nieuws

Raad verlaagt boete voor bijstandsgerechtigde vrouw die boodschappen van moeder kreeg

De bijstandsgerechtigde vrouw uit Wijdemeren die boodschappen kreeg van haar moeder, hoeft de gemeente geen 7.000 euro terug te betalen, maar iets meer dan 2.800 euro. Dat heeft de Centrale Raad van Beroep, de hoogste bestuursrechter op het gebied van sociale voorzieningen, maandag bepaald.

De ‘boodschappenboete’ voor een bijstandsgerechtigde vrouw uit Wijdemeren kreeg vorig jaar veel aandacht.  Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant
De ‘boodschappenboete’ voor een bijstandsgerechtigde vrouw uit Wijdemeren kreeg vorig jaar veel aandacht.Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant

De ‘boodschappenboete’ voor de bijstandsgerechtigde vrouw ontsteeg eind vorig jaar de grenzen van Wijdemeren, een gemeente tussen Amsterdam en Utrecht. De zaak deed de Tweede Kamer van standpunt veranderen over het Nederlandse bijstandsbeleid: in de sociale zekerheid zou te weinig ruimte zijn voor maatwerk en individuele omstandigheden.

De bijstandsgerechtigde vrouw uit Wijdemeren kreeg naast haar uitkering, die zij vanaf 2015 ontving, wekelijks een tas met boodschappen van haar moeder, gevuld met basale inkopen als wc-papier, brood, sla, vlees, koffie en eieren. Zonder die hulp kon de vrouw niet rondkomen, verklaarde zij. ‘Ik ben bijna mijn hele uitkering kwijt aan vaste lasten.’

Maar volgens de overheid is een bijstandsuitkering wel genoeg om van te leven. Toen het Inlichtingenbureau, dat namens het ministerie van Sociale Zaken en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten controleert of uitkeringsgerechtigden zich aan de regels houden, de boodschappensteun ontdekte, tipte de instantie daarom de gemeente Wijdemeren. Die vorderde vervolgens bij de vrouw 7.039,96 euro terug – de op basis van Nibud-normen geschatte waarde van de geschonken boodschappen. Een boete legde de gemeente niet op.

Terugvordering

De vrouw was het niet met de terugvordering eens. Ze stapte naar de rechter, maar die stelde de gemeente in het gelijk. De vrouw had de hulp van haar moeder tegenover de gemeente verzwegen, waarmee ze haar ‘inlichtingenplicht’ schond. Tegen deze uitspraak ging de vrouw in hoger beroep.

Na de ontstane ophef beloofde uitvoerend wethouder Rosalie van Rijn van de gemeente Wijdemeren de casus opnieuw te beoordelen. Toch bleef de gemeente bij haar standpunt: de vrouw zou ook een deel van haar bijstand hebben uitgegeven aan een tweedehands auto en motor ‘uit het duurdere segment’.

De Centrale Raad van Beroep bepaalde maandagochtend dat de vrouw inderdaad geld aan de gemeente moet terugbetalen. Dat de vrouw ‘gedurende een lang periode structureel en substantieel levensmiddelen en verzorgingsproducten van haar moeder’ ontving, had zij moeten melden, aldus de rechter. Op grond van de Participatiewet kon de gemeente niet anders dan een bedrag terugvorderen.

Wel schroeft de Raad het bedrag wel terug tot 2.835,41 euro. De gemeente heeft niet afdoende bewezen dat de vrouw de hele periode boodschappen van haar moeder ontving. Daarnaast moet de gemeente de vrouw een schadevergoeding van 200 euro betalen wegens een onrechtmatig huisbezoek en haar proceskosten vergoeden.

Wie een boodschappenpakket van een voedselbank krijgt, legde de rechter verder uit, zit in een andere situatie. Voorafgaand aan deze hulp vindt namelijk een inkomenstoets plaats. Bij de vrouw uit Wijdemeren was daarvan geen sprake. ‘Daarom zijn het niet gelijke gevallen’, aldus de rechter.

Landelijke aandacht

De zaak uit Wijdemeren kreeg in de landelijke media veel aandacht. In de nasleep daarvan steunde de Tweede Kamer in februari een voorstel van verschillende partijen waarin werd bepaald dat mensen in de bijstand jaarlijks tot 1.200 euro aan giften mogen ontvangen zonder gekort te worden op hun uitkering. Volgens de Kamer laat de zaak zien dat met de regels soms wel erg weinig ruimte overblijft voor maatwerk en individuele omstandigheden.

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) pleitte begin mei voor hogere bijstandsuitkeringen. Een groeiend deel van de bevolking zou kampen met een gebrek aan bestaanszekerheid, doordat bij de verscheidene overheden alles in het teken is komen te staan van controle en fraudebestrijding.

Meer over