Paarden massaal op Marktplaats

De afgelopen jaren nam het houden van een eigen paard een grote vlucht. Het geschatte aantal in Nederland is sinds 1990 verdubbeld tot 350 duizend à 400 duizend ....

Van onze verslaggeefster Anja Sligter

De hype lijkt nu over zijn top. Het internet puilt uit van de aangeboden paarden. Door het grote aanbod is de prijs gekelderd. Deed een huis-tuin-en-keukenpony vorig jaar nog 80 tot 100 euro, nu gaan ze voor niet meer dan 35 euro weg.

Op de ponymarkten van de aflopen zomer viel al niets te verdienen. Bij de laatste van dit seizoen, vorige week in het Overijsselse Heeten, gingen de pony’s voor nooit eerder vertoonde dumpprijzen weg. ‘Er zijn veel te veel pony’s, zegt marktmeester Wout Wagenmans. ‘Door de stijgende populariteit wordt er extra gefokt. Al die veulentjes moeten voor de winter weg.’

Ook op de paardenmarkt dinsdagochtend in Roden waren de prijzen laag, meldt marktmeester Gerk Huisma. Concrete cijfers wil hij niet geven, wel speculeert hij over de oorzaak. ‘Het ligt aan de recessie dat mensen het spul kwijt willen.’

Niet de aanschaf, maar de onderhoudskosten nekken de particulier. Wie een paard of pony houdt, moet zeker rekenen op 5 euro per dag aan kosten, aldus paardenhouder Antoine Vlaminckxs, en dan heeft hij het over het stallen van een paard bij huis – niet over een pensionstal in een dure manege. De kosten betreffen hooi, stro, inentingen en de hoefsmid. Vlaminckxs heeft zelf negentien paarden en pony’s, speciaal voor kinderactiviteiten van scouting. Er zijn mensen die hem hun dier zelfs gratis aanbieden.

Voor het landschap is de vermindering van het aantal paarden en pony’s geen slechte boodschap. De rijksbouwmeester sprak in 2006 van de ‘verpaarding’ van het platteland. Voor elke koe die uit de wei verdween, kwam een paard in de plaats met bijbehorend slordig grasland – paarden zijn selectieve grasmaaiers – en wit oplichtend hekwerk. Gemeenten werden opgroepen regels te maken tegen deze verrommeling.

Voor verkoop bestaat ook een alternatief. In advertenties wordt dan een bijrijd(st)er gevraagd, of er wordt een leasepaard aangeboden. Voor een ‘kleine vergoeding’ mogen liefhebsters het adoptiepaard of de -pony verzorgen en berijden.

En als dit ook niets oplevert, dan rest de rauwe praktijk van paardenslachterij Jan van der Veen uit Nijkerk. In plaats van acht tot tien dieren per week slacht hij tegenwoordig het dubbele. ‘Zo’n recreatiepaard kost te veel en dan moet het weg’, meldt hij. Vorige week was het jongste 5 maanden en het oudste 36 jaar. Uit het hele land krijgt hij ze aangeboden, omdat hij de enige is die wekelijks slacht. Hij voorspelt dat het overschot nog wel een paar jaar zal duren, want er is gewoon ‘blindelings door gefokt’.

Meer over