nieuws

Premier Rutte wil liever weer formeren met de koning

Na drie formaties met de Tweede Kamer aan het roer, wil demissionair premier Mark Rutte de coördinerende rol van de koning in ere herstellen. Hij denkt dat Willem-Alexander het proces wat had kunnen versnellen. ‘Het is niet dat de formatie dan drie maanden korter is, maar het zou wel helpen.’

Remco Meijer en Raoul du Pré
Demissionair premier Mark Rutte begin 2021 na een bezoek aan koning Willem-Alexander in Paleis Huis ten Bosch in Den Haag. Beeld ANP
Demissionair premier Mark Rutte begin 2021 na een bezoek aan koning Willem-Alexander in Paleis Huis ten Bosch in Den Haag.Beeld ANP

Dat zegt Rutte in een vrijdag gepubliceerd interview met De Telegraaf. Daarmee opent hij het debat over de formatieprocedure dat komend jaar op het Binnenhof gevoerd moet worden. Sinds de Tweede Kamer in 2012 besloot de bemoeienis van de koning met de formatie te schrappen en zelf de regie te nemen, was er één razendsnelle formatie in 2012 van het kabinet Rutte II met de VVD en de PvdA. Daarna volgden in de aanloop naar Rutte III en Rutte IV de twee langste formaties uit de Nederlandse geschiedenis. De Tweede Kamer wil zich daarom opnieuw buigen over de formatieprocedure.

Dat Rutte een rol voor de koning ziet weggelegd, is niet verrassend. De VVD was in 2012 tegen de nieuwe procedure en hield dat standpunt sindsdien vol. De verandering werd destijds doorgevoerd onder aanvoering van D66, PvdA, PVV, SP, GroenLinks en de Partij voor de Dieren. Dat kamp is tot nu toe niet kleiner geworden, want de meeste nieuwe partijen in de Kamer zijn ook tegen bemoeienis vanuit het paleis.

Aanmoedigende rol

In de formatie oude stijl had het staatshoofd een aanmoedigende en coördinerende rol. Tot 2012 ontbood koningin Beatrix snel na de verkiezingen haar vaste adviseurs – de voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer, plus de vicepresident van de Raad van State – op het paleis om de uitslag te evalueren. Ook ontving zij de fractievoorzitters van alle in de Tweede Kamer gekozen partijen. Daarna werd een informateur aangesteld die regelmatig rapporteerde aan het paleis.

De Kamer was doorgaans tevreden over die procedure. Toch bleef er ook altijd een knagend gevoel van ongemak hangen over de keren dat het erop leek dat Beatrix zich, zonder democratische legitimatie, inhoudelijk bemoeide met de gang van zaken. In 1994 bijvoorbeeld, toen zij zich enige tijd fel verzette tegen de komst van het eerste paarse kabinet omdat ze het CDA niet wilde afdanken. In 2010 was er ook enige wrijving tussen de het parlement en de koningin toen VVD, CDA en PVV de aangewezen informateur Ruud Lubbers, en daarmee ook Beatrix, passeerden bij hun zoektocht naar een minderheidskabinet.

Twee verkenners

Dat werd de aanleiding voor het invoeren van de nieuwe procedure, waarbij de Kamer na de verkiezingen zelf een ‘verkenner’ aanwijst uit de grootste partij. Die maakt, in afwachting van de installatie van de nieuwe Tweede Kamer, alvast een inventarisatie met alle fractieleiders. Dat ging goed in 2012 en 2017, maar dit jaar week men onder aanvoering van VVD en D66 af van die procedure .

Nu leverde ook de tweede partij (D66), op basis van vijf zetels winst, een verkenner. Het resulteerde in het duo Annemarie Jorritsma (VVD) en Kajsa Ollongren (D66). Nadat die laatste op 25 maart werd gefotografeerd met explosieve aantekeningen onder haar arm (‘Positie Omtzigt: functie elders’) kwam een dynamiek op gang die de gemoederen de rest van het jaar bezighield. De noodzaak van ‘een nieuwe bestuurscultuur’ werd het mantra op het Binnenhof.

Kamervoorzitter Vera Bergkamp zei vorige week bij de presentatie van het coalitieakkoord dat zij ook deze kabinetsformatie zal laten evalueren. Informateur Johan Remkes merkte op dat de recordlengte van de formatie noopt tot ‘een politieke oefening in zelfreflectie’. De kans dat dat leidt tot een terugkeer van de koning in het proces is echter niet groot, gezien de politieke verhoudingen in de Tweede Kamer. Wel groeit in het parlement de behoefte om de procedure beter vast te leggen.

‘Leermoment’

De Nijmeegse hoogleraar staatsrecht Paul Bovend’Eert, die met een commissie op verzoek van de Kamervoorzitter de formaties van 2012 en 2017 evalueerde, vindt dat de procedure waarbij de Kamer informateurs aanwijst (in feite de belangrijkste wijziging sinds 2012) ook nu goed is verlopen. Dat dit de langste formatie uit de geschiedenis is, ligt volgens hem eerder aan de politieke verhoudingen dan aan het proces. ‘Met name informateur Mariëtte Hamer heeft veel tijd genomen, maar zij had de pech dat de partijen in die periode niet tot een coalitiekeuze kwamen. Dat is van alle tijden.’

Wel beaamt hij dat de eerste stap ongelukkig was. ‘Dat is een leermoment’, zegt Bovend’Eert. ‘Doordat die verkennersperiode mislukte, is een negatieve dynamiek ontstaan. Twee verkenners, die bovendien hun mandaat ver te buiten gingen: je kunt je afvragen of dat verstandig was. Behalve het tweetal valt dat ook Rutte aan te rekenen. Een verkenner moet het simpel houden en bij de andere partijen informeren: wie moet de eerste informateur worden in het proces?’

Formatiewet

Bovend’Eert noemt het verstandig om in een evaluatie ook te kijken naar een ‘formatiewet’, zoals hier en daar wordt geopperd. In 2012 is daar bewust van afgezien. Dat moet dan een beknopte wet zijn, waarin de huidige procedure ‘steviger’ en ‘met meer waarborgen’ vastligt dan in het huidige, nogal vrijblijvende Reglement van Orde van de Tweede Kamer.

Vicepresident van de Raad van State Thom de Graaf pleitte twee jaar geleden in het Tijdschrift voor Constitutioneel Recht voor een studie naar een formatiewet, die ‘een sterkere democratische legitimatie’ aan het formatieproces geeft. Ook zouden ‘regels over informatieverstrekking, verantwoording, openbaarheid en archivering’ aan zo’n wet kunnen worden toegevoegd.

‘Maar geen termijnen’, zegt Bovend’Eert. ‘Want termijnen vereisen ook sancties en de enige denkbare sanctie bij het overschrijden van een termijn is nieuwe verkiezingen. Dan krijg je Israëlische toestanden, waarbij de kiezer voortdurend naar de stembus wordt geroepen.’

Meer over