‘Patiënten vragen niet: mag ik dood?’

De Utrechtse oncoloog en gynaecoloog Peter Heintz noemde het vorig jaar in zijn afscheidsrede het ‘naspelen’ van de natuurlijke dood: een patiënt die ernstig lijdt een slaapmiddel geven om dan het sterven af te wachten....

Te vaak had hij om zich heen gezien wat voor ellende die terminale sedatie bij de familie veroorzaakte: loodzware dagen, soms weken waken aan het sterfbed waarna de patiënt soms overleed net als er even niemand aanwezig was. Ook zijn patiënten zeiden hem dat zij na het verlies van het bewustzijn niet onnodig lang in leven wilden blijven. Zij beschouwden dat als verlies van waardigheid.

Toch passen artsen bij steeds meer patiënten die ondraaglijk lijden terminale sedatie toe, blijkt uit een rapport dat donderdag verscheen. De onderzoekers hebben de indruk dat die trend wordt veroorzaakt door de keuze van patiënten.

Verpleeghuisarts en hoogleraar medische ethiek Hans van Delden: ‘Patiënten vragen niet: mag ik dood? Ze vragen de dokter om hun lijden te verlichten. Een beslissing tot sedatie is sneller te nemen en minder gecompliceerd dan euthanasie. In principe kan de patiënt binnen een uur al worden behandeld. In die zin is palliatieve sedatie een beter alternatief.’

Oncoloog Heintz sprak vorig jaar echter over ‘een ontsnappingsroute voor dokters die zich liever niet aan euthanasie wagen’.

Ook Hans van Dam, docent en consulent neurologie, weet dat artsen patiënten soms sedatie opdringen. Hij publiceerde twee jaar geleden een boek waaruit bleek dat artsen soms uitvluchten zoeken voor euthanasie. ‘Het komt voor dat de patiënt om euthanasie vraagt en de arts antwoordt: u wilt eigenlijk een zachte dood, daar kan ik voor zorgen. Artsen maken soms onbedoeld gebruik van de afhankelijkheid van patiënten, die een situatie opgedrongen krijgen die ze niet willen.’

Ook voorzitter Eugène Sutorius, van de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVE) maakt zich zorgen over de toename van terminale sedatie. ‘Het lijkt erop dat artsen daar vaker voor kiezen om de rompslomp rond euthanasie te vermijden. Wij horen onze leden soms zeggen: dan maar sedatie, dan word ik tenminste geholpen om te sterven.’ Sutorius onderstreept dat het voor veel patiënten uitmaakt hoe zij sterven: sommigen willen zelf hun moment bepalen, anders vinden dat juist te zwaar om op te brengen. Van Dam gebruikt graag de beeldspraak van de laatste bocht voor het einde: terminale sedatie laat de patiënt die bocht nog nemen, euthanasie snijdt die af.

Wat het perspectief is van patiënten is onduidelijk: ook het gisteren gepresenteerde onderzoek gaat uit van de visie van de arts, benadrukt Sutorius. Daarom laat de NVVE de komende jaren onderzoek uitvoeren onder patiënten en nabestaanden.

Verpleeghuisarts en onderzoeker Hans Van Delden vindt de achterdocht over sedatie onterecht. ‘Alsof de dokter met palliatieve sedatie een slimme truc in handen heeft om aan de controle van de toetsingcommissies te ontkomen. Dat is echt niet zo.’

Van alle euthanasiegevallen wordt 80 procent gemeld en het aantal gevallen van levensbeëindiging zonder verzoek is flink afgenomen, blijkt uit het rapport.

Meer over