Rechter aanvaardt verklaring kroongetuige niet als bewijs

De rechtbank in Breda heeft de verklaringen van kroongetuige Perry P. niet geaccepteerd als bewijs tegen acht vermeende leden van de zogeheten Juliëtbende....

Van onze verslaggever

BREDA

Hoofdverdachte John J. (37) werd acht jaar gevangenisstraf opgelegd in plaats van de gevraagde zeventien jaar. Hij wordt gezien als leider van een XTC-bende, die door het OM in Breda werd gerekend tot de 'Top-10 van misdaadgroepen in Nederland'. Branco P. kreeg zes jaar celstraf in plaats van achttien jaar. Zijn broer Risto P. (32), voor de rechtbank gebracht als 'chef geweld' van de bende, moet vier jaar zitten in plaats van vijftien jaar.

Kroongetuige P. kwam met het OM overeen dat hij een milde behandeling zou krijgen in ruil voor volledige medewerking aan het onderzoek. Tijdens het proces weigerde de 31-jarige Brit plotseling zijn uitvoerige belastende verklaringen over de bende te herhalen. Tussen de contractpartijen ontstond onenigheid over de inhoud van de overeenkomst.

De verklaringen van de kroongetuige waren niet te horen in de rechtszaal en konden dus niet worden gecontroleerd door rechtbank en verdediging, aldus het vonnis. Als bewijs voor het tenlastegelegde lidmaatschap van een criminele organisatie, een zelfstandig strafbaar feit, konden zijn verklaringen dan ook niet meewegen.

De deal op zichzelf werd door de rechtbank wel geaccepteerd. Het belang van justitie bij vervolging van de Juliëtbende was zwaar genoeg om een criminele getuige voordeel te gunnen, aldus de rechtbank. Het OM kreeg zware kritiek op de schriftelijke vastlegging van de afspraken. De wederzijdse toezeggingen zijn te vinden in een briefwisseling en een proces-verbaal, maar niet in een afgeronde schriftelijke overeenkomst.

Het Openbaar Ministerie bezint zich nog op hoger beroep. Volgens hoofdofficier J. Wabeke heeft het proces ondanks het grote verschil tussen eis en straf, opgeleverd wat het OM voor ogen stond.

'De hoofddaders hebben langdurige vrijheidsstraffen gekregen. Daarom was niet de uitkomst van dit proces zo teleurstellend, maar vooral de opstelling van de getuige en zijn advocaat.' Volgens de magistraat hebben Perry P. en zijn advocaat M. van Gessel contractbreuk gepleegd door het te laten afweten in de rechtszaal.

Een complicerende factor bij de totstandkoming van de deal was, zegt Wabeke, dat deze gemaakt werd tijdens de voorbereidingen van de nieuwe richtlijn voor deals met criminelen. Wabeke: 'De les van dit proces is dat je met criminele getuigen heel voorzichtig te werk moet gaan. Je moet exact opschrijven wat je afspreekt. '

Na de veroordeling van de hasjbaronnen Johan V., alias de Hakkelaar, en Kobus L. is dit de derde zaak waarin een deal met een criminele getuige is toegestaan, benadrukt hij. Wabeke: 'Dit is een nieuwe rechterlijke ondersteuning van het werken met kroongetuigen.'

Meer over