PREMIES 1995: BELASTINGEN

Het lage tarief van de loon- en inkomstenbelasting daalt als gevolg van een lastenverlichting van 2 miljard. De andere tarieven blijven gelijk....

NICO GOEBERT

jonger dan 65 jaar: 37,65 pct. (38,25) 0 tot 44.349 (43.267)

vanaf 65 jaar: 16,8 pct. (17,45) 0 tot 44.349 (43.267)

50 pct. van 44.349 tot 88.696 (86.532)

60 pct. vanaf 88.696 (86.532)

De belasting wordt geheven over de belastbare som. Dit is het onzuiver inkomen min het belastingvrije bedrag. Hiervoor gelden 5 tariefgroepen.

tariefgroep belastingvrij bedrag

1 0 (0)

2 tweeverdiener/alleenstaande 6.074 (5.925)

3 gehuwde alleenverdiener 12.148 (11.850)

4 alleenstaande met kind 10.934 (10.666)

5 als 4, èn werkend tussen 10.934 (10.666)

en 15.794 (15.407) <<>> Te veel betaalde belasting en premie volksverzekering kunnen worden teruggevraagd via het T-biljet. Het bedrag moet minstens 25 gulden zijn (was 150 gulden).

De vaste aftrek voor beroeps- en verwervingskosten bedraagt 8 procent van het inkomen uit tegenwoordige arbeid (onveranderd). Het minimum is 237 gulden (231) en het maximum 2.139 gulden (2.086). Voor niet-actieven: ¿ 584.- (¿ 569.-).

Het huurwaardeforfait is het bedrag van de bewoner van een eigen huis moet optellen bij zijn belastbaar inkomen. In 1994 daalden de bedragen met 0,1 procent, in 1995 blijven ze onveranderd. De basis voor de berekening van het forfait is de verkoopwaarde van het huis in bewoonde staat. Dat is 60 procent van het bedrag dat het huis zou opbrengen bij verkoop in onbewoonde staat. <<>> Waarde huis in bewoonde staat forfait

0 tot 15.000 0

15.000 tot 30.000 315

30.000 tot 60.000 720

60.000 tot 90,000 1.680

90.000 tot 120.000 2.520

120.000 tot 170.000 3.360

170.000 tot 220.000 4.760

220.000 tot 270.000 6.160

270.000 tot 320.000 7.560

320.000 tot 390.000 8.960

390.000 tot 460.000 10.920

460.000 tot 530.000 12.880

530.000 tot 600.000 14.840

600.000 en meer 16.800 <<>> De kosten van ziekte, invaliditeit, arbeidsongeschiktheid en dergelijke zijn als buitengewone lasten aftrekbaar voorzover zij méér bedragen van een bepaalde drempel:

* bij een onzuiver inkomen van 0 tot en met ¿ 22.959 (¿ 22.393) is de drempel ¿ 2.801 (¿ 2.732).

* bij een onzuiver inkomen van ¿ 22.960 tot en met ¿ 95.615 (¿ 93.279) is de drempel 12,2 procent van het onzuiver inkomen.

* bij een onzuiver inkomen van meer dan ¿ 95.615 (¿ 93.279) is de drempel ¿ 11.665 (¿ 11.380).

De vaste aftrek voor arbeidsongeschikten en 65-plussers wordt ¿ 879 (¿ 857) per persoon. Voor gehuwde gepensioneerden geldt ¿ 1.758 (¿ 1.714) als beiden 65 jaar of ouder zijn.

De aftrek voor extra uitgaven voor kleding en beddegoed is ¿ 650 (¿ 640). Indien u kunt aantonen dat deze uitgaven méér bedragen dan ¿ 1.300 (¿ 1.280) wordt het bedrag van ¿ 650 verhoogd tot ¿ 1.625 (¿ 1.600).

Iedereen mag van zijn inkomen een bedrag van maximaal ¿ 5.634 (¿ 5.496) aftrekken voor de storting van een lijfrentepremie. Voor gehuwden geldt ¿ 11.268 (¿ 10.992). De extra aftrek (de tweede tranche) is maximaal ¿ 56.328 (¿ 54.954). De eventuele derde tranche bedraagt ¿ 11.266 (¿ 10.991).

Het oude maximum van de lijfrentepremie-aftrek is ¿ 19.670 (¿ 19.190).

Particulieren kunnen belastingvrij kamers verhuren. Voorwaarde is dat zowel verhuurder als huurder in hetzelfde pand wonen en ook als zodanig staan ingeschreven in het bevolkingsregister. De huuropbrengst (dat is de kale huur plus een vergoeding van kosten zoals gas, water en licht) is belastingvrij tot ¿ 5.900 (¿ 5.600) per jaar. De vrijstelling vervalt geheel als de huuropbrengst hoger is.

De toevoeging aan de fiscale oudedagsreserve voor zelfstandigen is 11,5 procent van de winst voor zover deze niet meer bedraagt dan ¿ 68.629 (¿ 66.955), en 10 procent van de winst voor zover deze méér bedraagt dan dit bedrag. Het maximum bedrag van de jaarlijkse toevoeging aan de reserve is ¿ 19.484 (¿ 19.008).

Werknemersspaarregelingen

De maximale belasting- en premievrije spaarpremie is ¿ 1.053 (¿ 1.027). Het maximum in de spaarloonregeling bedraagt ¿ 1.580 (¿ 1.541).

De werkgever betaalt 10 procent (0 procent) loonbelasting over spaarloon en 20 procent (25 procent) over uitbetaalde winstdeling.

Kinderopvang

De eigen bijdrage aan opvang van jonge kinderen wordt groter. Maatgevend zijn de bedragen in de adviestabel van het ministerie van VWS. Uitgaven boven ¿ 10.250 per kind blijven buiten beschouwing. De aftrek-regeling gold alleen voor werknemers, vanaf 1 januari geldt ze voor iedereen.

Afhankelijk van het onzuiver inkomen komen de volgende bedragen (per jaar) niet meer in aanmerking voor aftrek: <<>> onzuiver inkomen meer dan 5 uur per dag5 uur of minder per dag

1ste kindelk volgend 1ste kind elk volgend

kind kind

0 tot 26.850 1.116 1.116 744 744

26.850 tot 30.000 1.575 1.320 1.050 880

30.000 tot 36.000 2.451 1.320 1.634 880

36.000 tot 42.000 3.321 1.320 2.214 880

42.000 tot 48.000 4.178 1.320 2.785 880

48.000 tot 54.000 5.012 1.502 3.341 1.001

54.000 tot 60.000 5.846 1.753 3.897 1.169

60.000 tot 66.000 6.681 2.003 4.454 1.335

66.000 tot 72.000 7.515 2.253 5.010 1.502

72.000 tot 78.000 8.444 2.532 5.629 1.688

78.000 tot 84.000 9.246 2.773 6.164 1.849

84.000 tot 90.000 10.048 3.013 6.699 2.009

90.000 tot 96.000 10.849 3.253 7.233 2.169

96.000 tot 102.000 11.649 3.494 7.766 2.329

102.000 en meer 12.300 3.696 8.200 2.464

Alimentaties stijgen met 1,3 (4,2) procent .

De wettelijke rente bedraagt 8 (9) procent. <<>> Reiskostenforfait

Wie geen gebruik maakt van het openbaar vervoer mag de volgende bedragen aftrekken voor woon-werkverkeer. <<>> enkele reisafstand aftrekmaximum vrijgestelde vergoeding

0 t/m 10 km 0 (0) 0 (0)

11 t/m 15 km 890 (870) 1.910 (1.820)

16 t/m 20 km 1.250 (1.180) 2.330 (2.200)

21 t/m 30 km 2.050 (1.950) 3.200 (3.010)

31 km en meer 2.050 (1.950) 3.200 (3.010) <<>> Voor wie wel gebruik maakt van het openbaar vervoer geldt de volgende tabel voor aftrek van zelf gemaakte kosten en voor de vrijgestelde vergoeding door de werkgever. Een openbaar-vervoerverklaring is vereist. <<>> enkele reisafstand aftrek maximum vrijgestelde vergoeding

0 t/m 10 km 0 (0) 860 (820)

11 t/m 15 km 890 (870) 2.110 (2.020)

16 t/m 20 km 1.250 (1.180) 2.530 (2.400)

21 t/m 30 km 2.050 (1.950) 3.400 (3.210)

31 t/m 40 km 2.550 (2.440) 4.000 (3.800)

41 t/m 50 km 3.390 (3.270) 5.000 (4.800)

51 t/m 60 km 3.810 (3.670) 5.500 (5.290)

61 t/m 70 km 4.270 (4.140) 6.060 (5.860)

71 t/m 80 km 4.440 (4.310) 6.300 (6.100)

81 km en meer 4.520 (4.390) 6.400 (6.200) <<>> Het normbedrag voor de belastingvrije autokilometervergoeding is 59 (57) cent.

Ouderenaftrek

Wie 65 jaar en ouder is en een totaal jaarinkomen heeft dat niet hoger is dan ¿ 50.423 krijgt een belastingverlaging in de vorm van een verhoging van de belastingvrije som van ¿ 792.

Schenkingsrecht

Vrijgesteld van belasting zijn schenkingen van ouders aan hun kinderen tot ¿ 7.655 (¿ 7.468) per jaar, of eenmalig ¿ 38.277 (¿ 37.343).

(Tussen haakjes de bedragen die golden in 1994).

Meer over