Overheid helpt ex-arbeiders nazi-regime

De Nederlandse overheid gaat de ex-dwangarbeiders uit de Tweede Wereldoorlog na 55 jaar alsnog steunen in hun strijd om genoegdoening....

Om de druk te vergroten, willen twee Nederlandse ex-dwangarbeiders een proces aanspannen tegen Duitse bedrijven.

'De tijd dringt, we moeten nu actie ondernemen', zegt projectleider J. Driever. Volgende week plaatst de projectgroep advertenties waarin zij alle dwangarbeiders verzoekt zich te melden om hun 'gerechtvaardigde eisen te bundelen'. De afgelopen dagen zijn politieke partijen en honderden maatschappelijke instellingen benaderd met het verzoek om een adhesiebetuiging. Binnenkort zal een petitie worden opgesteld voor de Duitse Bondsdag. De projectgroep zal er bij premier Kok op aandringen om het onderwerp bij bondskanselier Schröder onder de aandacht te brengen.

De projectgroep is ondergebracht bij de Stichting Burger Oorlogsgetroffenen (SBO) in Apeldoorn. In een brandbrief aan Bodo Hombach, de naaste medewerker van Schröder, benadrukt de SBO dat schadeloosstelling voor dwangarbeiders een 'ereplicht' is en een 'gemeenschappelijke verantwoordelijkheid van de Duitse overheid en de Duitse industrie'.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden 600 duizend Nederlandse mannen in Duitsland te werk gesteld. Van hen zijn er nog ruim 100 duizend in leven. Tussen 1939 en 1945 verbleven negen miljoen buitenlandse dwangarbeiders in Duitsland. Pas de laatste tijd komt er langzaam erkenning voor die vergeten groep oorlogsslachtoffers. Duitsland betaalde na de oorlog honderd miljard mark aan Wiedergutmachung, maar geld voor 'Hitlers slaven' was er nooit. Zij waren immers niet om politieke, religieuze, racistische of levensbeschouwelijke redenen vervolgd.

De Duitse bedrijven VW, Siemens en Diehl hebben de afgelopen maanden, onder dreiging van monsterprocessen, humanitaire fondsen opgericht. De Duitse regering heeft toegezegd in september met een nationaal 'verzoeningsfonds' te komen. Het ministerie van VWS en de SBO werden begin dit jaar overspoeld met telefoontjes van voormalige dwangarbeiders die wilden weten of zij ook in aanmerking kwamen voor een vergoeding.

Volgens K. von Münchhausen, politicoloog aan de universiteit van Bremen en al vijftien jaar pleitbezorger van dwangarbeiders over de hele wereld, bestaat er grote onduidelijkheid over die fondsen. 'Wie krijgt er nu geld en hoeveel? De regering wil dat de industrie betaalt, maar wat gebeurt er dan met de arbeiders die bij boeren hebben gewerkt of bij de Wehrmacht of de Reichsbahn?'

Hij pleit, net als de Nederlandse projectgroep, voor het instellen van een centraal fonds waaruit alle voormalige dwangarbeiders worden betaald. 'Het principe van de Duitse regering is er een van niets doen en afwachten', zegt hij. 'Alleen zij die druk uitoefenen, krijgen geld.'

Von Münchhausen heeft geld ingezameld waarmee tien ex-dwangarbeiders uit verschillende landen kunnen procederen tegen de bedrijven waar zij in de oorlog te werk zijn gesteld. De processen moeten in verband met verjaring vóór 13 mei worden aangespannen. Dan is het drie jaar geleden dat het Constitutionele Hof in Karlsruhe bepaalde dat individuele dwangarbeiders een claim kunnen indienen tegen hun voormalige 'werkgevers'.

Meer over