Parker Bilal

Subliem thrillerdebuut, over gangsters en islamisten in Caïro.

Parker Bilal: De donkere straten van Caïro

Uit het Engels vertaald door Kathleen Rutten.


De Geus - Oxfam Novib; 413 pagina's; € 22,95.


Het was druk. Voertuigen van allerlei slag, en de weg: een chaotische modderglijbaan vol rommel en wrakken, mensen riskeerden hun leven met oversteken, tussen de rijstroken voerden ze een oeroude dans met de dood uit. In de zwaar vervuilde lucht verrezen de piramides, wier volmaakt geometrische symmetrie een heldere eeuwenoude toon aansloeg, die uiteindelijk op de chaotische kakofonie van het heden was gebotst.


Gebutste wagens, te midden van gierende sirenes en remmen, de verstikkende uitstoot van uitlaatgassen. Waanzin, piramides, even geschikt voor deze wereld als ruimteschepen, neergestreken in dit achterlijke stukje woestijn.


'Maar volgens de krant verloren zelfs zij geleidelijk hun greep op de eeuwigheid door de eroderende trillingen van het gestage gedreun van de nabijgelegen weg. Beetje bij beetje werden ze omvergeschud om samen te smelten met de stijgende bergen puin waartoe deze stad onvermijdelijk zou vervallen.'


Caïro, 1998. De stad waar de eerste thriller van Parker Bilal (pseudoniem voor auteur Jamal Mahjoub) zich afspeelt. Geboren in Londen, Engelse moeder, Soedanese vader, opgegroeid in Soedan, studie geologie in Sheffield, terug naar Khartoem, daarna Denemarken, en tot op heden Barcelona.


De donkere straten van Caïro (The Golden Scales) is het eerste deel van een serie rond ex-politie-inspecteur Makana. Gevlucht uit Soedan, waar de islamistische terreur hem het leven onmogelijk maakte, verliet hij zeven jaar geleden Khartoem; het was vertrekken of sterven geweest. Nog altijd gekweld door herinneringen aan zijn vrouw en dochtertje, woont hij aan de oever van de Nijl op een awama, een wankel bouwwerk van triplex dat op een roestige ponton is gespijkerd, een drijvend wrak. Met wat detectivewerk, dat meestal niet veel voorstelt, houdt hij zich in leven. Hij voelt zich een vreemde in de stad.


Op het Tahrirplein is het rustig, in een tijd die het hoogseizoen voor toeristen zou moeten zijn. Er zijn dan ook pas een paar maanden verstreken sinds de terroristische aanslag op 17 november 1997 in Luxor, Boven-Egypte. Gewapende islamisten schoten meer dan zestig mensen neer, voor het merendeel toeristen, en een aantal van hen werd daarna onthoofd of van hun ingewanden ontdaan.


'Onze broeders worden steeds inventiever in hun aanpak van de toeristenindustrie', merkt Makana op, als hij bij het lijk staat van een gemartelde Engelse. Hij heeft haar onlangs ontmoet in een restaurant, waar ze vertelde dat zeventien jaar geleden, tijdens een bezoek aan Caïro, haar 4-jarige dochtertje verdween. Ieder jaar komt ze terug om haar te zoeken.


Maar Makana is bezig met een andere, grote opdracht, van bouwmagnaat Saad Hanafi, een machtig man die over alle wetten heen walst. Hij gaf zichzelf en het volk een voetbalteam, het Dream Team; een droom, met loterijen, waarin iedereen deelde. En nu wordt de aanbeden stervoetballer Adil Romario vermist. Hanafi wil 'zijn jongen' terug.


Makana's zoektocht voert hem door Caïro en omgeving, naar zeer uiteenlopende milieus, van arme mensen die in leven proberen te blijven, tot (de onvermijdelijke) Russische gangsters en politici voor wie corruptie een tweede natuur lijkt, die ook nog besmettelijk is. Daarnaast strekken islamistische krachten uit het verleden zich verder uit dan Soedan.


Bilal was als Mahjoub al een gewaardeerd en bekroond auteur. Zijn eerste thriller is bloedmooi geschreven, subliem opgebouwd, hard, gevoelig, met een ongelooflijk scherp tijdsbeeld. Gesitueerd in Caïro, een stad die in haar tragische ontwikkeling nog grote betekenis kan hebben, tot ver over de Egyptische grenzen.


Meer over