Nieuws

Rutte zet EU-deur op piepklein kiertje voor Oekraïne, laat irritatie blijken over diplomatie

Premier Mark Rutte acht de kans dat Oekraïne in juni het kandidaat-lidmaatschap van de Europese Unie krijgt ‘niet heel erg groot’, al verwacht hij wel dat de EU in juni ‘een stap’ zal zetten. Rutte lijkt te voelen voor de ‘Bosnische variant’: Oekraïne, en wellicht Moldavië, ‘perspectief bieden op kandidaat-lidmaatschap’, samen met een reeks eisen.

Arnout Brouwers
Minister-president Mark Rutte spreekt het Oekraïense parlement toe via een videoverbinding op 12 mei. De premier doet dat op verzoek van president Volodymyr Zelensky.  Beeld ANP
Minister-president Mark Rutte spreekt het Oekraïense parlement toe via een videoverbinding op 12 mei. De premier doet dat op verzoek van president Volodymyr Zelensky.Beeld ANP

Dat zei de premier maandag in de Tweede Kamer tijdens een vooroverleg voor de EU-top volgende week, al benadrukte hij dat alles nog kan. Hij begon zijn betoog met de opmerking dat Nederland ‘niet voor of tegen toetreding is van Oekraïne, Moldavië en Georgië. Dat zijn allemaal landen die in Europa liggen. Ze hebben allemaal perspectief op toetreding, dus als ze voldoen aan de eisen kunnen ze lid worden.’

Maar Rutte liet er geen misverstand over bestaan dat ook Oekraïne tot 24 februari ‘een heel grote afstand had van de Europese waarden als het ging om corruptie, persvrijheid, mensenrechten’. Veel zal afhangen van een advies van de Europese Commissie, dat in juni wordt gepubliceerd. Daarna besluiten de lidstaten wat te doen. Dat Oekraïne tot de Europese familie behoort, zei de premier, ‘is meer een emotionele uitspraak dan een juridische’.

‘Ik ben tegen een shortcut’, zei Rutte. Dat vraagt niemand, antwoordde Kati Piri (PvdA). Maar sommige partijen in de Kamer, PvdA en D66 voorop, vinden dat het kandidaat-lidmaatschap vooral een politiek signaal is, dat nu gegeven moet worden. Zij betogen dat daarna nog vele jaren onderhandelingen volgen om ervoor te zorgen dat een land voldoet aan alle criteria. Het CDA liet maandag voor het eerst weten hier ook met ‘een positieve grondhouding’ naar te kijken.

Zorgelijke situatie op de westelijke Balkan

Maar Rutte herinnerde aan Albanië en Noord-Macedonië, landen die jarenlang (vooral ook van Nederland) eisen op hun bord kregen alvorens ze kandidaat-lid konden worden. De ‘zorgelijke situatie op de westelijke Balkan’, waar veel staten al jaren in verschillende fases richting toetreding zitten, noemde de premier ook als een reden tot voorzichtigheid. Hij toonde zich gecharmeerd van de Bosnische variant. ‘Niet voor niets is bij Bosnië gezegd: jullie worden potentieel kandidaat-lid, en dat is vergezeld gegaan van veertien aanbevelingen van de Commissie voordat je kandidaat kunt worden. Ook dat is denkbaar in juni. Dan blijf je in ieder geval in de systematiek enigszins consequent.’

Rutte liet tijdens het debat enkele malen – en voor het eerst – zijn irritatie blijken over de Oekraïense diplomatie. ‘Het beeld wordt weleens opgeroepen, ook door Oekraïne, alsof er één land is dat als laatste probeert een vinger in de dijk te houden – en dat zou Nederland zijn, of Duitsland of Frankrijk, of Spanje of Denemarken. Maar dat is niet zo. Al deze landen zeggen: doe het maar even stap voor stap.’

Politieke gemeenschap

Ook zei hij over de mogelijke teleurstelling in Kyiv als ze in juni iets krijgen dat minder is dan kandidaat-lidmaatschap: ‘Iedereen mag ons een vraag stellen, maar wees dan ook niet bang voor het antwoord.’ De Oekraïense Minister van Buitenlandse Zaken Dmytro Koeleba verweet West-Europese politici vorige week in Den Haag ‘angst om leiderschap te tonen’.

Koeleba, die wel de betrokkenheid prees van Rutte en minister van Buitenlandse Zaken Wopke Hoekstra bij de oorlog in Oekraïne, noemde Nederlandse politici ‘gesloten’, en citeerde een gesprekspartner die hem had gezegd: ‘Je hoeft mij niet te overtuigen, maar ik heb 150 parlementsleden die hiertegen zijn en ik weet niet hoe ik hen kan overtuigen.’

Maandag zei Rutte: ‘Als de Oekraïense minister van Buitenlandse Zaken, die ik zeer respecteer, overal waar hij wegvliegt zegt: ‘ja, ik heb niet meteen gehoord dat ik kandidaat-lid mag worden, ik ben nu boos op dit land’... Het is helemaal prima dat hij dat zegt, vrije wereld. Maar dan wordt het ook lastig om woorden te vinden waarmee Oekraïne dadelijk kan zeggen: er is een stap gezet.’

Tot slot zei Rutte dat hij wel oren heeft naar de Franse ideeën om niet-EU-landen een soort ‘politieke gemeenschap’ te bieden. Hij is ervan overtuigd dat het een oprecht voorstel is, ‘maar we moeten een beetje oppassen dat het niet een parkeerplaats is die wel heel ver van de kust ligt’.

Meer over