'Presidentsverkiezingen Algerije zijn een farce'

Nu zes van de zeven kandidaten zich hebben teruggetrokken, zal Abdelaziz Bouteflika vandaag tot president van Algerije worden gekozen. Hij zou waarschijnlijk toch wel hebben gewonnen, want Le Pouvoir steunt hem....

Wekenlang ageerden twee Algerijnse presidentskandidaten tegen de manier waarop de verkiezingen werden georganiseerd. Zij betoogden dat het om een gelopen, frauduleuze race ging, die slechts de status quo zou handhaven.

Naarmate de verkiezingsdag naderde, groeide het groepje dissidenten van twee naar vier naar zes. Maar iedereen dacht dat de protesten bedoeld waren om de druk op de ketel te houden. Niemand had verwacht dat zes van de zeven kandidaten zich aan de vooravond van de verkiezingen zouden terugtrekken. 'Het kwam als een volslagen verrassing', erkent een goed ingevoerde Algerijnse waarnemer.

Fraude was de officiële aanleiding van het protest. Daaraan ten grondslag ligt de diepere reden: Le Pouvoir, de machthebbers, had zich achter één kandidaat geschaard: Abdelaziz Bouteflika.

De beslissing van het zestal om zich op het allerlaatste moment terug te trekken, kan grote gevolgen hebben. Iedereen kan zich nog levendig de bloedige politieke rellen van oktober 1988 herinneren, het voorspel van de burgeroorlog die in 1992 begon. Dat de (ex-)kandidaten met zulk vuur spelen, geeft aan hoe belangrijk deze verkiezingen zijn.

Voor het eerst sinds de onafhankelijkheid van 1962 was de kans groot dat de Algerijnen een onafhankelijke burerpresident zouden kiezen. De hartenkreet van de idealisten was: laten we deze kans niet om zeep helpen, zeker niet nu Algerije juist een periode doormaakt van relatief weinig geweld.

Maar de angst voor fraude was enorm, zeker gezien de dubieuze gang van zaken tijdens de parlementsverkiezingen van 1997. De apathie onder de bevolking was navenant. Talloze non-gouvernmentele organisaties voerden actie om hun achterban naar de stembus te bewegen.

Er waren vier kansrijke kandidaten. Maar de 'onafhankelijke' Abdelaziz Bouteflika had zich verzekerd van alle belangrijke steunpilaren. Allereerst van vier regeringspartijen, waaronder het FLN, decennialang de enige toegestane partij in Algerije, en twee gematigde islamistische partijen. Daarnaast had de machtige vakbond UGTA zich voor hem uitgesproken. Tenslotte, en daar schuilt de belangrijkste adder, heeft hij de steun van een belangrijke factie binnen het leger.

De Algerijnse politiek is een slangenkuil. De politieke lijnen lopen niet van rechts naar links, maar krioelen binnen een driedimensionale driehoek: nationalistisch, islamistisch, democratisch en militaristisch.

Bouteflika vertegenwoordigt het nationalistische kamp. Tijdens zijn verkiezingscampagne refereerde hij keer op keer aan de 'gouden tijden' onder president Boumedienne in de jaren zeventig die Bouteflika zelf als minister van Buitenlandse Zaken heeft meegemaakt. 'Alles aan hem doet denken aan Boumedienne', zegt een Algerijnse journalist. 'Zijn taalgebruik, maar ook zijn houding, tot en met de manier waarop hij op de tafel slaat om zijn argument kracht bij te zetten.'

Het islamitische kamp werd begin jaren negentig vertegenwoordigd door het FIS, tot de partij in 1991 werd verboden. Hoewel de leiders van het FIS monddood zijn gemaakt, is de partij de afgelopen weken uit de schaduw getreden, door zich achter de kandidatuur van Taleb Ibrahimi te scharen. De verkiezingsbijeenkomsten van Ibrahimi, een gesoigneerd en gerespecteerd politicus, deden sterk denken aan die van het FIS begin jaren negentig. Vrouwen en mannen werden gescheiden en het Allah Akbar was luid en duidelijk.

Het democratische kamp is complex. De seculiere RCD boycotte de verkiezingen van meet af aan. De 73-jarige rebel Ait-Ahmed van de linkse FFS werd vorige week met hartproblemen naar Zwisterland afgevoerd.

Restte Mouloud Hamrouche, de kandidaat van de jeugd en de liberalen. Als premier was hij eind jaren tachtig verantwoordelijk voor de politieke en economische hervormingen. Maar voor een groot deel van de democraten is Hamrouche de slappeling die tijdens zijn premierschap het FIS toestond en de opmars van de fundamentalisten met vreedzame middelen wilde bestrijden. Veel democraten zijn vooral rabiaat anti-islamistisch.

Maar in Algerije zijn het niet de politici die de dienst uitmaken. Achter de schermen, in een ondoorgrondelijke schaduwrijk, beslissen de militairen, doorgaans aangeduid als Le Pouvoir, de macht. De politiek zou nog enigzins transparant zijn als dat leger, net als in de jaren zeventig en tachtig, een gesloten front vormde. Maar dat is niet meer het geval.

Geschillen tussen de militaire machtsblokken waren er de oorzaak van dat president generaal Zeroual in september vorig jaar de vervroegde presidentverkiezingen van vandaag liet uitschrijven. Het zijn nu vooral de oude generaals en de officieren van de Veiligheidsdienst die de kandidatuur van Bouteflika steunen.

Volgens goed ingelichte bronnen was het generaal b.d. Larbi Belkhier die Bouteflika heeft overgehaald zich kandidaat te stellen (Bouteflika genoot tot voor kort een vorstelijk salaris als raadgever van een prins in de Arabische Emiraten). Vervolgens steunde generaal b.d. Khaled Nezzar openlijk de kandidatuur.

Doorgaans wint in Algerije de kandidaat van het leger. Maar waarnemers wijzen erop dat het leger niet als een man achter Bouteflika staat. De machtige chefstaf Lamari zou zich neutraal hebben opgesteld, en de jongere officieren zouden de hervormingsgezinde Hamrouche steunen.

Talloze scenario's zijn nu denkbaar. Het meest waarschijnlijke is dat Bouteflika de verkiezingen glansrijk wint. De grote vraag is hoe bevolking en leger hierop zullen reageren. Voor vrijdag staat na het gebed grote 'vreedzame' demonstraties gepland. 'De internationale publieke opinie moet begrijpen dat deze verkiezingen een farce zijn', zegt Abdelkader Mosbar, woordvoerder van (ex-)kandidaat Ibrahimi. 'Dat is het enige waar de machthebbers zich iets aan gelegen laten liggen.'

Meer over