Scalfaro weigert Lotta Continua-leider gratie

In de Don Bosco-gevangenis in Pisa riskeren drie ex-leiders van de ontbonden linkse beweging Lotta Continua de hongerdood. Vandaag krijgt president Scalfaro 170 duizend handtekeningen aangeboden om Adriano Sofri en de twee anderen gratie te verlenen....

Van onze correspondent

Jan van der Putten

ROME

Nobelprijswinnaar Dario Fo, die het geld van zijn prijs gebruikt om campagne te maken voor Sofri's vrijlating, heeft hem in de gevangenis ontmoet. Fo is bezig met een toneelstuk over de processtukken. Die bewijzen volgens hem overduidelijk dat Sofri, Ovidio Bompressi en Giorgio Pietrostefani onschuldig zijn.

Toen de drie in januari aan hun straf van 22 jaar begonnen, zeiden ze dat ze hoe dan ook in korte tijd de gevangenis zouden verlaten: 'Of met opgeheven hoofd, òf met de benen vooruit.' Dus òf vrij, òf dood. Ze hebben deelgenomen aan algemene hongerstakingen van gevangenen. Twaalf dagen geleden zijn ze hun eigen hongerstaking begonnen. Als ze zeggen dat ze bereid zijn tot het einde te gaan, moeten ze dodelijk ernstig worden genomen.

Dit drama begon 28 jaar geleden met een ander drama: de raadselachtige dood van de anarchist Pinelli. Tijdens een ondervraging op het hoofdbureau van politie in Milaan viel hij uit het raam. Volgens Lotta Continua (Voortdurende Strijd) was hij naar buiten geduwd door politiecommissaris Luigi Calabresi. Dario Fo heeft destijds over deze zaak een buitengewoon fel stuk geschreven.

In mei 1972 werd Calabresi doodgeschoten. Veel vingers wezen naar Lotta Continua en haar charismatische oprichter en leider Sofri, die een felle campagne tegen Calabresi had gevoerd. Maar er gebeurde niets. Totdat zestien jaar later een ex-lid van het inmiddels opgeheven Lotta Continua ging praten, de koekenbakker Leonardo Marino.

Volgens Marino was de commissaris vermoord door Bompressi en Pietrostefani in opdracht van Sofri. Hijzelf zou medeplichtig zijn geweest. Daarna volgden drie processen en zeven vonnissen. Het Hof van Cassatie annuleerde eerst een veroordeling, daarna een vrijspraak, en bevestigde ten slotte de veroordeling tot 22 jaar van Sofri, Bompressi en Pietrostafani. De spijtoptant Marino kwam door verjaring van zijn misdrijf vrij.

De vraag waarom Marino pas na zestien jaar wroeging kreeg, is nooit bevredigend beantwoord. Volgens degenen die overtuigd zijn van Sofri's onschuld, heeft de politie de koekenbakker voor zijn onthullingen betaald.

Die zouden door geen enkel feit zijn bewezen. Bovendien zouden de rechters bevooroordeeld zijn geweest en daarom hebben geloofd in leugens en halve waarheden. Maar een poging van Sofri om op die grond het laatste vonnis ongeldig te laten verklaren, leed op andere rechters schipbreuk.

Sofri heeft altijd volgehouden dat hij en zijn beweging niets te maken hebben gehad met de moord op de commissaris en met het terrorisme. Hij heeft excuus gevraagd voor het creëren van een hetzerig klimaat, maar hij weigert de weduwe van de commissaris spijt te betuigen voor een misdaad die hij niet heeft bedreven. Pas als hij dat doet, zal zij de president om gratie voor hem vragen.

Na de opheffing van Lotta Continua deed Sofri veel van zich spreken als journalist en vredesactivist, vooral in Bosnië en Tsjetsjenië. Ook nadat hij gevangen was gezet, bleef hij artikelen schrijven over maatschappelijke problemen en deelnemen aan tv-debatten.

Zijn vrienden van vroeger zijn uitgewaaierd over het hele politieke spectrum. Velen hebben leidende posities gekregen, van de historicus Carlo Ginzburg tot de adjunct-hoofdredacteur van de establisment-krant La Stampa en de hoofdredacteur van een berlusconiaans tv-journaal. Maar ze zijn allen, links of rechts, solidair met hun vroegere leidsman Sofri.

Comités hebben handtekeningen verzameld om gratie te vragen voor Sofri en de zijnen. Vooraanstaande juristen en politici zijn daar voorstander van.

Maar Sofri wil geen gratie, maar een nieuw proces. President Scalfaro heeft gezegd dat hij geen gratie kan geven omdat het vonnis nog te vers is en hij de rechters niet kan desavoueren. Wel kan het parlement besluiten tot een algemeen pardon voor terroristen. Reactie van Sofri: 'Dat slaat niet op ons, want wij zijn geen terroristen. Bovendien, als het parlement ten slotte dat besluit zal nemen, zijn wij al lang dood.'

Meer over