Reis van generaal Powell door Amerika is nog niet ten einde

Generaal Colin Powell, bekend door zijn rol in de Golfoorlog, heeft een boek geschreven: My American Journey. Hij was deze week op reis om het aan de man te brengen....

DE AUTOBIOGRAFIE van Amerika's populairste ex-generaal, Colin Powell, is niet alleen een prachtig Amerikaans succesverhaal over een jongen uit de Newyorkse Bronx, die carrière maakte in het leger. Het vuistdikke verslag van een leven in dienst van het leger en in de Washingtonse corridors of power kan ook worden beschouwd als een politiek curriculum vitae van de volgende president van de Verenigde Staten.

In het eerste geval is het boek een vlot geschreven verslag van een fascinerende reis van de Bronx, via het racistische Zuiden, Duitsland, Korea, Vietnam naar Washington DC. In het tweede geval laat Powell zijn lezers in het ongewisse. Zijn boek is geen politiek document met concrete standpunten, maar wel wordt duidelijk dat hij traditionele, gematigd conservatieve opvattingen koestert.

Daarmee neemt de generaal afstand van de hard-rechtse trend in de Republikeinse Partij. Hij heeft een open oog voor de problemen in de Amerikaanse samenleving, voor de onzekerheden in de economie, de rassentegenstellingen en voor de fragmentering van de samenleving. Het is glashelder dat hij de oplossingen van de Christelijke Coalitie en de hard-rechtse vleugel in de Republikeinse Partij te meedogenloos en te onverdraagzaam vindt.

In Powell's denken is 'de familie' een belangrijke metafoor. Hij vindt dat president Clinton te weinig doet om normen en waarden te herstellen, rassentegenstellingen te overbruggen en de afbraak van 'de familie' tegen te gaan. Politici als Dole verwijt hij een gebrek aan gevoel voor het leven aan de onderkant van de samenleving. 'In dat soort denken worden groepen uit de familie gestoten in plaats van te worden opgevangen.'

Dit boek en vooral de reacties erop doen vermoeden dat Powell's Amerikaanse reis nog lang niet is afgelopen. Zijn tournee langs boekwinkels is op sensationele wijze begonnen met lange rijen wachtenden en enthousiaste menigten. Die populariteit dankt hij vooral aan zijn imago als no nonsense leider in buitenlands-politieke en militaire crises, de Golfoorlog in het bijzonder.

Powell is bovendien vrij van arrogantie en eigendunk. Amerika lijkt aan te voelen dat hij nooit heeft gehandeld uit winstbejag of machtswellust. Wie daardoor gedreven wordt, besluit niet in het leger te gaan. Hij is een Afrikaanse Amerikaan - hij gebruikt deze term zelf veelvuldig - bij wie vele blanke Amerikanen zich veilig voelen. Powell is de tegenpool van de predikanten Louis Farrakan en Jesse Jackson. En voor iedereen houdt zijn levensloop een boodschap in: het Amerikaanse systeem werkt nog steeds.

Het is om die reden dat zwarte Amerikanen aanzienlijk gereserveerder staan tegenover een kandidatuur van Powell dan de rest van Amerika. Zij associëren de generaal met de Republikeinse Partij en met Republikeinse politici, die zich nooit veel gelegen hebben laten liggen aan zwarten.

President Clinton en de Republikeinse presidentskandidaat Dole zijn vooral beducht voor het Eisenhower-achtige beeld van Powell. Clinton steekt bij hem af als een weke, stuurloze en dilettantische president. En naast 'het fiscale conservatisme met een sociaal geweten' van Powell verschrompelt Dole tot een cynische, hard-rechtse, bejaarde politicus, die al zolang poogt president te worden dat hij bijna lijkt te zijn vergeten waarom.

Een a-politieke generaal, een ijzervreter te velde, een buitenstaander is hij niet. Als één officier insider mag worden genoemd, dan is het Powell wel. Hij is een bij uitstek politieke generaal, hoe hard hij dat ook probeert te ontkennen in de zeshonderd pagina's van My American Journey.

Die zijn door ghostwriter Joseph Persico geschreven op een manier die Hollywood niet zou hebben kunnen verbeteren. Van de nostalgische openingsscènes in Kelly Street en Fox Street in de Bronx, waar de hardwerkende Jamaïcaanse immigrantenfamilie Powell woonde, tot de panoramische schets van Powell's afscheid als voorzitter van de chefs van staven: het is materiaal voor een film met bijvoorbeeld Denzel Washington in de hoofdrol.

Powell's huidskleur vormt uiteraard een belangrijk element in de verklaring voor de Powell-mania in de Amerikaanse media. Nooit eerder is een Afrikaanse Amerikaan zo snel opgeklommen in de strijdkrachten en bij de overheid. 'Het leger was een van de eerste sectoren van de samenleving waar zwarten konden laten zien dat zij het land net zo goed kunnen dienen als blanken', vertelt Powell. Zeker, in zijn jonge jaren werd hij ook geconfronteerd met virulent racisme. De incidenten in het Zuiden deden zich echter vooral voor buiten de legerplaatsen. In de kazernes hadden zijn voorgangers al het grootste deel van de burgerrechtenstrijd gestreden.

Voor zover hij toch met racistische naweeën werd geconfronteerd, liet hij zich daardoor niet imponeren. Waar hij racisme tegenkwam, wist hij het te overwinnen door meer te presteren. De ironie wil dat in de enige stad waar hij in een restaurant niet werd bediend (in Phenix City, Alabama), nu een brede boulevard naar hem is genoemd. Een typische uitspraak van Powell na de grote rassenrellen van de jaren zestig: 'Wij zien niet graag dat dit land wordt platgebrand. Het gaat namelijk helemaal niet zo slecht.'

Powell kwam al op jonge leeftijd in Washington terecht. Het leger stuurde hem in 1969 naar de George Washington Universiteit om een Master of Business Administration-cursus te volgen. De MBA-graad leverde hem een post in het Pentagon op die hem toegang verschafte tot de White House Fellows. Dat is een programma voor jonge directeuren, advocaten, officieren en jonge politici, die gedurende een jaar stage lopen in het Witte Huis.

Via dat programma leerde hij de twee mannen kennen die zijn leven als militair wezenlijk zouden veranderen: Frank Carlucci, de latere nationale veiligheidsadviseur, en minister van Defensie en Casper Weinberger, eveneens minister van Defensie. Toen Powell het Witte Huis betrad, werkten zij als de begrotingsadviseurs van president Nixon.

Carlucci en Weinberger trokken Powell als het ware mee naar boven. Hij raakte zeer bedreven in het leggen van contacten (networking) en werd door zijn bazen zeer gewaardeerd vanwege zijn vermogen in grote bureaucratieën dingen voor elkaar te krijgen. In het post-Vietnam-tijdperk, waarin het leger drastisch werd gereorganiseerd ontdekte hij ook dat zijn MBA-graad meer van pas kwam dan zijn gevechtservaringen.

President Reagan en Casper Weinberger, minister van Defensie en een van de laatste Koude-Oorlogstrijders, oefenden in combinatie met Vietnam een beslissende invloed uit op de latere voorzitter van de chefs van staven. Net als duizenden andere officieren is ook Powell Reagan voor altijd dankbaar dat hij het zelfvertrouwen van de Amerikaanse strijdkrachten heeft hersteld na de traumatische ervaringen in Vietnam. En Weinberger bracht in de ogen van Powell de lessen van Vietnam scherper dan wie ook onder woorden. De Weinberger-doctrine - over het inzetten van Amerikaanse troepen in het buitenland - is nog steeds van kracht en inmiddels overbekend.

De toepassing van de lessen van zijn mentor heeft Powell bijna zijn carrière gekost. In de aanloop naar de Golfoorlog stelde hij zich zo voorzichtig op dat hij de naam kreeg 'een terughoudende krijger' te zijn. In zijn boek legt hij uit dat hij er zeker van wilde zijn dat het leger duidelijke opdrachten zou krijgen, dat het doel scherp werd geformuleerd en dat ook de publieke opinie tijdig zou worden gemobiliseerd. 'Ik stelde alle vragen die militairen en politici in de aanloop naar Vietnam niet stelden', zo verdedigt hij zich. Het was president Bush die Powell in bescherming nam tegen de aanzwellende kritiek in de periode na de Golfoorlog. En ook dat feit speelt een rol in de verklaring waarom Powell's banden met de gematigde vleugel van de Republikeinse Partij zo sterk zijn.

Voorop in de Weinberger-Powell-doctrine staat de formulering van het Amerikaanse 'vitale belang' om troepen te sturen. Amerikaanse militairen zijn geen huurlingen, geen politiemannen van de wereld. Alleen als vitale Amerikaanse belangen in het geding zijn, mag van hen gevraagd worden hun leven op het spel te zetten, aldus Powell. Mede dank zij hem bleef de Amerikaanse operatie in Somalië beperkt en wordt het moeras in Bosnië gemeden door Amerikaanse GI's.

Loyaliteit aan het leger is ook de verklaring voor de animositeit tussen Clinton en de generaal. Powell verwijt de president prioriteit te hebben gegeven aan de toelating van homoseksualiteit in het leger. De vergelijking met de gelijkberechtiging van zwarten viel bij Powell totaal verkeerd. Dat voor Clinton's aanzien zeer schadelijke en rare conflict werd door Powell en zijn generaals met steun van Democraten en Republikeinen in het Congres gewonnen.

Powell kon bovendien niet wennen aan de chaotische debatten over buitenlands beleid en veiligheid in het Witte Huis van de Clintons. Die strookten niet met Powell's ideeën over besluitvorming.

Het was bovendien, na al die jaren, tijd om te vertrekken en voor het eerst in zijn leven al zijn aandacht te wijden aan zijn familie en zijn oude Volvo's. Toch ziet het ernaar uit dat aan deze periode van betrekkelijke rust voor langer dan een promotietoer door de VS een einde is gekomen. President Powell, het zou een sensatie zijn.

Oscar Garschagen

Colin L. Powell with Joseph E. Persico: My American Journey.

Random House, import Van Ditmar; ¿ 50,50.

ISBN 0 679 43296 5.

Meer over