Pak me dan als je kan

Een paar beroepscriminelen zijn verantwoordelijk voor de meerderheid aan misdaad in de Utrechtse regio. Door foto's van verdachten te tonen, rekent de politie op hulp van de burger....

TEKST MICHIEL HAIGHTON

Donkere types, met zoals dat heet, 'een mediterraan uiterlijk'. Tijdens een openbare bijeenkomst van de Wijkraad Oost naar aanleiding van een wijkraadpleging over veiligheid werden hun portretten open en bloot getoond door een wijkchef van de Utrechtse politie. De vier mannen zouden zich bij herhaling schuldig maken aan inbraak, autodieftsal en/of insluiping. En ja, met name in Utrecht Oost, daar wonen en 'werken' ze.

'H riep een van de aanwezigen verrast, 'die jongen ken ik, dat is mijn achterbuurman.' En ook anderen in de zaal meenden de gezichten te herkennen.

De inventiviteit van de Utrechtse politie reikt tegenwoordig ver. Zo kan het ook gebeuren, binnenkort in Kanaleneiland, dat er een politieagent voor de deur staat met een zogeheten smoelenboek, waarin Utrechts meest notoire criminelen staan opgenomen: 'Kent u deze? En heeft u 'm pas nog gezien?' Nieuwegein heeft al een telefonisch netwerk, Burgernet, waarmee inwoners van Nieuwegein actief worden betrokken bij het opsporen van verdachten.

Sinds enkele maanden regent het bij het politiekorps regio Utrecht aan ide die, naast het genereren van publiciteit, doel lijken te hebben: hardnekkige criminelen uit de anonimiteit halen om zodoende burgers te kunnen betrekken bij de opsporing van die wetsovertreders. De grenzen van het wettelijk en ethisch toelaatbare worden daarbij door de politietop bewust opgezocht.

Toen de Utrechtse korpschef Peter Vogelzang begin dit jaar het idee lanceerde foto's te tonen van veelplegers op internet en openbare bijeenkomsten, leidde dit tot grote commotie in politiek Den Haag. Mag dit zomaar, mijnheer de minister, wilden verschillende kamerleden van Piet-Hein Donner weten. Neen, antwoordde die.

Foto's mogen volgens hem alleen worden vrijgegeven als de identiteit van een verdachte onbekend is als het om een ernstig delict gaat. Bij een veelpleger is de identiteit bekend, evenals zijn verblijfplaats. Wmag in voorkomende situaties een foto worden getoond aan een winkelier, ter voorkoming van winkeldiefstal. En ook het Openbaar Ministerie liet weten dat het tonen van foto's van bekende recidivisten aan een breed publiek geen ander doel dient dan naming and shaming en om die reden niet is toegestaan.

In Utrecht denkt de lokale overheid daar dus kennelijk anders over. De mannen wier beeltenis pontificaal werd getoond tijdens de wijkbijeenkomst, zijn met zijn vieren verantwoordelijk voor dertig procent van alle woninginbraken in Oost, zegt de politie. Hoe ze dat weten? Na aanhouding van de heren (geboren in '83, '73, '74 en '67) daalt het aantal inbraken significant, bij vrijlating stijgt het even aantoonbaar. Tegen de getoonde mannen is respectievelijk 21, 22, 23 en 96 keer een proces verbaal opgemaakt. Eproces verbaal telt bovendien vaak meerdere delicten: verschillende inbraken en diefstallen.

Maar welk doel diende het tonen van de foto's? Identiteit, adres, werkwijze en werkterrein van deze heren kan het Utrechtse politiekorps immers dromen. Bovendien bleken twee van de vier vast te zitten toen de foto's werden getoond, een derde werd de volgende dag opgepakt. En afgelopen woensdagavond werdde vierde ingerekend; op heterdaad betrapt bij een inbraak.

De Utrechtse burgemeester en korpsbeheerder Annie Brouwer gaf afgelopen week tekst en uitleg aan een (gedeeltelijk) bezorgde gemeenteraad. Die had begin dit jaar in meerderheid nog laten weten niets te zien in het tonen van foto's van veelplegers aan burgers. Waarom was dit nu dan toch gebeurd?Volgens Brouwer heeft er niets onoirbaars plaatsgevonden. Met de fotoactie was een legitiem en effectief doel gediend: dat van de gerichte opsporing. 'Vergelijkbaar met Opsporing Verzocht', zei ze dinsdag tijdens een speciaal ingelast debat over het incident in de Utrechtse gemeenteraad.

Volgens haar bestaat er bij de politie namelijk 'een redelijk vermoeden dat deze personen zich recent in deze periode en in deze buurt schuldig hebben gemaakt aan inbraken, zonder dat nog bekend is welke inbraken dat betreft'. Kortom, de mannen worden misschien wel gezocht voor inbraken waarvan nog niet bekend is dat ze zijn gepleegd, maar hebben daarnaast kennelijk genoeg op hun kerfstok om te worden aangehouden.

De nieuwe Utrechtse korpschef (per 1 juli) Stoffel Heijsman nuanceert dit beeld. Volgens hem warener wel degelijk concrete aanwijzingen dat deze mannen verantwoordelijk kunnen worden gehouden voor 'bepaalde inbraken' in Utrecht Oost. 'Wat nog ontbreekt, is het sluitende bewijs. Door de foto's te laten zien, hoopten we dat iemand zou zeggen: hdeze man heb ik op dat tijdstip en op die bewuste plek verdacht zien doen.' Op de bewuste wijkavond is dat overigens niet gebeurd.

Wie trouwens ook wel eens wil weten hoe zo'n geroutineerde dief eruitziet, moet komende tijd naar een bijeenkomst van een Utrechtse Wijkraad gaan. Want de politie is niet van plan het bij deze ene veelplegerpresentatie te laten. 'We gaan ermee door', zegt Heijsman. 'Als het tenminste de opsporing ten goede komt. We gaan niet lukraak diashows geven.'

Ook start de politie Utrecht binnen enkele weken met het eerder aangekondige 'smoelenboek'. Als zich een misdrijf heeft voorgedaan in de wijk Kanaleneiland (andere wijken volgen) wil de politie deur aan deur langsgaan met een fotoboekje met potenti verdachten. 'Niet om een heksenjacht op deze mensen te ontketenen, maar om burgers te vragen of zij misschien iets verdachts hebben waargenomen waarbij de personen die op de foto staan betrokken waren. Dus in het boek zullen smoelen zitten van veelplegers die in die wijk wonen en/of actief zijn en van wie wij meer dan gerede vermoedens hebben dat ze dader kunnen zijn.'

Volgens Heijsman past deze vorm van 'gerichte opsporing' goed in het Utrechtse politiebeleid om burgers te betrekken bij het vergroten van de veiligheid in hun eigen omgeving. Naast de 'gerichte opsporing' is ook deen belangrijk doel van dit soort acties, aldus Heijsman.

'Veiligheid is teveel de verantwoordelijkheid geworden van de overheid', vindt hij. 'Net zoals mensen voor hun eigen gezondheid moeten zorgdragen, zullen zij ook aan hun eigen veiligheid moeten werken.' Uiteraard ligt volgens hem de belangrijkste verantwoordelijkheid bij de overheid, in het bijzonder bij de politie. 'Maar wij willen in Utrecht iets herstellen dat vroeger heel gewoon was: je medeverantwoordelijk voelen voor veiligheid in het publieke domein.'

Er is nen effect dat de politie beoogt met dergelijke acties: een publiek en politiek debat. 'Wij zoeken daarom bewust de grenzen van de privacy-wetgeving op.' Nu zit die wetgeving de politie volgens Heijsman soms hinderlijk in de weg bij het uitvoeren van haar veiligheidstaak. 'De vraag is waar het evenwicht ligt tussen enerzijds het vergroten van de veiligheid van onschuldige burgers en anderzijds het respecteren van de privacy van iemand die van de misdaad zijn beroep heeft gemaakt, daarmee vaak ernstig inbreuk maakt op andermans privacy.'Momenteel is overigens een nieuwe wet Politiegegevens in voorbereiding, die de oude beperkte wet Politieregisters moet vervangen.

Criminoloog Henk Ferwerda vindt dat de Utrechtse politie 'doorschiet' in haar aanpak. 'Het is goed dat veelplegers op de hielen worden gezeten en dat het leven ze zuur wordt gemaakt. Maar laat dat over aan professionals, niet aan burgers', aldus Ferwerda, die promoveerde op een onderzoek naar ontwikkeling en achtergonden van criminele carris en parttime docent is aan de Nederlandse Politie Academie.

Volgens de criminoloog cret de politie in Utrecht een 'schijnveiligheid' door burgers te betrekken bij de opsporing van criminelen. 'Moeten burgers de politie bellen als ze een veelpleger door de straat zien lopen? Denk maar niet dat de politie dan met zwaaiende sirenes komt aangereden. De politie doet en mag niets als er geen strafbaar feit is gepleegd.'

Ferwerda denkt dat effect van de maatregelen contrair zal zijn aan wat wordt beoogd. Mensen gaan zich onveiliger voelen, voorspelt hij. 'Ik zou er onrustig van worden. De wetenschap dat je in jouw wijkje tegen een hardcore crimineel kunt aanlopen, is helemaal niet zo prettig.'

De toekomstige korpschef van Utrecht Heijsman heeft een heel ander beeld voor ogen. 'Als jij iemand door de straat ziet lopen met een bovenmatige aandacht voor de inhoud van de aldaar geparkeerde auto's en je herkent die persoon ook nog eens van de foto's, dan weet je wat je als burger te doen staat: de politie bellen.' Die zal er dan binnen tien minuten zijn, verzekert Heijsman. 'Maar inderdaad, een veelpleger die gewoon over straat loopt, daar is niets strafbaars aan.'

Heijsman gelooft niet dat het in beeld brengen van veelplegers het onveiligheidsgevoel juist verstrekt. 'De eerste reacties op wat wij tijdens die wijkraad in Utrecht Oost hebben gedaan, waren zeer positief.' Bovendien blijkt volgens hem uit wetenschappelijk onderzoek: 'hoe meer invloed mensen kunnen uitoefenen op de veiligheid van hun woonomgeving, hoe veiliger zij zich voelen.'

Meer over