INTERVIEW

Reformatorische school dwingt leerlingen uit de kast te komen; Kamerlid Van Meenen: ‘Dit breekt mijn hart’

Op de reformatorische scholengemeenschap Gomarus in Gorinchem zijn leerlingen gedwongen uit de kast te komen, meldde NRC zaterdag. Kamerlid Paul van Meenen wil hierover in debat met onderwijsminister Arie Slob (CU). ‘Dit staat niet op zichzelf.’

Melle Meijer
Paul van Meenen van D66: ‘Vrijheid van onderwijs is geen vrijbrief voor slecht of onveilig onderwijs.’ Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant
Paul van Meenen van D66: ‘Vrijheid van onderwijs is geen vrijbrief voor slecht of onveilig onderwijs.’Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

‘Ik heb mijn hele leven in het onderwijs gewerkt, zowel als leraar als bestuurder. Maar ik ben ook een vader en een opa. En als ik dit lees, dan breekt mijn hart. Het is verschrikkelijk wat deze kinderen is overkomen – en het staat niet op zichzelf.’

Paul van Meenen (65), onderwijswoordvoerder voor D66 in de Tweede Kamer, heeft zich duidelijk opgewonden over een artikel in NRC van zaterdag, waarin oudleerlingen van de middelbare school zeggen dat ze door de schoolleiding werden gedwongen om hun homoseksuele gevoelens ‘op te biechten’ aan hun ouders – ook als de leerlingen daar nog niet aan toe waren. Als ze weigerden, vertelde de school het de ouders zelf.

Schrijnend is het verhaal van een meisje dat de vertrouwenspersoon op school vertelt dat ze een relatie heeft met een medeleerlinge. Drie weken later wordt ze door de vertrouwenspersoon en de zorgcoördinator onder druk gezet om ook haar ouders over haar geaardheid te vertellen. Zelf is ze daar nog niet klaar voor, maar de school geeft niet mee: doet zij het niet, dan vertelt de school het aan haar ouders. Sterker nog, haar ouders staan beneden bij de balie. De zorgcoördinator haalt de ouders en laat het meisje in een afgesloten lokaal achter. Die dag komt ze tegen haar wil uit de kast. De rechtszaak die de toenmalige vriendin van het meisje aanspant tegen de school loopt uit op een schikking.

Ook andere volksvertegenwoordigers spreken schande van deze praktijken. Minister Slob (onderwijs) vindt het ‘absoluut onaanvaardbaar’ om leerlingen te dwingen uit de kast te komen en laat de Onderwijsinspectie onderzoek doen. Het schoolbestuur reageert defensief. Volgens voorzitter Chris Flikweert van het College van Bestuur ervaren de meeste homoseksuele leerlingen ‘de Gomarus als een bewogen, bevlogen en betrokken school’.

Van Meenen vindt dat de discussie over wantoestanden in het (op religie gestoelde) onderwijs de afgelopen jaren te vaak vooruitgeschoven onder het mom van de vrijheid van onderwijs. ‘Maar vrijheid van onderwijs is geen vrijbrief voor slecht of onveilig onderwijs. Het is tijd om op te treden tegen dit soort praktijken.’

Hoe ziet u dat voor zich? Moet er nieuwe wetgeving komen?

‘Volgens mij biedt de huidige regelgeving voldoende ruimte om harder op te treden. We hebben in Nederland een wettelijke eis dat scholen een veilige omgeving moeten bieden. Je kunt veel zeggen over deze school, maar dit is geen veilige omgeving voor kinderen. Op basis daarvan kan de inspectie gewoon optreden. Daarvoor hebben we geen nieuwe regelgeving nodig, maar meer moed van onze ministers om in te grijpen.’

Wat voor ingrepen heeft u het dan over?

‘Je kunt denken aan financiële sancties. Of de inspectie kan bestuurders aanspreken en uiteindelijk misschien zelfs de wacht aanzeggen. Je zou dit soort praktijken ook mee kunnen nemen in de beoordeling van de kwaliteit van het onderwijs, daar is men gevoelig voor.’

‘In NRC wordt een voorbeeld genoemd van een leerling die werd opgesloten in een kamertje terwijl de vertrouwenspersoon haar ouders bij de balie ophaalt voordat ze haar seksuele geaardheid uit de doeken moet doen. Dat is gewoon vrijheidsberoving, dus daar kun je het Openbaar Ministerie op afsturen.’

Het zou niet de eerste keer zijn dat de Kamer aan de bel trekt over gereformeerde scholen. In november lag onderwijsminister Slob nog onder vuur omdat hij begrip had getoond voor scholen die om een ‘anti-homoverklaring’ vroegen. Hoe komt het dat de inspectie zo weinig greep heeft op dit soort toestanden?

‘De onderwijsinspectie werkt risicogericht: de controles vinden plaats op basis van de resultaten die geboekt worden. Dit soort scholen zitten in een soort dode hoek van de inspectie, omdat ze het op papier vaak heel aardig doen. Op de Gomarus in Gorinchem was alleen een kleine achterstand voor het vak Engels, omdat veel leerlingen weinig in aanraking komen met popmuziek en televisie. Verder boekte de school geen opvallend slechte resultaten.

‘Maar de kwaliteit van het onderwijs is niet het enige wat van belang is. Goed onderwijs kenmerkt zich ook door een veilige omgeving. En die ontbreekt vaak op dit soort scholen. Ik zou ervoor willen pleiten om ook voor de veiligheid van de leeromgeving risicogericht toezicht te houden.’

Ook in de reacties op het stuk in NRC gaan stemmen op om artikel 23 van de Grondwet, over de vrijheid van onderwijs, overboord te gooien. Dat artikel zorgt er immers voor dat gereformeerde scholen het onderwijs naar hun bijbelse waarden kunnen inrichten?

‘Die discussie is een beetje een afleidingsmanoeuvre, we moeten daar niet te veel van verwachten. Op termijn zou het wellicht een oplossing kunnen zijn om het grondwetsartikel aan te passen, maar de veiligheid van kinderen heeft geen tijd om daarop te wachten. Als dat al lukt, dan duurt het gemiddeld een jaar of acht, dus dan ben je een hele generatie kinderen verder. Je moet die kinderen juist nu een handreiking doen.

‘Daarnaast moet je sowieso oppassen met het wegdoen van grondrechtelijke vrijheden omdat ze misbruikt worden. Het risico is dat je het kind met het badwater weggooit. Als we alle vrijheden zouden opgeven zodra ze worden misbruikt, dan houden we niet veel over.’

Meer over