Retoriek Bush krijgt holle klank

George Bush raakt in de problemen. In de politiek bestaat altijd afstand tussen retoriek en feiten, maar in het geval van de Amerikaanse president dreigt die afstand een kloof te worden....

Gisteren bracht de Amerikaanse zender CNN de laatste cijfers. Ze bevestigen het probleem van de president, zijn gestage neergang in geloofwaardigheid.

Als nu verkiezingen zouden worden gehouden, zou 55 procent van de Amerikaanse bevolking kiezen voor de Democraat John Kerry. George Bush zou blijven steken op 43 procent. De president zou op dit moment zelfs verliezen van John Edwards, de tweede man in de race om de Democratische presidentskandidatuur: 54 tegen 44 procent.

De cijfers zeggen weinig over de uitslag van 2 november, de enige uitslag die telt. De Democraten hebben nu nog de zegen van massale media-aandacht, nu zij verwikkeld zijn in de strijd om de nominatie. George Bush moet nog beginnen. Hij heeft als zittende president het voordeel dat hij over de politieke agenda gaat en dat hij zijn eigen momenten van glorie kan creëren. Bush is bovendien een geweldige straatvechter. En tenslotte kan hij de komende maanden een recordbedrag van meer dan honderd miljoen dollar aan campagnegeld stuk smijten.

George Bush is nog lang niet verslagen, maar vergeleken met vorig jaar zomer is de kentering markant. Hij had een formidabele positie in de peilingen, de Democraten waren verdeeld, hun kandidaten weinig bekend bij het publiek. In Republikeinse kring werd hardop gespeculeerd over de kans dat de herverkiezing van Bush gepaard zou gaan met een aanzienlijke verschuiving van de krachtsverhoudingen in het Congres,een verschuiving die zou resulteren in een langdurige Republikeinse overmacht.

Dat lied, dat wordt niet meer gezongen. Ervoor in de plaats is de stilte van de ingehouden adem getreden: komt dit wel goed? George Bush is in het defensief gedrongen. Hij probeert de aanval over te nemen, maar tot nu toe gaat hem dat slecht af.

De grote werken voor een nieuwe tijd die hij de afgelopen twee maanden lanceerde, zijn stuk voor stuk verdampt. Weinig mensen namen het plan om een man naar Mars te sturen, serieus. Zijn voorstel om het enorme probleem van de illegale immigratie in de Verenigde Staten op te lossen, is vooral ook in eigen kring afgewezen als een halve oplossing. De nieuwe wet op medicijnverstrekking aan ouderen blijkt nog veel kostbaarder dan door de president werd gesuggereerd. In zijn eigen partij voelen velen zich belubberd.

Bush' bedoeling met de kiezer is wel duidelijk: hij vraagt om beloning voor standvastig leiderschap. Maar dat leiderschap heeft een onduidelijk karakter.

De president is enerzijds een leider die voorop gaat in angst. Hij houdt niet op de mensen de zorgelijkheid aan te praten – ach, hij zou wensen dat het anders was, doch we leven in een boze wereld waar het gevaar loert vanachter elke boom. Maar als Tim Russert, standvastig ondervrager in het zondagse televisieprogramma Meet the Press, hem voorhoudt dat die massavernietigingswapens er echt niet waren, lijkt de president van de Verenigde Staten opeens op een kind dat zijn zin niet krijgt. Dan zegt hij dat Irak hoe dan ook een gevaar was voor Amerika en dat Saddam Hussein 'een gek' was en dat het heel goed is dat hij Irak is binnengevallen.

Anderzijds is de president een leider van de onbekommerde zonnigheid. Het gaat goed, alles gaat goed, met de productiviteit gaat het goed, met de inflatie gaat het goed, met de economische groei gaat het heel goed, en het zal allemaal nog beter worden.

Het Witte Huis bracht vorige week een rapport uit, door Bush ondertekend, waarin staat dat er nog dit jaar 2,6 miljoen nieuwe banen komen. Iedereen weet dat het een illusie is. De president, geconfronteerd met het feit dat de afgelopen vijf maanden slechts 366-duizend nieuwe banen zijn geschapen, krijgt opnieuw iets kinderlijks over zich. Hij roept dat de economie groeit en dat het allemaal nog veel sneller zal gaan – en laat het daarbij.

Dezelfde beweging maakt hij als hem het enorme begrotingstekort wordt voorgehouden dat hij in drie jaar heeft opgebouwd. Het zal in vijf jaar worden gehalveerd, zegt hij dan. Niemand die het gelooft, maar de president blijft het zeggen.

De Democraten zijn vast van plan van de verkiezingen een referendum over George Bush te maken. Gelijk hebben ze.

Meer over