Pochetje

JEAN-PIERRE GEELEN

Actualiteit is ook maar een begrip. Nu het journalistieke interviewprogramma Eén op Eén viermaal per week een gast uit de actualiteit ontvangt, kon je maandag misschien wel de Leidse burgemeester Lenferink verwachten, die zo moedig was de vrijgekomen pedofiel Benno L. te huisvesten (maar zo dom om aan het gretige NRC Handelsblad te bevestigen dat hij daar kwam wonen).

Het werd Robert Moszkowicz, telg uit de bekende advocatenfamilie en auteur van een boek. Autobiografisch uiteraard - ziedaar de vonk overslaan tussen geldingsdrang en televisie.

Sven Kockelmann had dienst; Eva Jinek zal hebben bedankt.

Het initiatief van een dagelijkse interviewrubriek (waarom toch niet op vrijdag?) bevalt mij. Maar maandag schortte er iets aan de opzet.

Kockelmann had als immer de messen geslepen. Tot zijn standaarduitrusting behoort de roestvrijstalen scherpe vraag die de eerste wond moet toebrengen. De confrontatie, recht tussen de ogen.

'Bent u een oplichter?'

Nooit eens antwoordt de verdachte zo'n vraag met een welgemeend 'Ja. Goed dat u het vraagt'.

Gisteren aan Robert Mosckowicz: 'Verlangt u nog wel eens naar de heroïne?'

Nee, zeg. Ook niet op zijn 'donkerste momenten', noch naar andere verdovende middelen.

Het was de opmaat voor een gesprek over zijn verslaving, zo'n dertig jaar geleden, en de onderlinge verhoudingen in het advocatengeslacht. Die had de confrère uitvoerig beschreven in zijn boek.

Robert oogde als zijn bekende broer, toevallig om dezelfde redenen geschrapt door 'de kliek van de advocatuur': hetzelfde naar achteren gekamde golvende haar, het brede revers van zijn grijze pak met druk siennarode patroon op de stropdas; een wit pochetje stak uit zijn borstzak - op en top een Moszkowicz.

Maar geen jodenneus. Vond zijn vader althans, volgens zoon Robert. Daarom zou hij slecht liggen bij zijn vader. Omdat Robert ook geen joodse vrouw trouwde, werd hij onterfd.

Het zijn details die de wereld kennelijk moet weten, al was het maar ten dienste van de geldingsdrang of de boekverkoop. Net zoals dat het gezin van Max Moszkowicz een kille bedoening was, waar vader moeder de vrouw geestelijk terroriseerde om haar matige kookkunsten. De vader (overlevende van Auschwitz) en zijn om liefde vechtende zoons bieden tezamen stof voor een intrigerend psychologisch familiedrama - alle reden om nieuwsgierig te zijn naar de vierdelige serie die scenaristen Hein Schütz en Alma Popeyus samen met regisseur Pim van Hoeven voor de VPRO in de maak hebben.

Een op Eén bood dat inzicht niet. Kockelmann suggereerde wel scherpte, maar stak steeds op bot. Mosckowicz wist elk gevaar te ontwijken door in details te treden die het tijdsbestek van twintig minuutjes niet toelieten. De advocaat onderbrak Sven regelmatig en liet zich niet van de wijs brengen. Hij had iets te verkopen, en hij wist verdomd goed wat.

Wat overbleef van deze Eén op Eén was weinig meer dan een summiere samenvatting van het boek, dat anderhalve week geleden een stukken spannender gesprek opleverde in het magazine van deze krant. Nu is er in deze benarde tijden alle aanleiding tot promotie voor het boek in het algemeen, maar journalistiek gezien was deze Eén op Eén toch een aderlating.

Vanavond graag weer echte actualiteit.

undefined

Meer over