Overvol en erg bedacht, maar groots gespeeld

De Nacht van de Pauw van Willem Jan Otten door het Nationale Toneel, regie Ger Thijs. Stadsschouwburg Amsterdam, 30/9. Tournee....

Op televisie wordt de Mattheüs Passie uitgezonden vanuit Naarden Vesting. Het is Paaszaterdag, Carl en zijn jonge vrouw Laura bereiden zich voor op de paasdagen. Jezus zal uit zijn graf opstaan en de mens uit zijn lijden verlossen. Een beetje verlossing lijkt hier wel nodig, want Carl heeft zeven jaar geleden zijn zoon Tim verloren en bezoekt iedere dag zijn demente moeder die hem niet meer herkent. Laura denkt nog iedere dag aan háár moeder die een jaar eerder stierf, met Pasen.

Maar er is meer aan de hand in De Nacht van de Pauw, het nieuwe toneelstuk van Willem Jan Otten, veel meer. Er is plotseling een brief: 'Voor Papa' staat erop en hij is van Tim, Carls zoon die zeven jaar geleden zelfmoord pleegde. Even later staat Emma op de stoep, de ex van Carl en de moeder van Tim. 'Ze stinkt nog naar verdriet', wordt over haar gezegd. Emma heeft inmiddels ook een nieuwe relatie, Joanna, vrouw en blind. En dan is er nog de vader van Laura, de gynaecoloog Leopold die op zijn doodzieke vrouw euthanasie heeft laten plegen.

Dit zijn de personages in De Nacht van de Pauw dat bij het Nationale Toneel geregisseerd wordt door Ger Thijs. Na het eerste bedrijf waarin we met deze mensen kennismaken, zitten ze in het tweede bedrijf om de tafel en eten sudderlapjes. Hier zit zoveel opgekropte ellende bij elkaar, dat elke realiteitszin aan het stuk ontvalt. Alles en iedereen werkt toe naar de grote confrontatie tussen de ex-echtelieden Emma en Carl, die de zelfmoord van hun zoon nooit hebben kunnen verwerken. Zoon Tim was verslaafd, kraste een SS-teken in zijn hoofd en knuppelde pauwen dood om de veren te verkopen. Schuld en boete en tenslotte verlossing, daar gaat in dit stuk over terwijl Jezus op de televisie die verlossing langzaam maar zeker verwezenlijkt.

De Nacht van de Pauw is overvol, erg bedacht en hevig gecontrueerd. Otten citeert en put uit de Bijbel, uit Dostojevski, uit Oidipous, hij speelt leentjebuur bij Tsjechov, bij Albee's Virginia Woolf en bij Lars Norén. Hij plaatst de klinische wetenschap (de gynaecoloog) tegenover het positieve denken van de blinde zieneres, het grote lijden (passieverhaal) tegenover het alledaagse getob (iedereen). Euthanasie, abortus, zelfmoord, echtscheiding, religie - het is een karrenvracht aan onderwerpen die fascinerend en irritant tegelijk is.

Otten laat zich hier gelden als het geleerdste jongetje uit de klas en is daar glimmend trots op. Maar de kunst van het weglaten, de kunst van het doceren beheerst hij in dit stuk niet. Daarvoor hangt De Nacht van de Pauw teveel van intellectuele pretenties aan elkaar.

Gaat het hier dus om een verloren toneelavond en de teloorgang van de schrijver die met Een Sneeuw geschiedenis schreef?

Nee, integendeel, ik was er erg door gefascineerd en naar het eind toe zelfs door gegrepen. Niet ontroerd, want hoeveel ellende Otten ook over ons uitstort, hij blijft op afstand, keurig op afstand. Het is aan de spelers en aan de regie van Ger Thijs te danken dat niet het stuk, maar de voorstelling deze avond bijzonder maakt.

De teksten zijn boekentaal, niet woorden die mensen in ruzies elkaar toewerpen of ze zouden net een cursus Filosofie voor Beginners achter de rug moeten hebben. Het is bijna een godswonder dat deze vijf acteurs van die bedachte taal een levendige toneeltaal hebben gemaakt. Met grote inzet en een verbluffende lichtheid wrikken ze de stalen constructie los.

Groots is Kees Coolen als de gynaecoloog die vooral tijdens het etentje met zijn goedbedoelde maar botte opvattingen de show steelt. De superieure naïviteit die Coolen in die scène uitspeelt is om in te lijsten. Antoinette Jelgerma speelt de blinde Joanna met een mooie verwondering en Mijs Heesen maakt van de jonge Laura met haar naturel het sympathiekste personage. Rik van Uffelen en Geert de Jong spelen Carl en Emma, twee acteerkanonnen bij wie altijd het gevaar dreigt dat ze zich in hun emoties verliezen. Hier houden ze die bewonderenswaardig in toom.

Van Uffelen, die rots van een kerel, is een smeulende vulkaan met een paar prachtige uitbarstingen. Geert de Jong heeft met emoties op toneel nooit enige moeite, en ook hier huilt en tiert ze weer. Maar zelden was het zo mooi op zijn plaats. Emma heeft tenslotte zeven jaar moeten wachten op dit ene gesprek met de man met wie ze nooit heeft kunnen leven. In die grote confrontatie schakelt Geert de Jong van grote emoties naar berekende stilte - en ze lijdt mooi, dat vooral.

Het slot van het stuk is in- en in-katholiek. In een schokkende monoloog bekent de vader schuld aan de emotionele verwaarlozing van zijn vrouw en vooral zoon, wiens geboorte hij nooit heeft gewild. 'Hij heeft me gemist. Hij heeft me zo vreselijk gemist. Hij heeft me bij mijn naam genoemd tot het einde toe - en ik heb hem verlaten.' Zo luidt zijn Mea Culpa.

Het is een verstikkend verdriet dat op het toneel achterblijft, in die majestueuze hout- en glashuiskamer van vormgever Jan Klatter. Je verlaat het theater met het gevoel dat het nu toch echt herfst moet zijn.

Hein Janssen

Meer over