Rusland schuift niet langer gedwee aan bij G7

Zelfverzekerd door zijn immense populariteit bij de bevolking en een grote economische groei, trekt de Russische president Poetin zich niets aan van de kritiek op zijn beleid....

De G8-top van het komende weekeinde heeft een grotere kans om gedenkwaardig te worden vanwege de locatie, dan vanwege de inhoud. Voor het eerst komen de acht machtigste landen bijeen op Russisch grondgebied. President Vladimir Poetin ontvangt de wereldleiders in het fraaie tsarenpaleis Peterhof in zijn geboortestad St.-Petersburg.

Poetin wil deze top gebruiken om te bewijzen dat Rusland een volwaardig lid is van de acht grootste geïndustrialiseerde landen, dat het volste recht heeft om mee te praten over grote internationale problemen. ‘Wij geloven niet dat wij de Koude Oorlog verloren hebben’, zei zijn ideologisch adviseur Vladislav Soerkov onlangs. ‘Wij geloven dat we ons eigen totalitaire systeem hebben verslagen.’

Poetin heeft reden om zelfverzekerd te zijn. Hij is verreweg de populairste van alle G8-leiders, met een constante steun van 70 procent van de bevolking. En de Russische economie, die weliswaar in omvang nog elf landen voor zich heeft, is sinds 1999 met meer dan 6 procent per jaar gegroeid. Dat is voor een groot deel te danken aan de hoge olieprijzen. Maar ook de detailhandel, telefonie, informatietechnologie en de productie van consumptiegoederen hebben enorme sprongen gemaakt.

In 1991 schoof Sovjetleider Michail Gorbatsjov voor het eerst aan tafel bij de leiders van de G7, om te praten over de veiligheid van de nucleaire erfenis van de Koude Oorlog. In 1992 werd president Jeltsin uitgenodigd als gebaar van steun aan de jonge democratie, en ook ter compensatie van uitbreidingsplannen van de NAVO, waar Moskou fel tegen was. In 1998 werd Rusland volwaardig lid.

Maar de tijd dat Rusland gedwee en onderdanig aanzat bij de G7, is voorbij. President Poetin trekt zich niets aan van de kritiek op zijn beleid. Hij is voorstander van de multipolaire wereld en heeft de banden met China en India aangehaald.

‘Niet iedereen is blij te zien dat de Russische economische en internationale positie zo snel herstelt’, zei Poetin vorige maand. ‘Sommigen zien een sterk Rusland nog steeds als een bedreiging.’ De uitbreiding van de NAVO naar het oosten is daar volgens de Russen een voorbeeld van, net als de Europese terughoudendheid om Russische bedrijven te laten deelnemen in hun energie- en grondstoffenmarkten.

Op de officiële agenda voor de G8 staan energieveiligheid, non-proliferatie, onderwijs en de verspreiding van infectieziekten. Poetin en Bush hopen verder bilaterale afspraken te kunnen maken over samenwerking op het terrein van nucleaire energie. De verwachting is ook dat de VS eindelijk zullen instemmen met Ruslands toetreding tot de Wereldhandelsorganisatie (WTO), iets waar Moskou al sinds 1993 naar streeft.

Maar in de dertig jaar dat de groten der aarde bijeenkomen, overschaduwden internationale crises vaak de officiële en economische agenda’s. De crisis tussen Israël en Libanon zal zeker ter sprake komen. Rusland en de EU vinden Israëls vergeldingsacties buiten proporties, terwijl de VS begrip toont.

Over de nucleaire ambities van Noord-Korea en Iran verschillen de meningen ook. Alle acht leiders zijn eensgezind tegen de opkomst van nieuwe kernwapenmachten, maar voor Rusland zijn economische sancties onbespreekbaar. Twee jaar geleden was alles nog koek en ei tussen Poetin en het Westen. De wereldleiders hadden elkaar gevonden in de strijd tegen het internationaal terrorisme.

Maar de relatie is bekoeld. Het begon met Moskous verzet tegen de gekleurde revoluties in de buurlanden. Vervolgens klonk uit het Westen steeds vaker kritiek over het gebrek aan persvrijheid in Rusland, de afnemende democratie en de toenemende staatscontrole in de economie. De relatie bereikte een dieptepunt rond de jaarwisseling, toen het Kremlin de gaskraan naar Oekraïne dichtdraaide in een ruzie over hogere gasprijzen. De Amerikaanse vice-president Dick Cheney beschuldigde Rusland ervan olie en gas te gebruiken als ‘instrumenten voor intimidatie en chantage’.

De autoritaire koers van Poetin brengt de bezoekende landen in een lastig parket. Europese en Amerikaanse leiders worden door het thuisfront onder druk gezet hem aan te spreken op zijn binnenlands beleid. Ook de Russische oppositie vroeg de G8-leiders Poetin op het matje te roepen over de mensenrechten en democratie. Prominente Amerikanen, onder wie de Republikeinse senator John McCain, riepen president Bush zelfs op om de top te boycotten.

Poetin is best bereid om te luisterde naar goedbedoelde en onderbouwde kritiek, zolang ‘het kolonialistische toontje’ maar achterwege blijft. ‘Sommige van onze partners hebben nog steeds de behoefte om ons beleid te willen beïnvloeden. Die behoefte moeten ze maar snel kwijtraken.’

Meer over