Ronny Lobo in CuraÇao

Architect en schrijver Ronny Lobo leidt ons langs de groten van de Nederlandse en Papiamentse literatuur op Curaçao.

JEAN MENTENS

Ronny Lobo (59) is de jongste loot aan de Curaçaose literaire stam. Zijn debuutroman Bouwen op drijfzand (In de Knipscheer, euro 22,00) ligt net in de winkel. 'Ik ben geboren en getogen op Curaçao, maar uit Surinaamse ouders', zegt de schrijver.

'Mijn literaire peetvader is Frank Martinus Arion. Hij heeft mijn manuscript gelezen. Frank heeft me hard aangepakt. Mijn boek is na zijn kritiek zo veel beter geworden. In mijn ogen is Arion onze grootste levende schrijver, en zijn roman Dubbelspel is nooit overtroffen.'

Dubbelspel speelt zich af op Curaçao, in het fictieve gehucht Wokota. De meeste gebeurtenissen en dialogen spelen zich af in het huis van hoofdpersoon Boeboe Fiel, een kerkhof en Campo Alegre 1, het reuzenopenluchtbordeel in de buurt van de luchthaven Hato 2, dat al bijna 65 jaar echt bestaat.

'Mijn boek is voor 80 procent autobiografisch', zegt Lobo, 'behalve de seks die erin voorkomt, die kon ik enkel dromen.'

Lobo is architect en heeft uit zijn ambacht geput voor zijn boek. 'Ik merkte eens hoe een dominante man het voor mij niet kon verbergen dat zijn timide vrouw feitelijk de belangrijkste beslissingen nam. Er kwam ook eens een opdrachtgeefster te overlijden vlak voordat ze de sleutel van haar huis van de aannemer ontving.

'Voor de presentatie van mijn boek zocht ik naar een symbolische plek en die heb ik gevonden bij de baai van Santa Martha 3.'

Dat is een van de mooiste plekken van Curaçao. De natuur is er ongeschonden en er heerst een 17de-eeuwse rust. Op een idyllische plek verrijzen plots spookachtige heipalen van een verlaten project voor een hotel. De bouw is gestaakt na de opstand van 30 mei 1969, die Willemstad in brand zette.

'Zelf heb ik niets met het mislukte project te maken gehad, maar ik ben wel altijd geïntrigeerd geweest door de betonnen heipalen als stille getuigen van mislukking, in deze mooie omgeving.'

Niet ver van deze plek wordt een nieuw project ontwikkeld voor rijke mensen die bij hun geld willen komen wonen: 'Investeer in een toekomst waarin de vraag naar locaties met een gunstig belastingklimaat toeneemt, terwijl het aanbod afneemt', beveelt de ontwikkelaar aan op zijn website.

'Laat ik je meenemen naar onze meest literaire begraafplaats', zegt Lobo, 'de dood is immers ook een thema in mijn boek.'

Parijs heeft Père Lachaise en Londen heeft Highgate. Curaçao heeft zijn eigen tropische Zorgvlied waar de dichtheid aan overleden politici, kunstenaars, schrijvers en dichters hoog is: de begraafplaats van Bottelier 4.

'Hier liggen de monumenten van de Papiamentstalige poëzie', zegt Lobo en houdt stil bij de graven van Pierre Lauffer en Elis Juliana. We wandelen verder onder ruisende bomen die nog amper op het eiland te vinden zijn, maar nog wel op deze begraafplaats: de appeldam, de mispel, de kenepa en de mahok.

Bij een kleine nis in een wal waar de graven vijf hoog zijn gestapeld, stopt Lobo. 'Hier ligt Boeli van Leeuwen', zegt hij. 'Van de grote drie van de Nederlandstalige literatuur op Curaçao is alleen Arion nog in leven.

'Tip Marugg, de derde van de drie, ligt niet op Bottelier maar op de protestantse begraafplaats aan de Roodeweg in Otrobanda 5, maar die zit meestal op slot.'

Op het eiland wordt, behalve in Bottelier, haast nooit een graf gegraven in een groene omgeving. Meestal wordt een huisje gebouwd voor de overledene. De begraafplaats ziet eruit als een dodendorpje, zonder groen.

'Weet je dat het huisjes bouwen voor de doden op de Franse Caribische eilanden Martinique en Guadeloupe nog veel verdergaat? Daar worden gebouwtjes neergezet met alles erop en eraan: ramen, deuren, pilaren, een portiekje voor het huis, helemaal compleet.'

undefined

Meer over