Ronselen partijleden niet alleen maar verbieden

PvdA en GroenLinks maakten korte metten met de pogingen van twee allochtone politici extra steun te krijgen door partijleden te ronselen....

VORIGE WEEK woensdagavond streden twee allochtone mannen op de ledenvergadering van hun politieke partij voor een raadszetel. In ieders kielzog volgde een fikse fanclub van geronselde leden. Dit stemvee was voor de gelegenheid lid gemaakt van de partij in kwestie, soms doordat degene over wiens lot beschikt moest worden, de contributie had voldaan. De kaders van de partijen, GroenLinks en PvdA, spraken er schande van en ontnamen de gelegenheidsleden hun stemrecht.

In een Haags zalencomplex en in een Amsterdamse kerk zagen Ahmet Daskapan en Wesley Amzand hun afgang aankomen. Daskapan is al drie jaar lid van de gemeenteraad van Den Haag voor GroenLinks, maar stapte een paar weken geleden ontevreden uit de fractie. Zijn raadszetel behield hij, zeer tegen de wens van de partij natuurlijk. De afdeling van GroenLinks in de Hofstad belegde vorige maand een ledenvergadering over de kwestie, maar daar bleken de medestanders van de Turk in de meerderheid. Daarom vergaderde men afgelopen week opnieuw, maar nu weerde het partijbestuur alle nieuwe leden, die voor het overgrote deel door Daskapan en zijn vrienden waren geronseld. Die vergadering was het Turkse raadslid minder goed gezind.

Op dezelfde avond deed zich in de hoofdstad een zelfde tafereel voor. De afdeling van de Partij van de Arbeid van het stadsdeel Zuidoost stelde de lijst op voor de naderende deelraadsverkiezingen. De Surinamer Amzand wilde lijsttrekker worden, maar de kandidaatstellingscommissie verkoos een ander. Omdat Amzand wist dat de leden het laatste woord hebben over de lijst, heeft hij nieuwe leden geronseld. Het partijbestuur betwijfelt echter of deze nieuwelingen wel echt een band met de PvdA aan willen gaan, en ontneemt hen het kiesrecht. Amzand verliest de strijd om het lijsttrekkerschap en eindigt op de vijfde plaats van de kieslijst.

Het staat buiten kijf dat het ronselen van leden niet door de beugel kan. Progressieve partijen als de PvdA en GroenLinks geven hun leden niet voor niets het laatste woord bij gewichtige zaken, zoals het verkiezingsprogramma of de kandidatenlijst. Het gaat dan niet aan om mensen lid te maken en te gebruiken als stemvee. Verenigingen gunnen leden invloed omdat die leden begaan zijn met hun club. Gelegenheidsleden zijn dat niet.

De gevestigde kaders van de PvdA en GroenLinks hadden echter meer moeten doen dan een njet verordonneren. Deze afwerende houding van de beide partijen toont hun onvermogen aan om de achterban van de betreffende kandidaten te committeren aan de partij. Kandidaten als Amzand en Daskapan moeten juist worden gestimuleerd bij het werven van echte leden, die zichzelf aanmelden en hun eigen contributie betalen. De nieuwelingen moeten zich aan de partij binden. Een dergelijke aanpak is om drie redenen te verkiezen boven de nu verkozen weg van confrontatie.

Ten eerste is het democratisch nogal merkwaardig om mensen het recht te ontnemen om te stemmen. Er moet het nodige mis zijn, wil je tornen aan het principe dat ieders stem telt. Er wordt gezegd dat mensen buiten hun weten lid zijn gemaakt, doordat iemand anders hun naam heeft doorgegeven en de contributie heeft betaald. Zoiets is schandalig, maar ook gemakkelijk het hoofd te bieden. Deze mensen weten immers niet eens dat ze lid zijn en zullen dus niet ter vergadering verschijnen. Als men volmachten verbiedt, en dat is meestal al zo, zullen de geworven leden zelf moeten komen opdagen. Dat maakt hun gelegenheidslidmaatschap al een stuk minder vrijblijvend.

Een tweede reden waarom de afwerende houding van de PvdA en GroenLinks onvoldoende is, heeft te maken met het werven van nieuwe groepen mensen. Politieke partijen zijn vaak grijze bolwerken die de grootste moeite hebben om jongeren en allochtonen te werven. Je kunt veel van Daskapan en Amzand zeggen, maar ze zijn er naar verluidt wel in geslaagd om respectievelijk 400 en 250 lidmaatschapsbonnetjes te bezorgen bij de partijbureaus. Ook al filter je daar fictieve namen en onwetende mensen uit, dan houd je toch een flinke score over. GroenLinks heeft in de Hofstad nota bene een ledenstop ingevoerd om het probleem het hoofd te kunnen bieden. Zoiets verwacht je bij verhuurders van studentenkamers in universiteitssteden, maar niet bij slinkende politieke partijen.

De derde reden waarom het jammer is dat de PvdA en GroenLinks de ronselpraktijken zo onomwonden hebben verfoeid, is dat dit een tegenslag is voor de partijdemocratie. Politieke partijen worstelen met de vraag hoeveel invloed ze hun leden moeten geven, en hoe zeer de volksvertegenwoordigers en bestuurders verantwoording moeten afleggen aan de partij. Oude vormen zijn afgeschaft, zoals de partijraad met gewestelijke baronnen bij de PvdA.

Nieuwe vormen, zoals een politiek forum met diverse leden, komen aarzelend van de grond. De ophef rondom de recente ronselpraktijken sterkt de sceptici in hun geloof om leden niet al te veel zeggenschap te geven. De belangrijke afwegingen moeten worden gemaakt door mensen met een functie, zo meent men.

Zo zal de PvdA partijen als GroenLinks nu niet meer zo snel volgen in het toestaan van ledeninvloed op landelijk niveau. De sociaal-democraten kennen bij landelijke congressen geen one-man-one-vote-principe, zodat het verkiezingsprogramma en de kandidatenlijst voor de Tweede Kamer worden vastgesteld door afdelingsafgevaardigden. Het gaat dan vaak om de lokale voorzitter of secretaris. Op gemeentelijk niveau mogen wel alle PvdA-leden stemmen; daarom ging Amzand zo fanatiek leden werven in Amsterdam-Zuidoost. Na de herrie daarover ziet het er niet naar uit dat de partijtop dit ook mogelijk wil maken op haar landelijke vergaderingen. Dat is jammer, want mensen worden lid van een partij om invloed te kunnen hebben.

Al met al doen de PvdA en GroenLinks er dus goed aan om niet alleen maar ronselpraktijken te verfoeien, maar ook een alternatief te bieden. Men moet partijleden met ambities om een politiek ambt te bekleden, stimuleren om nieuwe leden te werven. Aan de nieuwelingen mogen eisen worden gesteld, zoals het willens en wetens toetreden tot de partij en daar zelf voor betalen. Ook kan er een minimale periode gelden alvorens partijleden kiesrecht krijgen. Als dergelijke criteria gelden, mogen de PvdA en GroenLinks hopen dat er zich meer kandidaten met ledenwerfplannen melden.

Meer over