Palmpalmpasen (1)

Nog even, dan is het weer Palmpasen...

'Palmpalmpasen, ei koerei', heb ik in mijn tijd nog horen zingen 'over enen zondag eten wij een ei. Eei is geen ei, twee ei is een half ei, drie ei is een paasei.'

Er spreekt een zekere vraatzucht uit het versje, dat overigens de surrealistische ongerijmdheid met zich meedraagt van bijna alle folklore.

In middeleeuwse steden voerden ze in de palmprocessie een houten Christus op een ezel mee, om aan alle heidense associaties een eind te maken. Nergens in de Schrift immers kun je iets over eieren vinden, maar bij Mattheus kun je wel lezen hoe Jezus de zaterdag vPalmzondag op weg naar Jeruzalem twee discipelen vooruit had gestuurd om een ezelin en haar veulen op te halen. Want zo zou hij de stad binnenkomen. Niet voor de aardigheid, maar omdat het op die manier, met ezel en al, was voorzegd door de profeet Zacharia.

Weer een ander soort folklore.

Bij Bach of meer precies bij zijn tekstschrijver Picander kom je de verwijzing niet tegen. Dat zou de boel maar hebben opgehouden. De Matth Passion valt met de deur in huis. Al in het eerste recitatief helpt Jezus z'n volgelingen er aan herinneren dat hij over een paar dagen verraden en gekruisigd zal worden. Eerste les van sterk drama: laat het publiek zich onmiddellijk bij de keel gegrepen voelen.

Ik kom er op omdat dvoor mij ook altijd het spannende aan de Palmzondag is geweest.

Bij ons thuis ging tegen elven de radio aan ik weet niet meer of het nog de distributiedoos bovenop de linnenkast was, of dat mijn vader zich al de weelde had durven veroorloven van een Philips die er met dat opgloeiende groene oog eigenlijk utizag zoals toen een geluidsmagnetron er uit zou hebben gezien in afwachting van de geaffecteerde AVRO-stem die zei dat we nu elk ogenblik verbonden konden worden met het Concertgebouw in Amsterdam.

In die plechtige halve minuut vol radioruis opende mijn moeder het glazen ronde venster van onze schoorsteenmantelwestminster, en schoof een palletje omhoog dat links, bij de 9, door de wijzerplaat heen stak. Zo had ze het slagwerk tijdelijk buiten werking gesteld, want het gaf natuurlijk geen pas om elk kwartier die klok door het lijden van Jezus heen te horen jengelen.

Jaar in jaar uit, van elf tot bijna vier (want Mengelberg wist hoe hij de aria's moest oprekken), als het palletje weer naar beneden mocht en het gemiddelde leven z'n rechten terugkreeg.

Ik bedoel: ik kende de Matth Passion al uit m'n hoofd ver vpostmoderne muziekliefhebbers er een tof kareoke-nummer van hadden gemaakt dat zich ook in de donkere dagen voor Kerstmis gezellig met z'n allen laat meezingen.

Waarom hebben ze die traditie afgeschaft?

Want je hoort 'm natuurlijk nog altijd, en je kunt 'm de laatste jaren op allerlei zenders van binnen-en buitenlandse origine zelfs zien, maar hij is niet meer exclusief van de AVRO, niet meer exclusief van de Palmzondag en helemaal niet meer exclusief van de radio.

Terwijl dat toch de beste manier is gebleven om door Bach gesticht te worden: niet in een gebouw of in een kerk, maar thuis de blik naarbinnen gekeerd omdat er aan een tuner of een stereotoren weinig valt af te kijken, en de oren gewassen.

Kan het aan de ontkerstening liggen?

Maar terwijl allerlei verlichte, liberale denkers de toenemende verwereldlijking van de westerse samenleving toejuichen (en daarom de achterlijke, onverlichte islam steeds krachtiger verwerpen), hoor ik dat in Amerika, in Australimaar ook in Europa kerken weer volstromen vanwege film: The passion of the Christ.

Eikoerei, Bach of karaoke?

Meer over