Op het tweede gezicht

Raúl Castro bleef altijd de voorbeeldige broer van Fidel

Olaf Tempelman legt bekende buitenlanders op de sofa. Deze week: Alleen als Fidel Castro het had gewild, was Raúl Castro gaan hervormen.

null Beeld Javier Muñoz
Beeld Javier Muñoz

In veel landen lopen mensen rond in T-shirts met de beeltenis van Che Guevara. In oktober is het 54 jaar geleden dat deze Argentijnse revolutionair in Bolivia onder toeziend oog van de CIA de kogel kreeg. De man die Che het beste heeft gekend, is nog altijd onder ons. In juni wordt hij 90, maandag trad hij terug als secretaris-generaal van de Communistische Partij van Cuba. 64 jaar geleden zat Raúl Castro met zijn oudere broer en met Che verscholen in een hoger stuk van de Cubaanse jungle, verwikkeld in een guerrilla tegen een vazalregime van de VS.

Foto’s uit die tijd spreken boekdelen. De oudere broer, Fidel, is midden in de jungle al vol van zichzelf, hij balt zijn vuisten en commandeert. Che heeft zichtbaar meer met Raúl, die kan luisteren en samenwerken. Begin 1959 grepen deze revolutionairen uit de bergen de macht in Havana. De ego’s van Fidel en Che bleken daarna niet op één Caribisch eiland te passen. Ze zeggen dat het met Che anders was afgelopen als Raúl zijn broer was geweest.

Tussen broers kan flink wat concurrentie bestaan. John en Robert Kennedy hadden dezelfde ambities. Tussen broers kan flink wat onmin bestaan. Prins William en prins Harry zeiden lelijke dingen over elkaar. Tussen Fidel en Raúl Castro werd competitie noch wrijving waargenomen. Een jaar of tachtig voegde de jongere broer zich niet alleen naar de wensen van de oudere, hij stelde ook zijn talent in dienst van diens royaal geproportioneerde ego.

De jongere broer miste het charisma en het imposante uiterlijk van de oudere. Hij had niet de eloquentie en de ijdelheid om zeven uur achter elkaar met gebalde vuisten over zijn eigen verdiensten te speechen. Maar die jongere broer kon andere dingen, die kon mensen bij elkaar brengen, organiseren, bondgenootschappen smeden en hij bezat ook nog het vermogen van anderen te leren, iets waar de oudere broer nooit op is betrapt.

Fidel Castro bezocht de Sovjet-Unie om zich te laten toejuichen en bewonderen. Raúl Castro bezocht de Sovjet-Unie om er te leren hoe je een marxistisch-leninistische eenpartijstaat optuigt. Ze zeggen dat je minder politieke gevangenen op Cuba had gehad als Raúl in plaats van Fidel er de eerste halve eeuw na 1959 aan het roer had gestaan. Fidel was rancuneus, die kon zomaar over iemand brullen: ‘Sluit hem op!’ Raúl was niet van de vijandschappen, maar hij was wel een van de architecten van de politiestaat waarmee het regime in het zadel bleef. De oudere broer was de superster, de jongere broer degene die het mogelijk maakte. ‘De droombroer’, heette hij ook wel. Als Fidel had geroepen: ‘En nu wil ik een markteconomie!’, was Raúl ermee aan de slag gegaan.

Toen Fidel oud en gebrekkig werd, droeg hij de macht aan zijn ook al bejaarde droombroer over. Interessant is dat bij die overdracht werd gespeculeerd over hervormingen, terwijl Fidel in geen enkele speech had uitgesproken dat hij zoiets van Raúl wenste. Deze week zei Raúl het nog maar eens in zijn afscheidsspeech: ‘Leve Fidel!’

Als Raúl er straks niet meer is, zijn er Raúls kinderen. Fidel had bij diverse moeders kinderen die soms tragisch eindigden of overliepen naar de VS. Raúl was én een voorbeeldige broer én een voorbeeldig gezinshoofd. Zijn kinderen hebben op Cuba posities waarin ze kunnen handelen in de geest van hun vader of, nog correcter, die van hun oom. Voor alle gewone Cubanen betekent dat 62 jaar na de revolutie: in de ochtendzon aansluiten in rijen voor levensmiddelen. Wie weleens op Cuba is geweest, weet dat alleen toeristen daar rondlopen in T-shirts met Che Guevara.

Meer over