nieuws

Raad van State: provincie had geen dwangsommen mogen opleggen vanwege grafietregens bij Tata Steel

De provincie Noord-Holland heeft het verwerkingsbedrijf op het terrein van Tata Steel onterecht dwangsommen opgelegd vanwege het veroorzaken van de zogeheten grafietregens. Dat heeft de Raad van State woensdag bepaald.

Tom Kreling en John Schoorl
Het terrein van Tata Steel in Wijk aan Zee. Beeld Getty Images
Het terrein van Tata Steel in Wijk aan Zee.Beeld Getty Images

Bij het veroorzaken van de omstreden grafietregens, die zware metalen bevatten, heeft het bedrijf niet de vergunningsvoorschriften overtreden, oordeelt de Raad van State.

De grafietregens veroorzaakten de afgelopen jaren veel overlast en onrust onder de bewoners van de omliggende dorpen, zoals Wijk aan Zee. Bij het afgieten van het zogeheten slak door het bedrijf Harsco, een restproduct dat overblijft na het maken van staal, ontstaan vaak grote stofexplosies die neerdalen in de omgeving. Volgens de vergunning uit 2009 mag het stof dat vrijkomt niet verder dan 2 meter komen, maar in de praktijk vloog het alle kanten op.

Daarom legde de provincie Harsco in 2018 en 2019 dwangsommen op voor in totaal 450 duizend euro. Harsco en Tata Steel vochten de dwangsommen eerder bij de rechter aan, die hen in het ongelijk stelde. Maar de Raad van State oordeelt nu dus dat de dwangsommen onterecht werden opgelegd.

Geen opslag

De Raad van State komt tot dit oordeel omdat in de vergunning staat dat het stof ‘bij de opslag van slakken’ niet verder dan 2 meter verspreid mag worden. Volgens de Raad van State is er bij het verwerken van slak geen sprake van opslag, maar is het een ‘onderdeel van het productieproces’, waardoor het betreffende voorschrift uit de vergunning niet geldt.

De grafietregens die tussen het voorjaar van 2018 en juli 2019 regelmatig voorkwamen, bedekten het omliggende dorp Wijk aan Zee vaak met een dun laagje grafiet. Het veroorzaakte veel onrust onder de bewoners nadat uit onderzoek van het RIVM was gebleken dat er zware metalen in het stof zaten.

Dat is met name schadelijk voor jonge kinderen. Het RIVM schreef dat ‘langdurige (lage) blootstelling aan lood leidt tot neurologische ontwikkelingsstoornissen’. ‘Voor deze effecten zijn kinderen het gevoeligst omdat hun hersenen en zenuwstelsel nog in ontwikkeling zijn.’

Sproeien met water

Na alle onrust beloofde Tata Steel om maatregelen te nemen en de overlast te beperken. Zo werd er onder meer een hal gebouwd waarin de slakken nu worden verwerkt. Daardoor is de overlast enigszins afgenomen. De Raad van State schrijft in zijn uitspraak dat de huidige vergunning niet betekent dat Harsco ongelimiteerd stof mag verspreiden. In de vergunning staat namelijk wel dat Harsco door het sproeien van water de stofoverlast zoveel mogelijk moet voorkomen en beperken.

Overigens zegt de Raad van State dat de provincie natuurlijk de mogelijkheid heeft om voorschriften van de betreffende vergunning ‘aan te vullen of te wijzigen’.

De afgelopen jaren was er ook veel kritiek op de vergunningen die de provincie aan Tata Steel heeft gegeven. Zo concludeerde de Randstedelijke Rekenkamer vorig jaar dat de provincie onder meer te laat was met het actualiseren van sommige vergunningen.

Te groot en te complex

In het rapport Stof tot nadenken schreef de Rekenkamer dat de zaak te groot en te complex is voor de toezichthouder, de Omgevingsdienst. Zo heeft de staalfabrikant honderden vergunningen, met bijbehorende milieuregels, waardoor het overzicht lastig is. De Omgevingsdienst heeft geen capaciteit om een ‘overzichtelijkere vergunningsituatie’ te realiseren.

In het rapport kwam ook de vergunning voor Harsco aan de orde. Harsco was twee jaar geleden begonnen met een nieuwe werkwijze, bij wijze van proef. Met deze werkwijze ontstonden meer stofexplosies. Uit onderzoek van de Volkskrant bleek toen dat Harsco de nieuwe werkwijze had doorgevoerd zonder de juiste vergunning, waardoor er twee jaar lang illegaal was gewerkt.

Uit het rapport van de Rekenkamer bleek dat de Omgevingsdienst toestemming aan Harsco had verleend om de nieuwe werkwijze drie maanden uit te proberen. Dat het bedrijf daar vervolgens niet meer mee stopte, ontging de toezichthouder.

Meer over