Reporters van de boulevardpers: menselijke cloaca's

Erik van den Berg deelt dagelijks een opmerkelijk fragment uit zijn verzameling historische dagboeken.

Erika Pluhar. Beeld anp
Erika Pluhar.Beeld anp

München, 28 september 1976.

Kliniek aan de Isar. Een goedaardig knobbeltje ter grootte van een hazelnoot is uit mijn borst gesneden. Dankzij de morfine heb ik 24 uur gedommeld, deels in slaap, deels ongegeneerd genietend van het effect van de morfine. De ontdekking van een alles doorstralende ordening, gedachten die zich aaneenrijgen als parels aan een snoer.

Misschien is dat wel de reden dat ik zo weinig gevoelig ben voor verslavingen: omdat ook het onopgeloste, wroetende leven mij goed bevalt. Wel aangenaam natuurlijk is het wegvallen van de angst.

Ik heb net ontbeten (zuster Lyra, een verpleegster als uit een droom: resoluut, liefdevol, een gezond en goedhartig gezicht boven een vertrouwenwekkend gezet lichaam).

Hoe ik vanavond in Bayreuth moet spelen, is me niet geheel duidelijk. In ben bovendien van slag door de schaamteloze koppen in de Bildzeitung. Het tuig, ze grijpen elke kans om iemand te beschadigen of te krenken - dit zijn mensen die hun schamele beetje ziel al lang hebben verkocht. Menselijke cloaca's die door geen vuil meer geraakt worden, omdat ze zelf geheel en al uit vuil bestaan.

Ik begrijp niet hoe je het als journalist in deze branche uithoudt met jezelf en je ellendige waardeloze leven, zonder je op een dag voor je kop te schieten.

2 oktober

Rit van Schaan naar Erlangen. Gisteren het grote huilen. Nogal aan het einde van mijn krachten vandaag. Depressie. Benijd mensen die zo maar in hun voordeur staan en een beetje in de verte staren.

Plat, lelijk Duitsland, onder een lage, grauwe hemel.

Erika Pluhar (1939), Oostenrijkse actrice, zangeres en schrijfster. Uit Aus Tagebüchern. Rowohlt Verlag, 1981.

Meer over