Reiziger profiteert van verkoop treinen

'Wij gaan in de Achterhoek voor hetzelfde geld twee keer zoveel treinen rijden', zegt directeur F. van Setten van Sintus, een samenwerkingsverband van NS, busbedrijf Oostnet en het Franse Cariane....

Sintus is het inspirerende voorbeeld van minister T. Netelenbos van Verkeer. Dinsdag deelde de minister mee dat ze 33, voornamelijk onrendabele stoptreinen, in de verkoop gaat doen. Bedrijven die de goedkoopste en kwalitatief beste aanbieding doen, mogen de exploitatie van de lijnen overnemen van de Nederlandse Spoorwegen.

Sintus loopt op het beleid vooruit. De Achterhoekse reizigers zijn er blij mee. Vanaf mei rijden er meer treinen, sluiten de bussen goed aan, en kunnen passagiers met eéé kaartje in zowel bus als trein terecht. Daarnaast raken ze de oude, stinkende diesellocomotieven van de NS kwijt. 'We hebben net elf splinternieuwe treinen gekocht, die vanaf 2001 gaan rijden', zegt Van Setten.

De treinen zijn gekocht met het oog op het nieuwe vervoer dat Sintus gaat aanbieden. Ze trekken snel op en kunnen door één man worden bestuurd. Dat is van belang, omdat Sintus zowel treinen als bussen gaat rijden. Buschauffeurs moeten op de bok kunnen plaatsnemen en machinisten achter het stuur. 'Vroeger sloten bussen en treinen niet op elkaar aan. Als er een trein op een station aankwam was er vaak geen bus. En als er een bus arriveerde, was er in geen velden of wegen een trein te zien', zegt Van Setten, voorheen directeur bij busbedrijf Oostnet.

Samen met mede-directeur J.W. Allersma (ex-NS) is hij om de tafel gaan zitten. 'We pakten de kaart van het gebied en zeiden: als we alles opnieuw zouden indelen, hoe zouden we dat dan doen?' De beide spoorlijnen werden het uitgangspunt en de bussen werden hierop aangepast. In drukke tijden rijden er grote bussen, in rustige tijden kleine. 'Maar er is altijd een bus als er een trein aankomt', belooft Van Setten.

Dat lijkt vanzelfsprekend, maar is dat niet. Vrijwel overal in Nederland rijden bussen op dezelfde routes als de treinen. Bovendien houden ze nauwelijks rekening met elkaar. 'Bij ons voeden de buslijnen de treinen', zegt Van Setten.

In de Achterhoek zijn ze al een paar jaar bezig met een betere aansluiting van bus en trein. Sinds 1991 is daardoor het aantal passagiers met 25 procent gestegen. Van Setten verwacht dat als straks het nieuwe bedrijf van start gaat er nog een aanzienlijke groei te halen valt.

Sintus is ontstaan op initiatief van NS en busbedrijf Oostnet. Beide bedrijven moesten ook wel, want de spoorlijnen kwijnden weg. Eind jaren tachtig wilde Neelie Kroes, de toenmalige minister van Verkeer, de lijnen sluiten. Ze kostten te veel geld. Bussen kunnen het vervoer makkelijk opvangen, vond de minister.

Nu is Sintus het troetelkind van minister Netelenbos. De minister wil het liefst dat treinen en bussen in een hand komen, maar dat hoeft niet als er maar een beter product voor de reiziger uitkomt. Sintus is net als Noordned in Friesland een experiment. Beide bedrijven hebben niet hoeven wedijveren met andere bedrijven. Onderhands hebben ze een vergunning voor vijf jaar gekregen. Daarna gaan ze in de verkoop.

De NS mag daarbij, net als bij de overige lijnen, niet meebieden. Netelenbos vindt NS een veel te dominante partij. 'We zetten geen monopolist in de markt. Dat is het ergste van alle kwalen', zei ze dinsdag bij de presentatie van haar plannen.

De Nederlandse Spoorwegen vinden hun uitsluiting niet erg. De onrendabele lijnen kosten het spoorbedijf meer dan ze opleveren. NS krijgt jaarlijks 150 miljoen gulden van het Rijk voor de onrendabele stoptreinen. Om rendabel te worden zou er minstens 250 miljoen gulden subsidie moeten worden verstrekt, vinden de Nederlandse Spoorwegen.

Zouden andere vervoerderds dan wél trek hebben in die spoorlijnen? Toch wel. Bij de eerste aanbesteding, van drie Groningse spoorlijnen (Groningen-Roodeschool, Groningen-Delfzijl en Groningen-Leer), zijn vier serieuze kandidaten overgebleven. Het zijn het Franse CGEA, de moeder van Lovers; het Britse Arriva, dat al bussen en treinen in dit gebied rijdt; het Zweedse spoorbedrijf SJ en het Nederlandse busbedrijf VSN. Ook voor andere lijnen is interesse. Gisteren meldde zich busbedrijf Zuid-West-Nederland (ZWN) voor de spoorlijn tussen Rotterdam en Hoek van Holland.

Meer over