nieuws

Percentage gevaccineerden dat data wil delen met RIVM daalt onder de kritische grens van 95 procent

Het aantal gevaccineerden dat toestemming geeft voor opslag van zijn vaccinatiegegevens in het centrale RIVM-dataysteem, is onder de kritische grens van 95 procent gedaald die nodig is om de vaccinatiecampagne goed te kunnen monitoren. Minister Hugo de Jonge gaat met spoed onderzoeken hoe hij het percentage registratietoestemmingen weer kan laten toenemen.

Betrouwbare informatie over de vaccinatiegraad en de effectiviteit zijn van groot belang om het vaccinatieprogramma te sturen. Beeld ANP
Betrouwbare informatie over de vaccinatiegraad en de effectiviteit zijn van groot belang om het vaccinatieprogramma te sturen.Beeld ANP

Een gevaccineerde moet persoonlijk toestemming geven of de informatie over zijn vaccinatie van de GGD of de huisarts naar het centrale RIVM-registratiesysteem CIMS mag worden gestuurd. Het gaat om minimale persoonsgegevens en gegevens over het verstrekte vaccin. Dit komt omdat het ‘medisch beroepsgeheim’ is vastgelegd in de wet op de geneeskundige behandelovereenkomst: artsen mogen alleen medische informatie delen met toestemming van de patiënt of als het wettelijk is geregeld.

Veel andere landen hebben dit probleem niet. In Duitsland en in het Verenigd Koninkrijk vaccineert de overheid zelf: zo beschikt de overheid als ‘behandelaar’ over alle gegevens. In Scandinavië is de opslag van vaccinatiegegevens geregeld in een wet.

Verantwoordelijken bij het RIVM zeiden bij het begin van de vaccinatiecampagne dat zij hoopten dat zoveel mogelijk mensen toestemming zouden geven hun gegevens te delen. ‘Dan kunnen wij exact zien hoe het gaat met vaccineren, hoe effectief de vaccins zijn en wat de vaccinatiegraad is.’

Ook minister De Jonge benadrukt hoe belangrijk een nauwkeurige centrale registratie is. Hij noemt het RIVM-register CIMS ‘een noodzakelijk onderdeel’ van de vaccinatiestrategie. ‘Bijvoorbeeld voor de veiligheidsbewaking en de monitoring van bijwerkingen en om snel te handelen bij eventuele calamiteiten’, schrijft de minister aan de Tweede Kamer. ‘Het register biedt inzicht in de vaccinatiegraad in de verschillende doelgroepen. Betrouwbare informatie over de vaccinatiegraad en de effectiviteit zijn van groot belang om het vaccinatieprogramma te sturen. En om de bijdrage van het vaccinatieprogramma aan het bestrijden van de pandemie goed te kunnen inschatten.’

Praktische knelpunten

Tot voor kort gaf meer dan 98 procent van de personen die werden gevaccineerd bij de GGD’s toestemming om hun vaccinatiegegevens te delen met het RIVM. Dit percentage is nu gedaald tot ongeveer 94 procent. Waarom is niet bekend. Minister De Jonge wil dat de callcentra van de GGD’s in de gesprekken met degenen die een afspraak maken voor een vaccinatie meer aandacht besteden aan de vraag over het delen van de gegevens.

Daarnaast laat de minister onderzoeken op welke andere manieren het percentage personen dat toestemming geeft voor het delen van de gegevens weer boven de 95 procent is te krijgen. Ondertussen is de minister in gesprek met het RIVM over de vraag in hoeverre hun werk onder druk komt te staan nu er minder gegevens binnenkomen van gevaccineerden.

Ook bekijkt de minister of het mogelijk is van degenen die hun informatie niet willen laten doorsturen, wel algemene informatie over bijvoorbeeld het betreffende vaccin willen delen met het RIVM. ‘Zo kunnen we naast de gepersonaliseerde vaccinatiegegevens van degenen die toestemming hebben verleend, ook beschikken over een minimale set van landelijke vaccinatiegegevens’, aldus De Jonge. Deze informatie bevat geen persoonsgegevens en is derhalve niet herleidbaar naar de persoon, beklemtoont hij. ‘Daarmee kan het RIVM wel de landelijke vaccinatiegraad vaststellen, alleen niet per regio of doelgroep.’

Het RIVM-vaccinatieregistratiesysteem CIMS moet ook de basis gaan vormen voor de rapportage over het aantal gezette prikken, het aantal volledig gevaccineerden en de vaccinatiegraad. Ook daarom vindt de minister de volledigheid van de data in CIMS belangrijk voor het vaccinatieprogramma.

Maar nog steeds zijn niet alle systemen van instanties die vaccineren gekoppeld aan dit registratiesysteem, blijkt nu. Door technische, praktische en juridische knelpunten, aldus De Jonge. Hierdoor blijft het aantal doorgegeven vaccinaties achter. Voor het vaccinatiedashboard van de Rijksoverheid wordt daarom nu gebruik gemaakt van andere rekenmethodes.

Het streven is dat begin april het vaccinatiedashboard de data via CIMS ontvangt. Dan moet ook het zogeheten ‘cliëntportaal’ van CIMS gaan werken. Hierin kunnen burgers hun vaccinatiegegevens inzien. De lancering ervan duurde enkele weken langer vanwege technische problemen.

Meer over