Polderbisschop De Korte: kerk moet wegblijven uit slaapkamer

Hij wordt gezien als de officieuze plaatsvervanger van paus Franciscus in Nederland: Gerard de Korte, bisschop van Den Bosch. Benaderbare bruggenbouwer, die ruimte geeft aan andere opvattingen. Maar een revolutie zal hij niet ontketenen. 'Een bisschop pleit niet voor vrijzinnigheid. Dat is een doodlopende weg.'

We zijn nog altijd een volkskerk en dat moeten we willen blijven', zei bisschop Gerard de Korte in Trouw. 'Jezus is er niet alleen voor de leerlingen, maar ook voor de schare.' Beeld Mike Roelofs
We zijn nog altijd een volkskerk en dat moeten we willen blijven', zei bisschop Gerard de Korte in Trouw. 'Jezus is er niet alleen voor de leerlingen, maar ook voor de schare.'Beeld Mike Roelofs

Je zou maar aan die verwachtingen moeten voldoen.' In de woorden van Marisca Lulofs, de econoom van het bisdom Groningen-Leeuwarden, klinkt mededogen door voor Mgr. Gerard de Korte. Hij is op het schild gehezen als de Hoffnungsträger van progressieve katholieken, als de officieuze plaatsvervanger van paus Franciscus in Nederland, als de antipode van de stugge kardinaal Wim Eijk.

Het feit dat De Korte uitgerekend op 14 mei jongstleden aantrad als bisschop van Den Bosch werd door sommigen als een teken van hoop gezien. Als het geboorteuur van 'een liefdevolle, milde en gastvrije kerk'. Want precies 50 jaar eerder, op 14 mei 1966, vond in dezelfde kathedraal waar De Korte werd geïnstalleerd de uitvaartplechtigheid plaats van diens verre voorganger - de nog altijd vereerde Mgr. Wilhelmus (Rinus) Bekkers. Oudere katholieken missen deze milde prelaat nog steeds. Met terugwerkende kracht is zijn heengaan aangemerkt als het einde van de katholieke lente die was begonnen bij het Tweede Vaticaans Concilie.

Krimpende kerk

De komst van Gerard de Korte wekt dus hooggestemde verwachtingen. Niet alleen bij veel Brabantse katholieken, maar ook bij veel rand- en buitenkerkelijken. Bij iedereen eigenlijk die de herderlijke paus Franciscus weet te waarderen. Maar zoals de paus zich niet heeft kunnen losmaken van de kerkelijke dogmatiek - gesteld dat hij dat al zou hebben gewild - zo zal De Korte geen revolutie ontketenen in zijn nieuwe bisdom. Want ook De Korte ontkomt niet aan de werkelijkheid van een krimpende kerk en aan de ingrepen die daaruit voortvloeien. En ook De Korte zal zich voegen naar de regels van zijn kerk. 'Een bisschop gaat niet voor vrijzinnigheid pleiten', zei hij enkele jaren geleden al in De Groene Amsterdammer. 'Dat is een doodlopende weg. Dat neemt niet weg dat ik onverminderd waardering heb voor al die aardige, tolerante, vrijzinnige mensen met andere opvattingen.'

'Hij ziet zichzelf niet als de tegenhanger van kardinaal Eijk', zegt Marisca Lulofs. 'De buitenwereld maakt de tegenstellingen veel groter dan ze in werkelijkheid zijn', meent Bert Elbertse - in de jaren tachtig vrijwilliger bij de Utrechtse Binnenstadparochie waaraan De Korte als priester was verbonden. 'Je zou kunnen zeggen dat De Korte meer een pastorale man is dan Eijk, meer een herder voor de gelovigen. Er is dus een verschil in stijl, in de mate waarin ze benaderbaar zijn. Zo beschouwd zijn er zeker verschillen. Maar in hun opvattingen over de kerkelijke leer staan ze dichter bij elkaar dan sommige mensen misschien willen zien. Met de tegenstelling progressief-conservatief heeft hij niet zoveel. Dat zijn begrippen uit de jaren tachtig.' De kerk waarvoor De Korte zich inzet, is 'open en gastvrij, maar ook orthodox'.

null Beeld
Beeld

Verbanning

Dat laat onverlet dat er in het verleden geregeld aanvaringen zijn geweest tussen Eijk en De Korte. Toen Eijk in 2007 aantrad als aartsbisschop van Utrecht, was er in zijn staf geen plaats voor De Korte, die hulpbisschop was onder Eijks voorganger Ad Simonis. De Kortes benoeming tot bisschop van Groningen-Leeuwarden - het kleinste bisdom van de Nederlandse kerkprovincie - werd niet als een promotie aangemerkt. Hij spande zich echter niet zichtbaar in om bij Eijk in het gevlei te komen.

Zo uitte hij in een preek kritiek op de verbanning van liederen van Huub Oosterhuis en Ida Gerhardt uit de katholieke misboekjes. In dezelfde preek hekelde hij bisschop Williamson - een holocaustontkenner - en stelde hij het seksueel misbruik in kerkelijke instellingen aan de orde. Tot misnoegen van Eijk. In een brief aan de Nederlandse bisschoppen en de pauselijke nuntius trok hij fel van leer tegen dit 'bijzonder laakbare' optreden van De Korte, die niet alleen de aartsbisschop 'maar ook de heilige vader' zou hebben gedesavoueerd.

De Korte maakte eveneens bezwaar tegen de wijze waarop Eijk het hoofd biedt aan de leegloop van de kerk - door De Korte liever gekenschetst als het 'uitblijven van de christelijke renaissance'. Dat kerken moeten worden gesloten en parochies moeten worden samengevoegd, is ook voor De Korte een onontkoombaar gegeven. Als bisschop van Groningen-Leeuwarden streefde hij er echter naar om kerken zo lang mogelijk open te houden, en betekende de sluiting van een kerk niet per definitie dat daardoor ook het parochieleven ten einde was: de 'plaatselijke geloofsgemeenschappen' konden wat hem betreft ook uitwijken naar scholen, protestantse kerken of andere 'niet gewijde gebouwen'. De Korte is naar eigen zeggen 'niet van de heilige-restkerk'. Ofwel: hij deelt niet de opvatting dat de kerk uiteindelijk beter af is met een kleine schare trouwe gelovigen dan met een heterogene geloofsgemeenschap (van orthodox tot vrijzinnig). 'We zijn nog altijd een volkskerk en dat moeten we willen blijven', zei De Korte in Trouw. 'Om met Oepke Noordmans (een Nederlands-Hervormde theoloog, red.) te spreken: Jezus is er niet alleen voor de leerlingen, maar ook voor de schare.'

Renaissance

Bij zijn aantreden als bisschop van Groningen-Leeuwarden gaf De Korte lucht aan zijn 'hartstochtelijk verlangen naar een christelijke renaissance in Noord-Nederland'. Bij zijn afscheid moest hij erkennen dat die wedergeboorte tot nader order is uitgesteld. Maar 'ontkerkelijking en secularisatie zijn geen onomkeerbare processen', zei hij in het Dagblad van het Noorden. 'De tijden kunnen immers veranderen. Christenen past dus geen doemdenken.' Kerkverlating is volgens De Korte een sluipend proces. 'Je valt tegenwoordig niet van je geloof, maar je glijdt eraf. Je glijdt min of meer onbewust weg uit woorden en rituelen die steeds minder betekenen, tot je ineens beseft: ik sta erbuiten.'

De Korte wordt tijdens een eucharistieviering in Groningen geïnstalleerd als nieuwe bisschop van Groningen-Leeuwarden, september 2008. Beeld anp
De Korte wordt tijdens een eucharistieviering in Groningen geïnstalleerd als nieuwe bisschop van Groningen-Leeuwarden, september 2008.Beeld anp

Liefde voor de Reformatie

Dat De Korte zich in dezen op een niet-katholiek theoloog beroept, is kenmerkend. Hij is kenner van het werk van Karl Barth en promoveerde op het werk van de (protestantse) theoloog Eduard Thurneysen. 'Ik ben een katholiek met een grote belangstelling en liefde voor de Reformatie', zei hij in het Reformatorisch Dagblad. 'De overeenkomsten tussen ons zijn veel groter dan de verschillen.' Tot de 'minder goede eigenschappen' van protestanten rekende hij 'hun neiging tot breken en splitsen'. 'Als er onenigheid is, beginnen ze te gemakkelijk een eigen kerk.' En dat protestanten bij de koffie maar één soort koekjes presenteren, staat hem als katholiek ook enigszins tegen.

'Voor hem heeft het huis van de Roomse Kerk vele kamers', zegt zijn vriend en vroegere studiegenoot Renz de Wit. 'Er is ruimte voor uiteenlopende meningen. Maar dat betekent ook dat je op een warme, faire manier met elkaar moet omgaan en niet je eigen gelijk wilt halen.' Voor De Korte zelf heeft de metafoor van het huis met de vele kamers nog een andere betekenis: de kerk moet zich niet bemoeien met wat zich in de slaapkamer afspeelt. 'We hebben een lange traditie van niet prudent zijn. Maar je vraagt aan een heteroseksueel toch ook niet wat hij 's nachts zoal doet?'

Dat is geen aansporing tot vrijheid blijheid. Of tot het loslaten van de seksuele moraal. Maar homoseksualiteit en gelovigheid zouden elkaar niet mogen uitsluiten. Er zijn meerdere manieren waarop het geloof geleefd zou mogen worden. Als gelovige moet je altijd kennis willen nemen van andere opvattingen dan de jouwe. 'Benaderbaarheid' en 'het vermogen om te luisteren' zijn kwaliteiten die in elke profielschets van Gerard de Korte terugkomen. 'Hij is bij uitstek een bruggenbouwer', zegt Renz de Wit. 'Een raspolderaar.'

Gerard de Korte. Beeld anp
Gerard de Korte.Beeld anp

Jongen op de herenafdeling

Zijn vader - bedachtzaam als hijzelf - was aannemer in het Utrechtse Vianen. Zijn moeder een extraverte vrouw voor wie Maria een immer nabije figuur was. Ze waren hartelijke, gastvrije mensen die het geloof hebben voorgeleefd, zegt Gerards (vijf jaar) oudere zus Margreeth. Zij kan zich niet herinneren dat ze hem ooit achter een voetbal heeft zien aanrennen of Winnetou heeft zien lezen. 'Dat was meer míjn afdeling. Gerard was daar te serieus voor. Hij las andere boeken en vond het leuk om aanwezig te zijn bij gesprekken met ouderen.'

Omstreeks zijn twaalfde werd hij met buikvliesontsteking, een aandoening waaraan zijn vader in 1992 zou overlijden, in een Utrechts ziekenhuis opgenomen. 'Jong als hij was, verbleef hij op de herenafdeling. Tot ieders genoegen, want hij speelde de hele dag Electro met zijn zaalgenoten, een kennisspel waarbij een lampje gaat branden als je het goede antwoord geeft.' 'Ik was een vroom jochie', zei De Korte zelf in het Brabants Dagblad. 'Met mijn vader ben ik in een speciale winkel in Utrecht nog kelkjes en monstransjes gaan zoeken. Er waren er wel meer die graag misje speelden.'

Zijn priesterlijke roeping had hij nog niet ontvangen toen hij in 1974 geschiedenis ging studeren in Utrecht. 'Hij toonde, net als ik, grote belangstelling voor de internationale betrekkingen', zegt Renz de Wit - met wie hij al op de eerste dag van hun studie kennismaakte. 'We liepen de vrijdagmiddaglunches van het Genootschap voor Internationale Zaken af in hotel des Pays Bas, we volgden de colleges nieuwere geschiedenis van de onvolprezen professor Boogman - die zijn betogen vaak begon met de zin 'u moet zich verbeelden dat...' - en we beklopten en betastten het oeuvre van Norbert Elias, Max Weber en van Paul Hazard.' Ook wisselde De Korte geloofservaringen uit met De Wit, die zelf orthodox-protestants is gedoopt. De Wit was dan ook allerminst verrast toen zijn vriend uiteindelijk 'de wereld van het geloof in wilde'.

Schoonheid

Twee jaar geleden beschreef Gerard de Korte in De Groene Amsterdammer, aan de hand van een boek van de theoloog Romano Guardini, de schoonheid van een paaswake op Sicilië. 'Het begint met een donkere kerk waarin het licht wordt binnengebracht. Je ogen worden aangesproken, dus je ziet. Er wordt gewierookt, dus je ruikt. Je wordt besprenkeld, als herinnering aan de doop, dus je voelt. De paasjubelzang klinkt, dus je hoort. (...) Schoonheid vormt een wezenlijk aspect van christelijk vieren.'

Het episcopaat van Den Bosch heeft hij nooit begeerd, zegt De Korte zelf. 'Ik dacht dat Groningen mijn stek zou zijn en ik hier oud zou worden. Maar als de paus je vraagt, moet je goede redenen hebben om te weigeren. En die had ik niet.' Maatschappelijke ambitie is een priester bijna per definitie vreemd, zegt zus Margreeth. 'Want de priester jaagt geen carrièredoelen na, nee: de priester wordt gevráágd.' Op een gevoel van trots over zijn benoeming - 'in de ogen van velen een promotie' - heeft Marisca Lulofs hem dan ook niet kunnen betrappen. 'Dankbaarheid is meer een woord dat bij hem past. En in vertrouwen op Christus, zoals zijn wapenspreuk luidt.'

Voor sommigen komt het als een teleurstelling, voor anderen als geruststelling, maar onder De Korte zal in het bisdom Den Bosch voorlopig alles bij het oude blijven. 'Een wijze pastoor verandert het eerste jaar niets', zei hij in het Brabants Dagblad. 'Ik ga eerst eens met iedereen kennismaken.' Over de incidenten die ongetwijfeld snel zijn aandacht zullen opeisen, maakt hij zich nog geen zorgen. 'De boom die valt, maakt meer lawaai dan een heel bos dat groeit.' Een citaat van de paus met wie de bisschop van Den Bosch zo vaak wordt vergeleken.

null Beeld
Beeld

CV

1955 Geboren in Vianen

1981 Studie geschiedenis en theologie

1987 Priester van aartsbisdom Utrecht

1987 Rector van de Utrechtse priesteropleiding

1994 Doctor in de theologie, proefschrift 'Pastoraat van de verzoening'

1999 Delen van Salland

2001 Hulpbisschop van het aartsbisdom Utrecht

2008 Bisschop van Groningen-Leeuwarden

2015 theoloog des Vaderlands

2016 Bisschop van Den Bosch

Meer over