Nieuws

Rechter bepaalt dat Frankrijk te veel uitgestoten CO2 eind volgend jaar moet compenseren

Frankrijk moet eind volgend jaar de broeikasgassen hebben gecompenseerd die het tussen 2015 en 2018 te veel heeft uitgestoten. Dat heeft de rechtbank in Parijs bepaald in een grote klimaatzaak, die vergelijkbaar is met de Nederlandse Urgenda-zaak.

Klimaatactivisten vieren donderdag in Parijs de winst die zij boekten bij de rechtbank. Van de rechter moet Frankrijk er een tandje bij doen om extra CO2-uitstoot terug te dringen. Beeld Reuters
Klimaatactivisten vieren donderdag in Parijs de winst die zij boekten bij de rechtbank. Van de rechter moet Frankrijk er een tandje bij doen om extra CO2-uitstoot terug te dringen.Beeld Reuters

De rechtbank had afgelopen februari al bepaald dat Frankrijk onvoldoende heeft gedaan om de klimaatdoelen te behalen die het land zichzelf heeft gesteld: een CO2-reductie van 40 procent in 2030 ten opzichte van 1990. De uitspraak van donderdag voegt het concrete aantal te compenseren megatonnen en de deadline van 31 december 2022 toe.

Volgens de rechtbank heeft Frankrijk 62 megaton CO2-equivalenten te veel uitgestoten tussen 2015 en 2018. Doordat de Franse uitstoot kelderde als gevolg van de coronapandemie is een deel van deze uitstoot al gecompenseerd, waardoor er nog 15 megaton overblijft. Voor de pandemie stootte het land meer dan 300 megaton per jaar uit.

Van de rechter moet Frankrijk er dus een tandje bij doen om extra CO2-uitstoot terug te dringen, zodat het land weer op schema ligt om de klimaatdoelen te halen. Het is aan de regering om te bepalen hoe ze dat doet. De rechter legt de staat ‘in dit stadium’ geen boete op als blijkt dat ze onvoldoende actie heeft ondernomen.

‘Overwinning’

De zaak, onder meer door de rechtbank zelf aangeduid als ‘de affaire van de eeuw’, is in 2019 aangespannen door Greenpeace, Oxfam, Notre Affaire à Tous en de Fondation Nicolas Hulot. Meer dan twee miljoen burgers ondertekenden een petitie ter ondersteuning van de rechtszaak. De aanklagers vieren de uitspraak van donderdag als een overwinning. ‘Het rechtssysteem wordt een bondgenoot in onze strijd tegen klimaatverandering’, zei de Franse directeur van Greenpeace, Jean-Francois Julliard, na afloop.

Niet alleen in Frankrijk voelt de overheid de druk van de rechter als het gaat om klimaatbeleid. De eerste keer dat een actiegroep op deze manier succes behaalde was in Nederland, in 2015. Toen oordeelde een rechtbank in de door Urgenda aangespannen zaak dat Nederland de uitstoot van broeikasgassen in 2020 met 25 procent moest terugdringen ten opzichte van 1990. Eind 2019 bekrachtigde de Hoge Raad dit vonnis. Mede dankzij de pandemie wist de overheid aan het vonnis te voldoen.

Afgelopen april bepaalde het grondwettelijk hof van Duitsland een Duitse klimaatwet uit 2019 concreter en strenger moet. Zo is volgens de rechter niet duidelijk genoeg hoe de overheid de uitstoot van broeikasgassen na 2030 terug denkt te dringen. De regering kreeg een jaar de tijd om met helderdere doelen te komen. Ook in Ierland en België tikten rechtbanken de regering op de vingers omdat voorgenomen klimaatmaatregelen niet afdoende zouden zijn. Al deze zaken waren aangespannen door klimaatactivisten.

Meer over