Reanimansky

Oubollig of niet, sprookjesballetten trekken nog altijd volle zalen. Choreograaf Alexej Ratmansky wijdt zich uitsluitend aan

DOOR MIRJAM VAN DER LINDEN FOTO SANNE DE WILDE

Tussen de bomen op het toneel, jagen de ritmes van Strawinsky een danseres met wilde sprongen vooruit, haar rug en benen ver naar achteren gooiend. Een gemeen kijkende collega houdt zijn armen bezwerend omhoog. Het kan niet missen: hier wordt een sprookjesballet gerepeteerd, Vuurvogel. Over een prins die met een magische vogel zijn liefje redt uit de klauwen van een tovenaar.

De Rus Michel Fokine choreografeerde het expressionistische stuk in 1910. In 2012 blies zijn landgenoot Alexej Ratmansky (45) het stuk nieuw leven in voor het New Yorkse American Ballet Theatre. Nu is coproducent Het Nationale Ballet aan zet. Ratmansky kijkt toe, murmelt een stroom van correcties tegen zijn assistent en springt soms op om iets voor te doen.

Sprookjesballetten zijn 19de eeuws, maar het publiek vreet ze nog altijd. Het Nationale Ballet telt zaalbezettingen van 90 tot 100 procent en steekt veel geld in nieuwe versies (recentelijk Coppelia, Don Quichot, Cinderella). Er lijkt sprake van een renaissance van het verhalende ballet onder 'jonge' choreografen: de meeste wijden hun carrière niet aan dit ietwat oubollige genre, Alexej Ratmansky, de Amerikaan Mark Morris en de Brit Christopher Wheeldon wel.

Ratmansky verwierf er zelfs een heldenstatus mee. The New York Times noemde hem 'de begaafdste levende choreograaf van klassiek ballet'. Zijn grootste verdienste: 'Het revitaliseren van en opnieuw cachet geven aan het verhalende ballet.'

Ratmansky moet erom lachen, na afloop van de repetitie. Bescheiden wijst hij op een rij voorgangers in zijn genre, van Noverre tot Béjart. 'Ik denk dat vooral de Verenigde Staten verrast zijn, daar is de abstracte dans van Balanchine en Cunningham lange tijd allesbepalend geweest. Ik ben door de verhalende tradities van Rusland gevormd.

'Hoewel dans niet te gedetailleerd kan vertellen - wat dat betreft kunnen wij nooit concurreren met soaps of filosofie - vind ik verhalen nog altijd het beste vehikel voor dans. Verhalen gaan over mensen en emoties en dans is van oorsprong een manier om emoties te uiten. Van die expressieve kracht moet je niet te ver weggaan.'

Ratmansky groeide op in het nu zo gekwelde Kiev ('Het bloedvergieten zit me vreselijk dwars en niet alleen omdat mijn ouders er nog steeds wonen') en studeerde aan de academie van het Bolsjoi Ballet in Moskou. Na te hebben gedanst in Oekraïne, Canada en Denemarken, zwaaide hij de scepter in dat befaamde balletbolwerk van 2004 tot en met 2008.

Hij was gevraagd vanwege zijn versie van The Bright Stream uit 1935, de eerste in een reeks vergeten Russen die hij zou afstoffen. Ook haalde hij westerse choreografen binnen en gaf hij jonge dansers solistenrollen, vernieuwingen die hem door de oudere garde dansers niet in dank werden afgenomen. Het voelde uiteindelijk als trekken aan een dood paard, dus toen Amerika lonkte, lonkte hij terug.

Inmiddels is Ratmansky een van de productiefste balletchoreografen; in 2013 had hij zeven wereldpremières op drie continenten. Op zijn naam staan behalve sovjetklassiekers (ook Nederland zag On the Dnieper en Het gebochelde paardje) veel internationale standards als Cinderella, Notenkraker en Romeo en Julia.

Waarom steekt hij zijn energie niet in nieuw verhalend werk? 'Veel ensceneringen van klassiekers vind ik vooral muzikaal vaak niet goed gedaan. Bovendien is het verleden een inspirerend laboratorium. Zo'n Vuurvogel bijvoorbeeld: ik ben gewoon gevraagd dat ballet te doen en dat vind ik prima. Ik sta open voor alles, ik leer van deze mijlpalen. Alleen de romantische highlights La Sylphide en Giselle zal ik misschien nooit doen: hun structuur is te perfect.'

Hoe meer Ratmansky vertelt wat hij niet doet - 'Ik zoek niet bewust naar een betekenis van Vuurvogel voor publiek anno 2014, ik hoef geen vertaling naar extreem eigentijdse settings' - hoe meer duidelijk wordt waar het hem om gaat: de dans. Dat klinkt flauw, maar het raakt zijn drijfveer als choreograaf. Het is zoals veel balletliefhebbers kijken: naar de dans, niet naar alle fratsen eromheen, zoals verhaalinterpretatie, decors en kostuums.

De oude balletten geven hem de muziek en het verhaal, en binnen deze parameters creëert hij een doorgaans gloednieuwe choreografie. Ratmansky: 'Een driedimensionale sculptuur in beweging, in harmonie met de muziek. Dat is voor mij de essentie van ballet, die verjaart nooit.'

Typisch voor Ratmansky, en een belangrijke reden voor zijn populariteit, is de organische, natuurlijke kwaliteit van zijn dans. Hij gebruikt het balletvocabulaire met zijn sprongen, draaien en spitzentechniek, zijn pliés, arabesken en lifts niet om sublieme, ongrijpbare wezens neer te zetten, zoals zo vaak gebeurt in ballet, maar kwetsbare, menselijke personages. Hoe alles loopt en vervloeit is een kwestie van goochelen met richting, gewicht en timing van bewegingen, maar vooral goed luisteren naar de muziek. 'Dans is een combinatie van het aardse van het menselijk lichaam en het abstracte, spirituele van muziek. Als we deze overlap te pakken krijgen, klopt het. Ook een oud ballet als Vuurvogel.'

de romantiek en heeft er wereldwijd een heldenstatus mee verworven. Nu is hij in Nederland.

Altijd een Rus

Een Rus in het buitenland. Dat is choreograaf Alexej Ratmansky (1968, Sint-Petersburg). Over de hele wereld blaast hij verhalende balletklassiekers nieuw leven in, nu Vuurvogel bij Het Nationale Ballet. Toch zijn zijn roots nooit ver weg: de Russische componisten zitten in zijn bloed (hij maakte al zeven balletten op Sjostakovitsj) en in zijn dans echoot het Bolsjoi Ballet, waar hij werd opgeleid en artistiek leider was, nog door: 'Ik wil bewegingen volume geven. Ze moeten een duidelijke richting hebben en voluit en vol overgave worden gedanst. Dat heeft in de verte nog iets van de Bolsjoi-stijl, lang synoniem voor groots, sterk en atletisch, passend bij het mensbeeld uit de sovjettijd. Bovendien: het Bolsjoi Theater is immens. Het vergt nogal wat om die ruimte te vullen.'

Fairytales, met o.m. Vuurvogel, 1, 2, 7, 8, 9, 12 ,13, 15 en 16/3, Nationale Opera & Ballet, Amsterdam. operaballet.nl

undefined

Meer over