analyse

Regio steeds meer in trek bij senioren en gezinnen met hogere inkomens uit de Randstad

Huizenkopers uit de vier grote steden wijken steeds vaker uit naar kleinere buurgemeenten en regio’s buiten de Randstad. In 2020 kocht 10 procent van de Randstedelijke kopers een woning elders in het land, bijna een verdubbeling ten opzichte van 2015. De trend lijkt afgelopen jaar in elk geval in sommige gebieden door de coronacrisis versterkt.

Tom Beek en Lisette Maaskant verruilden Leidsche Rein voor Friesland: ‘Heerenveen voelt een beetje als een buitenwijk van de Randstad’. Beeld Harry Cock / de Volkskrant
Tom Beek en Lisette Maaskant verruilden Leidsche Rein voor Friesland: ‘Heerenveen voelt een beetje als een buitenwijk van de Randstad’.Beeld Harry Cock / de Volkskrant

Dat blijkt uit een uitgebreide analyse op verzoek van de Volkskrant, uitgevoerd door brainbay, onderzoeksdochter van makelaarsvereniging NVM. De trek uit de grote steden heeft te maken met de de hoge huizenprijzen en het geringe aanbod van koopwoningen, maar ook met veranderende voorkeuren voor meer (buiten)ruimte, denkt onderzoeker Frank Harleman van brainbay. ‘Van een massale uittocht uit de Randstad is geen sprake, maar het is duidelijk dat huishoudens uit de grote steden in toenemende mate elders onderkomen vinden.’

Minder dan de helft (47 procent) van de huizenkopers uit Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht koopt nu bij verhuizing opnieuw een woning in een van die vier grote steden. In 2015 was dat nog 57 procent. In toenemende mate wijken ze uit naar buurgemeenten in de westelijke provincies. Dat percentage nam in vijf jaar toe van 28 procent naar 31 procent.

De groei van het aandeel ‘Randstadverlaters’ was echter groter. Vijf jaar geleden keerde 15 procent van de verhuizers uit de vier grote steden de Randstad de rug toe. Dat aandeel is inmiddels bijna 22 procent. West-Brabant, Ede en omstreken en Zutphen en omgeving behoren tot de regio’s met het grootste aandeel nieuwkomers uit de Randstad.

De helft van de kopers die de Randstad verlaat, strijkt neer in niet-stedelijk gebied. Men kiest dan voor de beschutting van een dorp of voor het buitenleven op het platteland. De andere helft verhuist naar grotere provinciesteden als Apeldoorn en Arnhem.

Welgestelde senioren

Het zijn met name welgestelde senioren en gezinnen met hogere inkomens die de Randstad inruilen voor de weidsheid van bijvoorbeeld Friesland. Meer dan de helft van de vertrekkende Randstedelingen koopt een vrijstaand huis of twee-onder-een-kapwoning. Relatief vaak gaat het om huizen uit het hogere prijssegment.

De bevindingen van brainbay/NVM sluiten aan bij de meest recente gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Grote steden (die door corona minder immigranten verwelkomen) groeien nog amper in inwonertal, kleinere gemeenten in en buiten de randstad des te harder. Daar is de keuze voor de huizenkoper groter en het prijsniveau lager. Ook zijn er meer nieuwbouwlocaties.

Zo kende Weesp, vlak bij Amsterdam, met 37 nieuwkomers per duizend inwoners relatief gezien de sterkste bevolkingstoename in 2020. De oververhitte woningmarkt in steden (schaars aanbod en hoge prijzen) werkt ook buiten de Randstad door. Een tot voor kort notoire krimpregio als de Groningse plattelandsgemeente Hogeland noteerde in 2020 een lichte bevolkingsgroei.

‘Mensen stemmen met de voeten’

Hoogleraar woningmarkt Peter Boelhouwer van de TU Delft ziet in de NVM-analyse een ‘heel mooi rimpeleffect’ vanuit de plaatsen waar de huizenprijzen het hoogste zijn: huizenkopers uit de Randstad zoeken hun nieuwe woning steeds verder weg.

Opvallend is volgens Boelhouwer dat het daarbij gaat om redelijk bemiddelde mensen.‘Ze hebben wat te kiezen buiten de Randstad – vaak veel meer dan in de stad van herkomst. Je krijgt daar niet alleen meer woning voor je geld, maar ook meer keuze. Voor veel mensen is de grondgebonden koopwoning nog steeds favoriet. In de Randstad wordt dat soort huizen nauwelijks meer bijgebouwd. Dan gaan de mensen stemmen met de voeten.’

De coronacrisis leidde afgelopen jaar nog niet tot een enorme versnelling van de trek naar ‘de provincie’. In een aantal regio’s nam het aandeel kopers uit de Randstad wel flink sterker toe. Die groeispurt was het hevigst in Zuidwest-Friesland (het percentage kopers uit de Randstad ging daar in 2020 van 6 naar 11 procent), Zuidoost-Drenthe (van 6 naar 9 procent) en Nunspeet en omgeving (van 8 naar 10 procent).

Verandering in percentage Randstedelingen per regio Beeld Volkskrant infographics
Verandering in percentage Randstedelingen per regioBeeld Volkskrant infographics

‘De ontwikkeling was al gaande, maar corona is absoluut een katalysator’, zegt Willem Donker van Kraak & Donker Makelaardij in Heerenveen. Zijn werkgebied trekt vooral zogeheten ‘empty nesters’ tussen de 55- en 65 jaar. Zij kijken alvast voorbij hun pensionering. En vaak speelt het gedwongen thuiswerken vanwege de pandemie een rol.

‘Als je toch moet thuiswerken, dan liever in het groen’, zegt Donker. Hij ziet het terug in het wensenpakket: een vrijstaand huis in het hogere segment buiten de grotere kernen, met optimale rust maar alle voorzieningen binnen (elektrische-)fietsafstand. Verder: ‘Een werkkamer op de begane grond, een goede internetverbinding en liefst eekhoorntjes in de tuin.’

Spanningen door komst Randstedeling

‘Het thuiswerken door de coronapandemie versterkt die behoefte en geeft hen het zetje de droom die ze al hadden te realiseren’, zegt Suzanne Thöene, die als aankoopmakelaar gespecialiseerd in verhuizen van de Randstad naar rustiger oorden.

Door het vele thuiszitten hebben mensen volgens haar behoefte aan meer ruimte en een tuin. ‘Er is tijd en rust hierover na te denken en een knoop door te hakken. Nu thuiswerken waarschijnlijk de norm zal worden in veel beroepen, verdwijnt de noodzaak dicht bij je werk te wonen.’ Wat ook meespeelt, hoort Thöene, is dat nu veel voorzieningen als horeca en bioscopen gesloten zijn, sommige stedelingen merken die niet zo te missen.

De trek uit de Randstad geeft ook spanningen. Hoogleraar Boelhouwer: ‘Zo’n 40 procent van de woningen op het voormalige Enka-fabrieksterrein in Ede is gekocht door Randstedelingen. Die brengen niet alleen een heel andere leefstijl met zich mee, maar maken het ook lastiger voor de mensen uit de buurt om daar wat te kopen.’

Verandering in percentage Randstedelingen per regio Beeld Volkskrant infographics
Verandering in percentage Randstedelingen per regioBeeld Volkskrant infographics

‘Geld op zak’

Makelaars in Friesland en Groningen observeren een zelfde verdringingseffect. ‘Uit het onderzoek blijkt dat ze niet vaker overbieden of per se méér betalen dan kopers uit de regio’, zegt Boelhouwer. ‘Het ligt voor de hand dat ze wel vaker eigen geld meebrengen, bijvoorbeeld uit de overwaarde van hun vorige huis, waar belangstellenden uit de buurt vaak nog overleggen over financiering. Iedere makelaar zal dan tegen de verkoper zeggen: neem dat bod maar aan van die partij. Ze betalen misschien niet méér, maar wel meteen.’ Makelaar Donker ziet het in de praktijk. ‘Het zijn vaak mensen met money in the pocket.’

Verandering in percentage Randstedelingen per regio Beeld Volkskrant infographics
Verandering in percentage Randstedelingen per regioBeeld Volkskrant infographics

Aankoopmakelaar Thöene verruilde vier jaar geleden zelf na zeven jaar wikken en wegen Amsterdam voor een dorp in de Betuwe. Zij waarschuwt de stap niet lichtvaardig te nemen. ‘Verhuizen is meer dan alleen een andere woning zoeken. Wie de stad inruilt voor wonen in buitengebied, zet een grote stap naar een andersoortig leven.’

Het valt haar op dat veel Randstedelingen vlak bij bos willen wonen. Dan noemen ze de Veluwe, maar haken bij nader inzien toch af omdat plaatsen als Ermelo streng gereformeerd blijken. ‘Ze willen er niet op aangekeken worden als ze zondags hun gras maaien.’

Met medewerking van Serena Frijters en Marjon Bolwijn

‘Heerenveen voelt een beetje als een buitenwijk van de Randstad’

Tom Beek (51, muzikant en consultant) en Lisette Maaskant (41, werkt in humanresourcesmanagement ) verhuisden maart 2020 met Lodewijk (7) en Rosie (5) van Leidsche Rijn (Utrecht) naar Heerenveen (Friesland).

‘Met de overwaarde van ons huis in Leidsche Rijn konden we in Friesland een enorme upgrade krijgen: drie keer zo veel leefruimte, een logeervertrek met eigen badkamer, een grote zolder, een wijnkelder, een tuin van 400 vierkante meter, ruimte, rust en schone lucht.

‘Wij zijn echt stadsmensen, maar we wilden onze kinderen dichter bij de natuur laten opgroeien. Het zijn buitenkinderen. We dachten: die worden niet gelukkig in een betondorp. Utrecht vonden we bovendien druk en overspannen geworden. ’s Ochtends werd je van de sokken gereden door moeders in SUV’s die bang waren te laat te komen. Hier in Heerenveen zeggen mensen elkaar gedag.

‘Het was best even zoeken. Met Twente, Zeeland en Brabant hadden we niet veel. Groningen is ook geweldig, maar echt verder weg. Eén mythe prikten we snel door: dat je in Friesland voor drie ton een enorme boerderij koopt. Alleen in de middle of nowhere, misschien.

‘Ons huis ligt aan de rand van Heerenveen, tegen het bos van Oranjewoud aan. Een prachtig gebied. En toch wonen we niet in de rimboe. Heerenveen is een best grote plaats met genoeg voorzieningen en ondernemerszin. Alleen een fijne vegan toko missen we. Een pizzeria en een shoarmatent, daar moet je het hier mee doen. Het is niet zo dat je buitengesloten wordt als je geen Fries spreekt. Er woont hier veel import, veel mensen werken nog in de Randstad.

‘Vanuit Heerenveen ben je in een uur in Hilversum. Het voelt een beetje als een buitenwijk van de Randstad. Amerikanen lachen om deze afstanden, maar vrienden deden er dramatisch over: gaan jullie hélemaal naar Friesland? Het is een kwestie van perceptie. Als iemand zegt: jullie wonen ver weg. Zeggen we: nee, júllie wonen ver weg.’

Jurre van den Berg

Rosalie Fournier en David Lebbing met hun kinderen Maurie en Berend. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Rosalie Fournier en David Lebbing met hun kinderen Maurie en Berend.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

‘Ons vertrek heeft een aantal vrienden in Utrecht wel aan het denken gezet’

Rosalie Fournier (39, tot voor kort eigenaar van een babywinkel) en David Lebbing (40, projectplanner infrastructuur) verkochten hun woning in de Utrechtse stadswijk Lunetten en verhuisden in december met hun kinderen Maurie (7) en Berend (2) naar het Gelderse Ede.

‘Het vinden van een grotere woning in een leuke buurt bleek in Utrecht een onmogelijke opgave. De prijzen zijn te sterk omhooggegaan. Toen zijn we verder gaan kijken. We zijn een tijdje bezig geweest met het opzetten van een woongroep, om ergens anders in Nederland iets te bouwen of te verbouwen. Maar dat bleek voor ons een onmogelijke opgave.

‘We zochten door, ook buiten Utrecht, met een flinke zoekfilter. Een betaalbare woning op een perceel van ten minste 300 vierkante meter, dicht bij een station en niet in een piepklein dorp. Toen we dit huis in Ede zagen, is David er meteen heengereden. Hij heeft de boel van buiten bekeken, even met de buren gesproken en direct de vraagprijs van 300 duizend euro geboden.

‘Voor dat bedrag hebben we een hoekwoning uit 1959, met 320 vierkante meter woonoppervlakte, een garage en een tuin rondom. We hebben ook nog een flink bouwdepot om het huis goed te verduurzamen. Het huis in Utrecht hebben we met een flinke overwaarde kunnen verkopen.

‘We wonen nu hemelsbreed op zo’n 40 kilometer van Utrecht, op fietsafstand van het station Ede-Wageningen en de bossen van natuurgebied De Sijsselt en landgoed Hoekelum. David werkte sowieso al geregeld thuis – met corona al helemaal. Maar hij zal straks meer moeten reizen. Dat ruilt hij in voor meer wooncomfort en de natuur rond Ede.

‘We willen wel graag de connectie met Utrecht houden, met vrienden en familie daar en voor Rosalie ook met bijvoorbeeld de Lapjesmarkt. Ons vertrek heeft een aantal vrienden in Utrecht wel aan het denken gezet. Ze vragen al voorzichtig wat hier de goede buurten zijn.’

Marc van den Eerenbeemt

Zoek hier uw eigen regio op: