'Petit Belge' werd machtigste man Europa

Karel van Miert..

BRUSSEL Het was zijn grootste passie naast het werk: tuinieren in zijn Brabantse hoogstamboomgaard van 1,5 hectare, met ruim tweehonderd fruitbomen. En juist bij deze hobby – hij zocht naar vergeten variëteiten – is de Belgische oud-eurocommissaris Karel van Miert (67) maandagavond overleden. Vermoedelijk door een hartstilstand viel hij van een ladder in de boomgaard. Dinsdagmorgen werd zijn lichaam daar aangetroffen.

Van Miert was een bevlogen Europeaan. Als Europees Commissaris voor Concurrentie – de post die Neelie Kroes momenteel bezet – hield hij zich midden jaren negentig doof voor de smeekbeden en dreigementen van regeringsleiders om hun nationale bedrijven en belangen te ontzien. Vorige week nog verweet hij in de Volkskrant de huidige voorzitter van de Europese Commissie, José Manuel Barroso, zijn oren te veel naar de EU-leiders te laten hangen.

De val van de Commissie-Santer in 1999, waar hij deel van uitmaakte, kwam voor Van Miert dan ook als een enorme dreun. Die gedenkwaardige nacht troonde hij enkele journalisten mee naar zijn werkkamer. Daar wees hij, met een wit weggetrokken gezicht, op de enorme stapels kartel- en staatssteundossiers op zijn bureau. ‘En wie moet dat nu gaan doen?’, riep hij vertwijfeld uit. ‘Dit zijn zaken van het grootste belang! Die kunnen niet maanden blijven liggen.’

Van Miert wordt op 17 januari 1942 geboren in Turnhout, als de oudste van negen kinderen in een boerengezin. Op zijn veertiende gaat hij van school, maar na verschillende baantjes schrijft hij zich toch in aan de universiteit. Zowel in Gent als in Nancy (Frankrijk) studeert hij af in de diplomatieke wetenschappen; zijn eindscriptie gaat over het supranationale karakter van de Europese Commissie.

Hij loopt stage bij de Commissie (1967-1968), wordt medewerker van de Nederlandse eurocommissaris Sicco Mansholt en zit midden jaren zeventig in het kabinet van de Belgische eurocommissaris Henri Simonet.

In 1979 verhuist hij naar ‘de overkant’, het Europees Parlement, waar hij tot 1985 blijft, voor de Socialistische Partij. Onder zijn leiding haalt de SP-eurofractie 28 procent van de stemmen in 1984 – ruim twee keer zo veel als de score vorige maand.

In 1989 treedt Van Miert toe tot de Europese Commissie. In zijn eerste periode heeft hij de portefeuille Transport en Consumentenbeleid. Het is vooral zijn tweede termijn als commissaris voor Concurrentie die de ‘petit Belge’ groot maakt.

Van Miert ontwikkelt zich – vaak tot ergernis van zijn eigen partij – tot een geharnast verdediger van de vrije markt. Hij gaat het gevecht aan met Frankrijk over de omstreden redding van Crédit Lyonnais, hij botst met Formule 1-baas Ecclestone die het monopolie heeft over de televisierechten van de racewedstrijden.

De fusie tussen de Amerikaanse vliegtuiggiganten Boeing en McDonnel Douglas krijgt pas groen licht van Brussel als ze voldoet aan zijn eisen. De kleine Belg wordt al snel ‘de machtigste man van Europa’.

Ook zijn politieke carrière verraadt hartstocht. Het is Van Miert die als partijvoorzitter (1978-1989) de SP moderniseert. Samen met andere ‘jonge Turken’ als Louis Tobback en Willy Claes maakt hij de partij opener en socialer.

Eind jaren tachtig belandt de SP in het grootste schandaal uit haar geschiedenis: de Agusta-affaire. Partijbonzen ontvangen miljoenen Belgische franken smeergeld van helikopterbouwer Agusta, die uit is op een lucratieve legerorder. Als dit eind jaren negentig aan het licht komt, wordt Van Mierts levensgezel Carla Galle, in die tijd SP-secretaris, ervan beschuldigd de steekpenningen te hebben witgewassen. Galle ontkent, haar rechtszaak verjaart uiteindelijk.

Volgens Van Miert is er in die jaren ‘iets gebroken’ tussen hem en de partij. Hij trekt zich terug uit de politiek en wordt onder meer voorzitter van de Universiteit Nyenrode, als opvolger van Kroes. Hij is verder actief als bestuurder bij onder andere De Persgroep, Carrefour en Philips. In 1992 krijgt hij de Belgische eretitel Minister van Staat. De SP herdenkt Van Miert als ‘een van haar grootste politici ooit’.

Meer over