PostuumReinier Paping 1931 - 2021

Reinier Paping, de bescheiden held van de Elfstedentocht van 1963, voor altijd

De op 90-jarige leeftijd overleden Reinier Paping won in 1963 de Elfstedentocht onder loodzware omstandigheden.

Bert Wagendorp
Reinier Paping rijdt door de menigte te Dokkum tijdens de Elfstedentocht op 18 januari 1963. Nu nog het laatste stuk naar Leeuwarden.  Beeld ANP / Spaarnestad Photo
Reinier Paping rijdt door de menigte te Dokkum tijdens de Elfstedentocht op 18 januari 1963. Nu nog het laatste stuk naar Leeuwarden.Beeld ANP / Spaarnestad Photo

Tien uur en 59 minuten duurde voor hem de Elfstedentocht die Reinier Paping in één klap legendarisch zou maken. Hij won met 22 minuten voorsprong de meest gedenkwaardige Alvestêden ooit, voor de Groninger Jan Uitham en de Fries Jeen van den Berg. Het waren uren die het leven van Paping drastisch zouden veranderen. Zijn naam bleef voor altijd aan de ‘Hel van ’63’ verbonden. Paping overleed maandag op 90-jarige leeftijd na een kort ziekbed.

Niemand kende Reinier Paping uit Dedemsvaart bij de start van de twaalfde Elfstedentocht, op een enkele insider na, die zich kon herinneren dat Paping in de jaren vijftig deel had uitgemaakt van de kernploeg, met een vierde plaats bij het NK langebaan van 1955 als beste prestatie. De favorieten heetten in 1963 Nauta, Verhoeven, Van den Berg, De Koning. Paping wilde aanvankelijk niet eens deelnemen, omdat hij zichzelf te licht achtte voor de barre tocht. Zijn broer Richard haalde hem over om het toch te proberen.

De ochtend van 18 januari vroor het achttien graden. In de loop van de dag stak een stormachtige noordoosten- wind op. Over het hele traject van tweehonderd kilometer lag een dik pak sneeuw, het ijs zat vol scheuren, Elfstedenarts Wiemer verklaarde dat het eigenlijk onverantwoord was. Dat bleek: van de 9.294 gestarte toerrijders haalden er 69 de finish, van de 578 wedstrijdrijders kwamen er 58 binnen de tijd aan op de Grote Wielen bij Leeuwarden. Wiemer noteerde op de lange lijst gebroken ledematen, amputaties van tenen en bevroren ogen ook ‘twee blauw-gezwollen penissen’.

Begonnen met een licht ontbijt

Paping was de dag van zijn eerste grote schaatstocht begonnen met een licht ontbijt, het bord Brinta dat hij zijn hele leven zou blijven nuttigen. Voor onderweg had hij een zakje studentenhaver, een reep chocola en een metworst bij zich.

Er vormde zich op het IJsselmeer een langzaam uitdunnende kopgroep van favorieten – en Paping. Crack Jan van den Hoorn was toen al uitgestapt: ‘Ik heb vrouw en kinderen’, zei hij.

Tussen Bolsward en Harlingen waren er van de kopgroep nog vier over: Uitham, Van den Berg, Verhoeven en Reinier Paping. Toen die zijn medevluchters meldde dat hij een plasstop moest inlassen, gingen de drie er vandoor. Paping haalde hen bij en bij het plaatsje Schettens, op de Wytmarsumer Feart, ging hij er vervolgens zelf vandoor: er waren nog 85 verschrikkelijke kilometers af te leggen.

Een besneeuwde figuur

In Franeker had een uitgeputte Paping zijn voorsprong tot negen minuten uitgebouwd. Dat had hem zoveel kracht gekost, dat hij van een toeschouwer een leren jas leende, erop ging liggen en met de benen in de lucht nieuwe energie verzamelde voor het zwaarste deel van de wedstrijd, het lange traject naar Dokkum. Bij die stad bevond zich radioreporter Arie Kleijwegt, die de avond tevoren stevig had zitten boemelen in Leeuwarden. Kleijwegt zag in de verte een besneeuwde figuur zijn kant op strompelen en vroeg, toen de schaatser hem passeerde, met wie hij het genoegen had. ‘Paping’, antwoordde Paping beleefd.

Op de Grote Wielen wachtte een grote menigte hem op, onder wie koningin Juliana en kroonprinses Beatrix, die per helikopter onverwacht naar Friesland waren gevlogen. Dat had Commissaris van de Koningin Harry Linthorst Homan – een fanatieke schaatser – ertoe gedwongen uit de toertocht te stappen en ook naar Leeuwarden af te reizen.

‘Toen wij Paping uit de verijsde kleding hadden gepeld, stond daar een sportman in conditie, die prinses Beatrix nog heel goed te woord kon staan’, schreef een verbaasde journalist.

Een contract ter waarde van 500 gulden

De winnaar ontving twee jaarkaarten voor de nieuwe ijsbaan in Deventer en een zilveren sigarettendoos. Een toeschouwer drukte hem aan de finish nog een tientje in handen. Een paar dagen na zijn heroïsche prestatie kreeg hij, als dank voor de reclame, van Brinta een contract ter waarde van 500 gulden, een aansteker (Paping rookte niet) en een föhn voor zijn vrouw Joke. Papings vader had een auto geëist, maar dat vond de papfabrikant te gek worden.

De Volkskrant besteedde op zaterdag 19 januari de hele voorpagina aan het historische ijsspektakel. ‘Paping reed cracks 21 min. ‘los’, luidde de openingskop. Verslaggever Martin Ruyter was bij de finish gebleven. ‘Tot laat in de nacht kwamen zij een voor een binnen, geen mensen meer, lichamen slechts, die vol waren van uitputting.’ Zijn collega Theo Koomen interviewde Papings echtgenote. ‘Had zij er misschien op gehoopt? Telkens schudde zij het blonde kopke.’

Nog even ontstond er opwinding: Paping zou na Dokkum gebruik hebben gemaakt van zogenoemde ‘zuigers’ of ‘voorrijders’ die hem op sleeptouw hadden genomen. Maar het Elfstedenbestuur zag daarin geen reden de winnaar te straffen.

De overwinning maakte Paping onsterfelijk. In de eerste plaats doordat het de eerste Elfstedentocht was die live op tv was te volgen. Ten tweede door de omstandigheden, die uitnodigden tot mythevorming. Bovendien duurde het 22 jaar voor er weer een Tocht zou worden verreden: lang genoeg om van Paping het blijvende gezicht van de Tocht der Tochten te maken.

Geen mediagenieke sportman

In elk geval kwam het niet doordat Paping zich als een mediagenieke sportman liet kennen. Hij bleef wie hij was, een bescheiden, sympathieke man, die telkens wanneer er sprake was van een Elfstedentocht even mocht opdraven in de media – zonder daarbij ooit tot geruchtmakende uitspraken te komen.

‘Zijn’ wedstrijd werd vereeuwigd in een boek (van Marnix Koolhaas en Jurryt van de Vooren), De mannen van ’63' en een speelfilm, De hel van ’63 van Steven de Jong.

Hij won na de Elfstedentocht nooit meer en richtte zich op zijn sportzaak in Zwolle, die vooral in de winter niet over belangstelling had te klagen. In 1965 kwam daar een jochie van zes uit Sint Jansklooster binnenlopen, die met zijn vader een paar schaatsen kwam kopen. Dat was Evert van Benthem, die in 1985 en 1986 de Elfstedentocht zou winnen.

Reinier Paping had gehoopt dat hij, nu hij niet meer ‘de laatste winnaar’ van de Elfstedentocht was, verlost zou zijn van alle belangstelling. Dat was niet zo. Hij werd in 1999 door de NOS uitgeroepen tot Sportman van de Eeuw.

Voor altijd de held van 1963: zelfs zijn overlijden zal aan die status niets veranderen.

3x Reinier Paping

Ereplaatsen

Paping eindigde in 1955 als vierde bij het NK allround, zijn hoogste klassering ooit. In datzelfde jaar mocht hij naar het EK allround, in het Zweedse Falun. Daar werd hij ­dertigste. Daarna legde hij zich toe op het rijden van langere tochten.

Film

In december 2009 verscheen er een film over de ‘Hel van ’63’. Chris Zegers, Cas Jansen, Lourens van den Akker en Chava voor in ’t Holt speelden de hoofdrollen. Toen de film in 2015 voor het eerst op televisie kwam, vergat de NPO de gedeelten waarin Fries werd gesproken te ondertitelen.

Postzegel

In 2013 verscheen een ­speciale postzegel met de beeltenis van Paping, precies 50 jaar na zijn historische overwinning in de Elfstedentocht. Op de postzegel is afgebeeld hoe Paping onder een brug in Witmarsum doorrijdt.

Meer over