'Rampenbestrijding veel te vrijblijvend'

Nederland heeft voor het eerst een bewindspersoon die speciaal is belast met rampenbestrijding. Maar in de discussie over de politieke verantwoordelijkheid voor de rampen in Enschede en Volendam valt zijn naam nooit: staatssecretaris Gijs de Vries van Binnenlandse Zaken....

Het is vooral zijn baas en naamgenoot minister Klaas de Vries die over deze kwesties naar buiten treedt. De staatssecretaris ontwijkt het antwoord op de vraag of zijn afwezigheid in het publieke debat niet opmerkelijk is. 'Dat is de keuze van degenen die dat debat voeren', zegt hij afgemeten.

Aangesproken voelt hij zich wel. Over de vuurwerkramp in Enschede wil hij wel kwijt dat er in de jaren die eraan vooraf gingen 'door alle departementen, inclusief het mijne, ontoelaatbare knulligheden zijn begaan'.

Er was geen lering getrokken uit de ontploffing van een vuurwerkfabriek negen jaar eerder in Culemborg, kennelijk doordat die in dunbevolkt gebied plaatshad en er slechts twee doden bij vielen. 'Culemborg, wat was daar aan de hand, vroeg ik me af toen dat onderwerp na Enschede aan de orde kwam', zegt De Vries. 'Culemborg was op geen enkele manier langsgekomen, noch op het ministerie, noch in het kabinet, noch in de Tweede Kamer.'

Persoonlijker voelt De Vries zich aangesproken door het vorige week verschenen rapport van de commissie die namens de provincie Noord-Holland onderzoek deed naar de cafébrand in Volendam. Het ministerie wist allang dat de brandpreventie in veel gemeenten niet deugde, maar deed er niets mee, was een van de conclusies.

'Ik trek me die kritiek aan', zegt hij. 'De rijksinspectie voor de brandweer heeft in 1998 een reeks aanbevelingen gedaan aan de gemeenten. Achteraf gezien was het beter geweest als de inspectie ook was nagegaan of er iets met die aanbevelingen was gebeurd. De inspectie krijgt nu de bevoegdheden en middelen om dat te gaan doen. Maar brandveiligheid blijft op de eerste plaats een lokale verantwoordelijkheid.'

De PvdA en de commissie die Volendam onderzocht, verweten De Vries dat hij de afgelopen jaren halsstarrig heeft geweigerd 60 miljoen extra voor brandveiligheid uit trekken. 'Heeft de PvdA daartoe ooit een amendement op de begroting ingediend', riposteert hij fel. Die 60 miljoen is er volgens hem wel degelijk gekomen. Dat hebben de gemeenten zelf op tafel gelegd, bovenop de rijksbijdrage, zoals ook was afgesproken.

De Vries geeft een opsomming van wat hij sinds zijn aantreden in 1998 allemaal wél gedaan heeft om de rampenbestrijding te verbeteren. Het budget verdubbelde tot 100 miljoen per jaar en zal in 2002 185 miljoen bedragen.

Hij verwijst naar het 92-puntenplan dat het kabinet vorige maand presenteerde. Daarin worden gemeenten verplicht jaarlijks verantwoording af te leggen over hun veiligheidsbeleid. De brandweer wordt uitgebreid en krijgt meer greep op lokale vergunningen. De provincies gaan het beleid toetsen.

Het ministerie van VROM, dat naliet de vuurwerkregels aan te scherpen, krijgt een coördinerende rol voor het veiligheidsbeleid rond gevaarlijke installaties.

'De rampenbestrijding in Nederland wordt nog steeds gekenmerkt door een grote mate van vrijblijvendheid', zegt De Vries. 'We gaan de verantwoordelijkheden nu helderder afbakenen. Elk halfjaar gaan we de Kamer inzicht geven in de voortgang. En in het volgende regeerakkoord moet de verdere verbetering van de rampenbestrijding spijkerhard worden vastgelegd.'

Meer over