Nieuws

Poetin mogelijk in beeld voor oorlogsmisdrijven in Oekraïne: openbaar aanklager Strafhof begint onderzoek

De openbaar aanklager van het Internationaal Strafhof (ICC), Karim Khan, gaat een strafrechtelijk onderzoek beginnen naar oorlogsmisdrijven gepleegd in Oekraïne. Hij heeft dat maandagavond meegedeeld. Bij zo’n onderzoek kan iedereen die bij de oorlog in Oekraïne betrokken is in beeld komen als verdachte, dus ook de Russische president Vladimir Poetin.

Rob Vreeken
Vladimir Poetin, afgelopen vrijdag, vlak voor een vergadering met de Russische Veiligheidsraad.  Beeld AP
Vladimir Poetin, afgelopen vrijdag, vlak voor een vergadering met de Russische Veiligheidsraad.Beeld AP

Khan had de strijdende partijen vrijdag al in niet mis te verstane bewoordingen gewaarschuwd. Hij zei de ontwikkelingen in Oekraïne ‘nauwgezet en met groeiende zorg’ te volgen, dit met het oog op mogelijke oorlogsmisdrijven, misdaden tegen de menselijkheid en genocide. ‘Eenieder die zulke misdrijven pleegt, ook door ze te bevelen of uit te lokken, of op een andere wijze eraan bijdraagt, kan vatbaar zijn voor vervolging.’

Het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag was sinds 2015 al met een zogeheten ‘voorlopig onderzoek’ bezig over Oekraïne. De aanklager kijkt daarin of er reden is voor een daadwerkelijke strafzaak. Door de huidige geweldsescalatie in Oekraïne lag het al voor de hand dat het onderzoek in een hogere versnelling zou komen. Khan moet formeel nog wel toestemming krijgen van het hof een strafonderzoek te openen, maar waarschijnlijk zal dat geen probleem zijn.

Oekraïne noch Rusland behoort tot de 123 lidstaten van het ICC. Niettemin kan het hof optreden inzake de Oekraïne-oorlog. Oekraïne heeft in 2015 de rechtsmacht van het hof erkend voor alle internationale misdrijven, gepleegd op zijn grondgebied vanaf 20 februari 2014. Dat was de periode van de Maidan-protesten, de gevechten in de Donetsk, de Russische militaire interventie daar en de bezetting door Rusland van de Krim.

Sindsdien liep het voorlopig onderzoek. Khans voorganger Fatou Bensouda liet op 11 december 2020 weten dat er inderdaad reden was voor vervolgstappen. Zij had geconcludeerd ‘dat er gerede grond is te geloven’ dat oorlogsmisdrijven en misdaden tegen de menselijkheid waren gepleegd in Oekraïne.

Stroomversnelling

Dat was dus ruim vóór de recente geweldsescalatie en de invasie van het Russische leger. Bensouda treuzelde vervolgens met die vervolgstappen, wat haar op kritiek kwam te staan. Haar opvolger (sinds juli 2021) Khan heeft nu alle aanleiding wél door te pakken. Uiteraard brengt de Russische invasie alles in een stroomversnelling, en geeft de oorlogvoering alleen maar meer reden te geloven dat er misdrijven zijn en worden gepleegd.

Het mandaat van 2015 geeft de hoofdaanklager de vrije hand ook alles wat nú gebeurt in Oekraïne in zijn onderzoek te betrekken. De rechtsmacht van het hof strekt zich uit tot alle betrokken individuen, van welke nationaliteit dan ook. Dus ook Russische militairen en politici, dus ook Poetin. Ze kunnen allemaal (overigens ook aan Oekraïense kant) worden aangeklaagd.

Toestemming van de Veiligheidsraad heeft Khan niet nodig voor een strafonderzoek. Een (in theorie mogelijk) besluit van de Veiligheidsraad om zijn onderzoek op te schorten, zal ongetwijfeld stuiten op veto’s van de VS, Groot-Brittannië en Frankrijk.

Overigens kan er niemand worden vervolgd wegens het misdrijf van ‘agressie’, hoewel dat in 2018 werd toegevoegd aan het statuut van het hof. Op grond van een speciale regel is dit alleen te gebruiken tegen lidstaten van het hof, tenzij de Veiligheidsraad anders besluit (maar dat zal Rusland niet toestaan).

Een zaak bij het strafhof is relevanter en kansrijker dan de zaak die Oekraïne van plan is aanhangig te maken bij dat andere wereldhof in Den Haag, het Internationale Gerechtshof (ICJ). Een procedure daar kan, als het hof er überhaupt al aan begint, heel lang duren. Ook kan het ICJ geen individuen vervolgen, het behandelt alleen geschillen tussen staten.

Meer over