Parkeernota stad Utrecht

'Parkeren, een kwestie van kiezen'heet de parkeernota van wethouder Yet van den Bergh. Betaald parkeeren is hét middel om bereibaarheid en leefbaarheid te bewaren....

TEKST MICHIEL HAIGHTON EN DEEDEE DERKSEN ; FOTO'S MIKE HARRIS

Parkeren, een kwestie van betalen

In de Parkeernota schrijft wethouder Yet van den Bergh dat de mogelijkheden van een 'wielklembeleid' worden onderzocht. Dat roept visioenen op van verplichte bezoekjes aan het politiebureau om te kunnen wegrijden als de parkeertijd ook maar een minuut is verlopen.

Maar zo erg wordt het niet, zegt de wethouder. De wielklem wordt alleen ingezet bij mensen die geen kaartje hebben gekocht en vervolgens ook de naheffingen niet betalen. 'Geen Amsterdamse toestanden hier', verzekert de wethouder.

'Parkeren, een kwestie van kiezen' heet de parkeernota van Van den Bergh. Hierin omschrijft zij hoe tot en met 2016 het parkeerbeleid in Utrecht zich moet ontwikkelen. Officiële doelstelling van het parkeerbeleid is het 'instandhouden van zowel de bereikbaarheid als de leefbaarheid' van de stad. Op 4 december wordt de parkeernota aan de gemeenteraad voorgelegd.

Het voornaamste instrument dat Van den Bergh aandraagt om haar doelstelling te bereiken, is het invoeren van betaald parkeren. Bijgerechten die in de parkeernota worden opgediend, zijn onder meer de bouw van drie parkeergarages in de binnenstad, het ontwikkelen van een fietsparkeerbeleid, het realiseren van vier bewonersgarages en de aanleg van drie transferia, hoewel dit laatste fenomeen zich nog steeds niet heeft bewezen.

Wie over enkele jaren in de binnenstad moet zijn en ook zijn auto gratis wil stallen, doet er verstandig aan goede wandelschoenen mee te nemen. Leidsche Rijn, Vleuten-De Meern of met een beetje geluk Kanaleneiland zijn misschien dan nog de schaarse plekken in Utrecht waar gratis kan worden geparkeerd.

Hoewel ook dát niet zeker is. Want de wethouder heeft de hele stad Utrecht aangewezen als potentieel betaald-parkerengebied. Wat niet wil zeggen dat ze daadwerkelijk in één klap de stad tot betaald-parkerengebied kan verklaren.

Artikel 225 van de gemeentewet schrijft voor dat een gemeente alleen belasting mag heffen om 'een probleem' aan te pakken. Dus alleen in die wijken of straten waar een parkeerprobleem is, mag de gemeente parkeerbelasting heffen.

Dat het creëren van een probleem geen moeilijke opgave is, blijkt wel uit de praktijk. Zodra ergens betaald parkeren wordt ingevoerd, ontstaat vanzelf overloop maar aangrenzende gebieden, waar tot dusver helemaal geen sprake was van een parkeerprobleem.

Ook de wethouder is zich bewust van dit 'olievlek-effect', maar Van den Bergh bestrijdt dat zij er met haar beleid een 'actieve bijdrage' aan levert. 'Er is geen oplossing voor.'

Volgens haar is het groeiende autobezit en -gebruik het probleem. 'Terwijl de beschikbare ruimte om een auto te parkeren niet toeneemt maar eerder afneemt. Dit schaarsteprobleem probeer ik met mijn parkeernota zo goed mogelijk te regelen.'

Om het geld is het haar niet te doen. 'Bewoners krijgen tegen een kostendekkend tarief een parkeervergunning waarmee ze in de buurt van hun woning hun auto kunnen parkeren.'

Tegelijkertijd met de gebiedsuitbreiding voor betaald parkeren gaan ook de tarieven voor kort parkeren en vergunningen flink omhoog. Ook de parkeertijden worden aangepast. Geldt nu nog dat in de binnenstad tussen elf uur ' s avonds en acht uur ' s ochtends geen tarief wordt berekend, straks wordt die tijdsspanne beperkt tot van drie tot zeven uur. En ook het gratis parkeren op de achttien koopzondagen gaat eraan: tussen twaalf en zes moet een kaartje worden gekocht.

Het nieuwe parkeerbeleid levert de gemeente in veertien jaar 117 miljoen euro op. Daarvan vloeit 17,2 miljoen euro rechtstreeks naar de algemene middelen van de stad. Van de resterende som worden onder meer zeven nieuwe parkeergarages gebouwd (37,7 miljoen euro) en drie transferia (6,9 miljoen euro). Maar de betaler van dit alles blijft volgens Van den Bergh niet met lege handen achter. 'Tot en met 2016 wordt er in totaal 32,5 miljoen euro gespaard waarmee uiteindelijk de bereikbaarheid van de stad wordt verbeterd.'

***

Drie blokken om voor een plekje

Michiel Erkelens gaat al niet eens meer op zoek naar een parkeerplekje voor zijn huis aan de Prins Hendriklaan. Het is er gewoon niet, weet hij. Als hij vrijdagmiddag thuiskomt met boodschappen zet hij zijn grijze Ford Scorpio stil op de rijbaan, doet zijn knipperlichten aan en laadt de boodschappen uit. Even later vertrekt hij weer. Naar zijn vaste plekje, een paar straten verderop. 'Waar ga ik niet zeggen. Dan weet zo meteen iedereen het.'

Konden de bewoners van de Prins Hendriklaan tot voor kort hun auto of twee – geen uitzondering in deze buurt – nog gemakkelijk kwijt voor de deur, sinds een paar maanden is de parkeerruimte ineens heel krap. De ergernis daarover is groot in de deftige buurt bij het Wilhelminapark. Gynaecologe Adriënne Blankhart, die in dezelfde straat woont: 'Ik moet nu drie blokken om voor een plekje. Belachelijk om ineens zoveel moeite te moeten doen voor een parkeerplek.'

Ze weten precies waar de invasie van Saabs, Volvo's en BMW's vandaan komt die hen dwars zit. De indringers behoren toe aan de binnenstadbewoners en de forensen die hun auto voorheen altijd in Oudwijk of de Koningslaan neerzetten. Totdat daar in juni betaald parkeren werd ingevoerd. En nu komen ze gratis en voor niks in de Prins Hendriklaan staan. 'Zitten wij met de overlast', moppert Erkelens.

De bewoners van de Prins Hendriklaan, doorgaans niet erg geïnteresseerd in wat er zich in hun buurt afspeelt, houden tegenwoordig de gang van zaken in de straat – hun straat – scherp in de gaten. Tot hun grote ongenoegen zien ze hoe de stellen uit de binnenstad ' s avonds in twee auto's komen aanzetten, waarvan ze er vervolgens één laten staan.

' s Ochtends verschijnt de tweede lichting: de forensen die niet bij hun kantoor in de binnenstad willen parkeren. Blankhart: 'Regelmatig zie ik hier heren een vouwfietsje uit hun auto halen.'

Zij vindt dat ze recht heeft op een eigen parkeerplek voor haar eigen deur. Een gratis parkeerplek welteverstaan. Daarom heeft ze in juni tegen gestemd, toen de gemeente haar in een enquête vroeg of betaald parkeren wenselijk was in de Schildersbuurt. 'Ik dacht: ik weiger te betalen voor iets wat jarenlang gratis is geweest.'

Maar een paar maanden en vele ergenissen later staat Blankhart nu te springen om betaald parkeren – 'ik ben hélémaal om'. Ze is dan ook teleurgesteld in de uitslag van de enquête die ze onlangs in de bus vond: in haar deel van de straat komt geen betaald parkeren. Bij de volgende enquête vult ze direct 'ja' in, weet ze.

Tegen wil en dank, dat wel. Ze is zéér verontwaardigd over de gang van zaken. 'Nu de gemeente om ons heen betaald parkeren invoert, worden we wel gedwongen om vóór te zijn. Ze doen alsof je iets in te brengen hebt, maar eigenlijk staat de uitslag natuurlijk allang vast. Is het niet nu, dan is het met een volgende enquête. Dan kunnen ze beter maar meteen zeggen: we voeren overal betaald parkeren in. Nu creëren ze wijkje voor wijkje ellende.'

De onvrede van Blankhart en Erkelens is nog groter nu ze uit de uitslag hebben begrepen dat er in het andere deel van de Prins Hendriklaan – dat grenst aan de Koningslaan pal langs het Wilhelminapark – wél betaald parkeren wordt ingevoerd. In de aanloop naar de nieuwe Parkeernota besloot de gemeenteraad in september dat de enquête voor de gehele Schilderswijk moest worden opgesplitst naar buurtjes en straten – conform het nieuwe beleid. Was er in juni in de hele wijk een minderheid tegen betaald parkeren, in sommige straten tekende zich wel een meerderheid af.

Zoals in het eerste stuk van de Prins Hendriklaan, dat dichter bij het Wilhelminapark ligt en met meer overlast kampt. Met ingang van 15 december krijgt de straat parkeerautomaten. Blankhart: 'Dan wordt het hier nog veel erger. Dat weet de gemeente natuurlijk ook. Als een paar straten parkeerautomaten krijgen, dan wil de rest vanzelf wel. Heel slim.'

Intussen verkeert advocaat Bernhard Tomlow, die kantoor houdt in de eerste helft van de Prins Hendriklaan, in een jubelstemming. Hij zwaait met het gemeentelijk schrijven over de uitslag van de enquête alsof hij de loterij heeft gewonnen. 'Geweldig!' Hij had nooit gedacht dat hij nog eens zo verheugd zou zijn met dit nieuws – 'ik was tot voor kort principieel tegen betaald parkeren'. En evenzo had de advocaat van de gemeente niet voorzien dat hij nog eens deel zou uitmaken van een actiecomité tegen zijn eigen werkgever.

Een keurig comité is het, met leden die klinkende titels voeren en veelal werkzaam zijn als notaris, advocaat of arts. Kinderneuroloog Rob Grooskens is een van hen. Toen hij hoorde dat de gemeente geen betaald parkeren wilde invoeren in de Schildersbuurt omdat de meerderheid tegen had gestemd, kwam hij in actie. 'Wij hebben direct de fractievoorzitters van de partijen benaderd en ook de krant. Toen zijn er in de gemeenteraad gelukkig moties geweest om de nieuwe regeling van de Parkeernota alvast op ons toe te passen.' Hij laat even een pauze vallen. 'Anders hadden we misschien juridische stappen moeten nemen.'

Eigenlijk hoort de deftige Prins Hendriklaan helemaal niet bij de Schildersbuurt. Grooskens formuleert het uiterst voorzichtig: 'Wij voelen ons toch meer betrokken bij de straten rond het Wilhelminapark. In de schildersstraten wonen mensen met andere behoeftes. Meestal hebben ze maar één auto. Of geen. Ze hebben een verschillende visie op mobiliteit.'

Erik Derksen van café-restaurant Vroom is helemaal niet blij met het ijverige comité. Nu moet hij parkeervergunningen gaan aanvragen voor zijn medewerkers, wat een boel centen kost en waarvan het bovendien nog niet eens zeker is dát hij ze krijgt. 'Ze kijken naar je vloeroppervlakte om te berekenen voor hoeveel vergunningen je in aanmerking komt. Waarschijnlijk krijg ik er drie. Dat betekent dat ik voor nog eens twee medewerkers dagkaarten moet gaan betalen.' Ook vraagt hij zich af of zijn klanten straks nog wel komen. 'Nu is het nog prima, maar wat als ze straks wel moeten betalen?'

Meer over