Rozen

Een van de laatste boeken van Arthur Conan Doyle was History of Spiritism. Met dezelfde toewijding als waarmee Sherlock Holmes de meest uitdagende raadsels hier op aarde heeft opgelost, probeerde Doyle gedurende de laatste vijftien jaren van zijn leven de mysteries van gene zijde te ontsluieren....

ED SCHILDERS

In 1930 verbleef Doyle in Parijs om propaganda te maken voor het spiritisme. Tijdens een interview beloofde hij een wat twijfelzuchtige journalist dat hij, Doyle, na zijn dood met hem contact zou opnemen. Toen Doyle enige maanden later overleed, herinnerde de journalist zich de toezegging en hij organiseerde een seance met een medium. Om tien uur 's avonds begon de zitting, maar na vier uur hard werken had zich nog niemand van gene zijde gemeld.

Voor Victor Hugo was 1847 een 'somber jaar'. In zijn notitieboekje schreef hij dat het jaar begon met een vrijdag en ermee eindigde. Op 15 oktober 1848 betrekt Hugo een nieuw appartement en hij noteert dat de meubels op de dertiende zijn afgeleverd, dat de leverancier achter op de spiegel het cijfer 13 had geschreven en dat zijn tijdelijke huurkamer huisnummer 13 heeft. En hij voegt eraan toe: 'Lord Byron, Rossini, en Paganini zouden geweigerd hebben onder zulke omstandigheden hun intrek te nemen.' Elders in zijn aantekenboekjes herinnert Hugo zichzelf aan Rossini's dood: vrijdag 13 november 1868.

Victor Hugo heeft in zijn agenda's en notitieboekjes ook nauwkeurig aantekening gehouden van de geesten die aan hem verschenen, de stemmen die hij hoorde, de lichtschijnsels die hij zag, en het aantal malen dat de klopgeesten zich lieten horen. Hij doet dat zonder pathos of drama. Hij noteert hoeveel hij de tuinman betaalt, hoe de asperges smaakten, dat het dienstmeisje zwanger is en dat een vrouw zonder hoofd aan hem verschenen is. 26 augustus 1873: 'Vannacht, vreemd geschreeuw in de bomen, overal in huis hoorbaar.'

'De nacht is spraakzaam', schreef Hugo en altijd hoopte hij weer dat de nacht de stem zou hebben van zijn overleden geliefden: zijn dochter Léopoldine, zijn kleinzoon Georges, die, zo noteert hij, in de dertiende maand van zijn korte leven stierf. Of van zijn zoon Charles die op 13 februari in Bordeaux was aangekomen en op 13 maart was overleden.

3 augustus 1875: 'Vannacht - ik kon niet slapen - heb ik zeer duidelijk, dicht bij mijn oor, een kinderstem gehoord die zei: papa.'

3 maart 1854: 'Vanochtend, bij zonsopgang, heb ik een zachte, lage stem gehoord, die bij mijn oor sprak: Victor'

13 september 1874: 'Na het eten kreeg ik bezoek van een jonge Amerikaan, vergezeld van een jonge, spiritistische Engelsman die zegt dat hij onbekende wezens heeft gezien, hun handen heeft aangeraakt en met hen heeft gesproken. Aan een van hen heeft hij een roos gegeven; het wezen heeft de roos aangenomen en is toen met de roos verdwenen.'

De nacht was ondertussen niet erg spraakzaam in de Parijse hotelkamer waar de journalist op Conan Doyle wachtte. Na vier uur trance begon het medium eindelijk signalen door te krijgen. 'Bent u sir Arthur Conan Doyle?' Die was het niet.

'Hoe is dan uw naam?' Het was Victor Hugo.

Stilte en na een uur opnieuw contact. Het was Anatole France, maar ook die was niet spraakzaam.

Ten slotte komt rond vier uur 's nachts Doyle door. Hij heeft een boodschap, zoals aan de journalist beloofd: 'Rozen . . . Er zijn rozen hier . . . Hartelijke groeten aan allen die mij geroepen hebben.' Toen werd het ochtend en stil.

Ed Schilders

Meer over