Nieuws

Sekswerkers een groter coronarisico dan kappers of masseurs? Nonsens, zeggen zij zelf

‘Het bijzondere karakter van het beroep.’ Dat is volgens premier Rutte het verschil tussen een kapper en een sekswerker. ‘Je bent heel dicht bij elkaar, en dat vormt een risico qua overdracht van het virus.’ En daarom trekken de sekswerkers andermaal aan het kortste eind: alle contactberoepen mogen weer aan de slag vanaf 3 maart, behalve zij.

Gesloten prostitutieramen en seksinrichtingen op de Amsterdamse Wallen. Beeld Joris Van Gennip
Gesloten prostitutieramen en seksinrichtingen op de Amsterdamse Wallen.Beeld Joris Van Gennip

Is de besmettingskans tijdens een vluggertje op de Wallen inderdaad groter dan tijdens een uur rijles of massage?

Yvette Luhrs, van het platform Sekswerk Expertise, dat zich inzet voor de positieverbetering van sekswerkers, vermoedt van niet. ‘Er is naar mijn weten geen enkel onderzoek dat erop wijst dat sekswerkers en hun klanten vaker besmet raken dan klanten van rijinstructeurs of bezoekers van massagesalons.’

Bovendien heeft de branche een keurig veiligheidsprotocol klaarliggen. Daarin wordt het gebruik van niet-medische mondmaskers aanbevolen, evenals het verschonen van bedlinnen na iedere klant. Ook schrijft het protocol voor dat klant en sekswerker elkaars ‘vochtige ademzone’ vermijden ‘door werkzaamheden daarop aan te passen’. Bij voorkeur even geen missionarishouding dus.

Inspanningen en verplichtingen

Desalniettemin houdt het ministerie van Volksgezondheid de deuren van de bordelen gesloten. De argumenten daarvoor zijn opmerkelijk genoeg niet dezelfde als tijdens de eerste lockdown. Toen werden sekswerkers nog op één lijn gesteld met de sportscholen, omdat er sprake zou zijn van een ‘zware fysieke inspanning’. Daardoor zouden mensen meer luchtdruppeltjes uitstoten bij het ademen.

Deze keer gooit het ministerie het over een andere boeg en zou het risico bij sekswerkers voortkomen uit ‘moeilijkheden bij het opleggen van aanvullende verplichtingen’, aldus een brief aan de Tweede Kamer. Je laat makkelijker naam en telefoonnummer achter bij een kapper dan bij een bordeel, redeneert minister Hugo de Jonge.

‘Dat is echt nonsens’, stelt Luhrs. ‘Als je een escort boekt moet je toch altijd je adres opgeven? Anders wordt het wel lastig om bij de klant te komen.’ Ook een bordeeleigenaar kan volgens Luhrs prima een lijst neerleggen om daarop telefoonnummers te noteren. ‘Het enige risico is dat mensen een valse naam opgeven, maar dat geldt overal.’

Is het hier de moraal van een CDA-minister die maakt dat sekswerkers anders worden beoordeeld dan nagelstylisten of kappers? ‘Het heeft zeker te maken met het stigma rond onze beroepsgroep’, meent Luhrs. ‘Normaal gesproken kunnen politici niet genoeg benadrukken hoe kwetsbaar sekswerkers wel niet zijn’, aldus Luhrs. ‘Maar nu puntje bij paaltje komt, laten ze ons verhongeren.’

Meer over