskar. 'Hoe zuidelijker je komt, hoe minder de mensen zijn geïnteresseerd in Kashmir.'

Toch is de weg naar een oplossing van het conflict ongetwijfeld een lange en moeizame. 'De partijen zijn het al niet eens over de definitie van het probleem. Dus ze moeten het eerst eens worden over wat nu eigenlijk onderwerp van gesprek is.'

Daarnaast staan de opvattingen over de procedure van onderhandelen lijnrecht tegenover elkaar. Voor Pakistan is Kashmir het 'kernprobleem', dat eerst opgelost moet worden vóór op andere gebieden de banden kunnen worden aangehaald. Bhaskar: 'Wij redeneren precies andersom: zorg dat op andere terreinen, bijvoorbeeld handel, vooruitgang wordt geboekt. Dat maakt de sfeer voor gesprekken over Kashmir aangenamer.'

Het liefst ziet India volgens Bhaskar een procedure à la Helsinki: de verschillende problemen worden over evenzoveel 'manden' verdeeld. En het is juist zó'n aanpak waartoe Sharif en Gujral gisteren op de Maldiven hebben besloten.

Niettemin blijft het moeilijk voorstelbaar tot welk haalbaar compromis zo'n werkgroep zou kunnen komen. Pakistan houdt onverkort vast aan een plebisciet over de toekomst van Kashmir, en India peinst niet over onafhankelijkheid voor de deelstaat, laat staan overdracht aan Pakistan.

Tot welke concessies is India volgens Uday Bhaskar eventueel wél bereid? Het is denkbaar, zegt hij, dat de bestandslijn uit 1948 wordt omgezet in een definitieve internationale grens. India geeft dan zijn claim op 'Pakistan Occupied Kashmir' op.

Ook zou New Delhi de deelstaat grotere autonomie kunnen geven. 'Maar dat is alleen mogelijk wanneer er geen terroristische dreiging meer is. India moet het vertrouwen kunnen hebben dat autonomie voor Kashmir niet wordt misbruikt door externe krachten.'

Meer over