Pyjama-generatie

Huyton-Noord is een van de beruchtste achterstandswijken van Groot-Brittannië. Jongeren weten niet beter dan dat ze hun hele leven een uitkering zullen krijgen, ze trekken hun pyjama niet eens meer uit....

door Peter de Waard

Ook in Tony Blairs cool Britain symboliseert de mode de klassentegenstelling. Terwijl de elite in de Londense wijk Chelsea zich kleedt in trendy Burberry, houden de bewoners van verpauperde wijken de hele dag hun pyjama aan.

Vrouwen brengen in nachtgewaad hun kroost naar school of doen er 's avonds om tien uur boodschappen in bij de Asda-supermarkt. 'Het zit makkelijk', zegt een vrouw in de Liverpoolse wijk Huyton-Noord. 'Waarom zou je je omkleden?' Huyton-Noord is een van de beruchtste achterstandswijken van Groot-Brittannië, een buurt waaraan het Brits economische wonder volledig voorbij is gegaan en waar de hoop op verbetering bijna was opgegeven.

Arbeid is hier na decennia van structurele werkloosheid een bijna onbekend begrip geworden: jongeren weten niet beter dan dat ze hun hele leven een uitkering zullen krijgen en nemen 's morgens niet eens de moeite zich om te kleden.

De pyjama-generatie verwisselt het bed slechts voor een zwerftocht over straat. Soms in tenues die in Nederland campingsmoking worden genoemd en hier gymjams heten: gympyjama's.

'Kom je uit Holland? Heb je drugs of cannabis? Geef mij een ciggie', zegt een jongetje. Hij noemt zich Johnnie Boy en is amper 12 jaar. Hij draagt in een plastic tas vier blikjes bier mee. Zijn Liverpoolse dialect maakt hem bijna onverstaanbaar. 'Kom op met je fag', roept hij dreigend, terwijl drie vriendjes komen aanrennen.

Johnnie Boy is nog leerplichtig, maar komt zelden meer op school. Leren is niet cool. Werken ook niet. Zeker geen laagbetaalde baan. 'Ik wil rijk worden. Ik word profvoetballer bij Liverpool', pocht hij. En als dat niet lukt? 'Je kunt nog altijd stelen of handelen. Ja, in drugs. Mijn broer verdient er veel geld mee.'

Johnnie Boy heeft drie oudere broers. Slechts een van zijn broers heeft een baantje, wil hij in ruil voor een ciggie wel vertellen. Maar Johnnie Boy zegt dat die broer door de familie met de nek wordt aangekeken. De familie is al drie generaties werkloos. Vader heeft ook nooit gewerkt en grootvader werd al ver voor zijn 50ste ontslagen bij de koekfabriek.

Meestal hangt hij met zijn vriendjes hier rond, vlak voor een aantal panden dat ooit samen een winkelcentrum moet hebben gevormd. De winkeliers hebben intussen geen last meer van Johnnie Boy en zijn vriendjes: alle winkels zijn gesloten en de ramen zijn dichtgetimmerd. De puien zijn beklad met graffiti. 'Daar staat de naam van Jimmy. Dat is mijn broer.'

Nog geen honderd meter verderop ligt het achttien maanden geleden geopende wijkcentrum van Huyton-Noord. Ook hier hebben jonge vandalen al toegeslagen. 'Er is enorm veel vernielzucht. Elk weekeinde worden wel ruiten ingegooid. We hebben de speelplaats van de kinderen moeten afsluiten', vertelt buurtwerkster Jayne Wilson. Ze is niet ontmoedigd, ofschoon het beveiligen van het nieuwe centrum een tijdrovende klus is geworden. Op elke deur zitten verschillende sloten. Wilson geeft gewapend met een grote bos sleutels een rondleiding ('hier is de crèche, hier is de bibliotheek en hier is de vergaderzaal') en verzucht daarna: 'Ik lijk wel een cipier.'

De dichtbij gelegen lokale basisschool Beechfield is afgesloten met een enorm elektronisch hek, dat alleen opengaat na het indrukken van een geheime code. 'We moesten wel. Het schoolplein werd misbruikt voor het parkeren van gestolen of onverzekerde auto's', vertelt de hoofdonderwijzer. 'Nadat de politie een autorazzia had gehouden in de voortuintjes van de huizen, waarbij tachtig wagens in beslag werden genomen, leek het veel bewoners beter deze ergens anders neer te zetten.'

De politie heeft verderop op een gemetselde muur stalen hekken met prikkeldraad laten aanbrengen. 'Hier verzamelden zich veel druggies. Als de politie verscheen, klommen ze snel over de muur en smeerden ze 'm. Nu is de vluchtweg afgesloten', zegt wijkbewoner Tommy Murphy.

Jayne Wilson stelt dat de spijbelende jongeren onder de 16 jaar de grootste probleemgroep vormen. Ze halen continu rottigheid uit. In Huyton-Noord is dan ook weinig te beleven. Zelfs de traditionele pub die in de rest van Engeland op de hoek van bijna elke straat is te vinden, ontbreekt hier. 'Tien jaar geleden waren er nog vier pubs. Nu drinken de mensen thuis', zegt Murphy. Er is nog wel een middelbare school, maar hoog op de onderwijsranglijsten staat die niet. Slechts 14 procent van de leerlingen haalt zijn diploma.

Murphy waarschuwt dat sommige straten eruitzien of er net een oorlog heeft gewoed. Maar naast slechte straten zijn er ook goede. 'Om de hoek kan ineens een heel andere wereld liggen', merkt hij op. De teloorgang van de wijk is nog het best te zien in Rosebank Road. Hier worden nog maar 32 van de 100 rijtjeshuizen bewoond. De rest is dichtgetimmerd, beklad en in sommige gevallen is de gevel zelfs gedeeltelijk ontmanteld. Alle tuintjes zijn bezaaid met afval. Tienermoeders laten kroost door de rommel op straat slalommen. In de hele wijk is de dierenkliniek het mooiste gebouw. 'We zijn grote dierenvrienden', grapt Tommy Murphy. Honderd jaar geleden stond beautiful Huyton nog bekend als een prachtig landelijk buitengebied van Liverpool. Koning Edward VII en zijn zoon koning George V kwamen hier regelmatig op bezoek bij de Earl of Derby. Begin vorige eeuw brachten staalindustrie, kabelmakers, suiker- en koekfabrieken grote welvaart. Bewoners uit uit Wales, Schotland en Lancashire stroomden toe. In de jaren dertig werden hier nieuwe wijken uit de grond gestampt.

Toen in de jaren vijftig en zestig de haven van Liverpool aan belang inboette, ging het ook neerwaarts met de industrie. De welvaart in vele delen van Liverpool ging achteruit, maar die in Huyton-Noord het hardst. Terwijl de werkloosheid in de rest van het land amper 3 procent is, werkt hier 23 procent van de mensen niet. 'We zijn een black spot', beschrijft Wilson de wijk met elfduizend bewoners.

Huyton-Noord behoort met 39 andere gebieden in Groot-Brittannië tot de wijken met de hardnekkigste werkloosheid. Ze zijn nu door de Labourregering geselecteerd voor een hulpprogramma dat in een periode van tien jaar tot een metamorfose moet leiden. Er is twee miljard pond beschikbaar gesteld voor deze zogenoemde New Deal for Communities-programma's, waarvan Noord-Huyton 55 miljoen pond krijgt.

Chris Marsh, teamcoördinator van het programma in Huyton-Noord, zegt dat generatie-overschrijdende werkloosheid een van de grote obstakels is om tot verbetering te komen. Hij spreekt niet van mensen zonder baan - unemployed -, maar van mensen zonder werk - workless. 'Unemployed is iets tijdelijks. Workless weten niet meer wat werken is. Niet werken is een manier van leven geworden.'

Buurtvertegenwoordiger Tommy Murphy constateert dat die verschillende generaties vaak ook nog in hetzelfde huis wonen: 'Iedereen gaat het dan heel gewoon vinden dat je leeft van de bijstand en dat je gewoon de hele dag je pyjama kan aanhouden.'

Murphy weet wie de grote schuldige is van al deze ellende. 'Maggie Thatcher', roept hij boos. 'Toen zij aan de macht kwam, gaf ze geen cent meer aan lokale besturen die overheerst werden door Labour. En daaronder hoorde deze wijk.' Dat de wijk weinig hulp kreeg had ook te maken met de samenstelling van de bevolking. Huyton-Noord is voor 98,5 procent blank, waardoor het geen aanspraak kon doen op potjes die bestemd waren voor integratieprogramma's van etnische minderheden.

Nu is er wel geld. Het wijkcentrum zelf is een van de resultaten van vernieuwing. Maar er zal eerst nog veel moeten worden gesloopt voordat er nieuw kan worden gebouwd. Tegenover het wijkcentrum staan twee volkomen vervallen appartemententsgebouwen van elk 180 woningen die onder de slopershamer gaan.

'Uiteindelijk moet het New Deal-programma een katalysator zijn voor particuliere investeringen. Maar ons eerste doel is de achteruitgang te stoppen', zegt coördinator Chris Marsh. Voornaamste prioriteiten zijn het slopen van leegstaande gebouwen en woningen, verbetering van onderwijs en gezondheidszorg en bestrijding van criminaliteit. Niet alleen worden nieuwe gebouwen neergezet, ook worden uit dit potje extra wijkagenten gerecruteerd, de straatverlichting verbeterd en videocamera's aangebracht.

De portier van een bejaardentehuis toont een film met twee jongetjes die met golfballen de ruiten proberen in te gooien. 'Helaas heeft de camera geen zoom-functie. Sommige mensen herkennen ze wel, maar die zeggen niets, omdat ze niet durven of omdat het hun eigen kinderen zijn. Ook dat gedrag moet worden veranderd.'

De moeilijkste taak is het doorbreken van de cultuur van ledigheid. 'We willen jongeren laten ervaren dat werken zinvol is', zegt Marsh. Jongeren krijgen bijvoorbeeld betaald om de muren in de wijk over te schilderen, ook al in de hoop dat ze die later niet zelf opnieuw zullen bekladden. 'Ze krijgen hiervoor een serieus loon: vijf pond per uur. Dat is aanzienlijk hoger dan hun uitkering.'

Brian, een van jongens die op deze wijze aan een baan is geholpen, is niet bijster enthousiast. Aan schilderen heeft hij een bloedhekel. Twee van zijn maatjes staan er bij te kijken. 'Nee, dat is ook niet ons favoriete werk.'

Jayne Wilson erkent dat het moeilijk is de werkethiek hier te introduceren. 'Jongeren verwachten niets van leren en werken. Men leeft hier van dag tot dag. Veel tieners gooien hun eigen leven al op jonge leeftijd op slot: jongens met een strafblad, meisjes met een baby.' Toch noemt ze het project een succes. 'We hebben een groep jongeren bereikt die uit de vicieuze cirkel wil ontsnappen.'

Het grote voordeel van het New Deal-programma is dat de buurt nauw betrokken wordt bij de voortgang. Wijkvertegenwoordigers als Tommy Murphy rapporteren continu over de resultaten en waken ervoor dat na schoonmaakoperaties de boel opnieuw vies wordt. 'Als de buurt is vervuild, hebben ook de vandalen vrij spel. Ze kloppen aan bij gepensioneerden, vragen om ciggies en proberen ze geld af te troggelen.'

De 83-jarige Iva Murrey heeft dankzij zo'n werkproject vrij uitzicht door haar voorraam. Ze durft tegenwoordig ook haar achtertuin, die is afgesloten met een schutting, in om haar plantjes te verzorgen. 'Het leven heeft weer zin', lacht ze.

Meer over