NieuwsIran

Protesten in Iran over stijgende brandstofprijzen zijn aanklacht tegen regering

Demonstranten in meer dan honderd steden en dorpen in Iran zijn afgelopen weekeinde de straat opgegaan om te protesteren tegen de verhoging van de brandstofprijs. Daarbij zijn zeker twee doden gevallen. Er werden ruim duizend arrestaties verricht.

Demonstranten verzamelen zich rond een brandende auto tijdens protesten in Teheran, nadat de regering de benzineprijs fors heeft verhoogd. Beeld null
Demonstranten verzamelen zich rond een brandende auto tijdens protesten in Teheran, nadat de regering de benzineprijs fors heeft verhoogd.

De demonstranten eisen het aftreden van regeringsleiders na de laatste noodgreep van Teheran om de toenemende economische crisis het hoofd te bieden. Iran verhoogt de brandstofprijs met 50 procent voor de eerste 60 liter die een automobilist maandelijks tankt.

Daardoor kost een liter benzine nu 15.000 rial, wat neerkomt op ongeveer 32 eurocent. Boven de 60 liter is de nieuwe prijs 30.000 rial (64 eurocent). Volgens Teheran gaan de extra opbrengsten naar het arme deel van de bevolking. 18 miljoen huishoudens met lage inkomens krijgen een toelage.

De hoogste geestelijk leider van Iran, ayatollah Ali Khamenei, sprak zondag op de staatstelevisie zijn steun uit aan de regering en haar besluit om de brandstofprijzen te verhogen. Hij noemde de demonstranten ‘misdadigers’ en zei dat ze waarschijnlijk beïnvloed waren door vijanden van de staat. ‘Een bank in brand steken is niet een daad van het volk. Dat is iets wat misdadigers doen.’ Daarnaast riep hij de autoriteiten op hun ‘taken uit te voeren’, wat duidt op mogelijk hard ingrijpen door de ordediensten de komende dagen.

De toegang tot het internet is door de autoriteiten bijna compleet versperd, in ieder geval voor 24 uur. De staatstelevisie beschuldigt ‘vijandige media’ van het verspreiden van nepnieuws, waardoor de rellen groter lijken dan ze zijn. Volgens NetBlocks, een organisatie die wereldwijd internettoegang monitort, daalde zaterdagnacht de internettoegang tot 7 procent van het normale niveau. De organisatie noemt het de grootste internetblokkade sinds president Rouhani aan de macht is.

Amerikaanse sancties

De Iraanse economie heeft te lijden onder Amerikaanse sancties die de olie-export hinderen. De sancties werden afgekondigd nadat de Amerikaanse president Trump meer dan een jaar geleden besloot de Verenigde Staten terug te trekken uit het atoomakkoord met Iran. Er zijn al langer demonstraties naar aanleiding van de economische crisis in het land. Door de sancties zien Iraniërs hun spaargeld slinken en loopt de werkloosheid verder op.

Economische protesten in Iran eind 2017, nog voor de nieuwe sancties werden opgelegd, werden hard neergeslagen door de politie en de vrijwillige dienst van de revolutionaire garde. Bij deze protesten werden zeker 5.000 mensen gearresteerd en kwamen 25 Iraniërs om het leven.

‘Net zoals ik anderhalf jaar geleden tegen de mensen van Iran zei: de Verenigde Staten staan achter jullie’, reageerde de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Mike Pompeo op Twitter. De nieuwe Amerikaanse ambassadeur in de Verenigde Arabische Emiraten John Rakolta zei tegen persbureau AP dat de VS geen regimewisseling teweeg probeert te brengen. ‘We laten het Iraanse volk zelf over hun toekomst beslissen.’

Er wordt wereldwijd steeds vaker geprotesteerd, maar het is minder effectief dan ooit.

Iran en de VS

‘Schandalig en idioot’, noemde de Iraanse president Hassan Rouhani eind juni de nieuwe financiële strafmaatregelen die president Trump heeft afgekondigd tegen onder meer ayatollah Ali Khamenei.

De Verenigde Staten begonnen in juni een diplomatiek offensief om Iran op de knieën te dwingen. In Saoedi-Arabië werkte Mike Pompeo aan een ‘mondiale coalitie tegen Iran’. 

Meer over