Ouders probeerden Tanja om te praten

De familie van Tanja Nijmeijer (‘Eillen’) heeft sinds mei van dit jaar niets meer van haar vernomen. Dat blijkt uit de geschreven verklaring die de ouders donderdag uitbrachten....

‘Door aansluiting bij de FARC is ze in haar idealisme wel extreem ver gegaan’, stellen de ouders. ‘De familie heeft sterk de indruk dat ze door bepaalde contacten ernstig beïnvloed is. Door haar idealisme was ze natuurlijk ook erg gevoelig voor beïnvloeding van buitenaf.’

Tanja keerde na een eerdere stage in 2002 terug naar Colombia, tegen de wil van haar ouders. In april 2003 liet hun dochter weten dat zij op missie ging om arme boeren te helpen in een gebied waar communicatie met de buitenwereld niet mogelijk was. Toen er eind dat jaar nog geen levensteken van haar was, gaven de ouders haar vermissing op bij het Rode Kruis. De Nederlandse ambassade in Colombia controleerde of Tanja het land had verlaten. Dat was niet zo. Het ministerie van Buitenlandse Zaken werd niet ingeschakeld omdat de familie vermoedde dat zij bij de guerrilla zat; contact met de regering van Colombia zou gevaar voor haar kunnen opleveren.

In de tweede helft van 2004 kreeg de familie eindelijk bericht: een mail met een gescande brief van Tanja. Daarin maakte zij ook duidelijk dat zij lid is van de FARC. ‘Deze mail veroorzaakte opluchting over het feit dat ze leefde, maar tegelijkertijd ook erg veel verdriet, onmacht en kwaadheid over dit lidmaatschap.’ Haar moeder trachtte haar eind 2005, tijdens een zelf geregeld bezoek, op andere gedachten te brengen. Tevergeefs: ‘Ze was niet te vermurwen’. Na het bezoek was er ‘moeizaam en sporadisch’ mailcontact, dat in mei eindigde.

De publicatie van delen van dagboeken van hun dochter stemt de ouders tot grote ongerustheid. Zij zijn in shock en willen rust ‘om het een en ander te gaan verwerken in de ongetwijfeld moeilijke tijd die komen gaat’, aldus de verklaring.

De Colombiaanse minister van Buitenlandse Zaken, Fernando Araújo Perdomo, zei gisteren dat Tanja groot gevaar loopt. Hij was zes jaar gegijzeld door de FARC tot hij eind 2006 ontsnapte. Volgens hem vermoordt de guerrillabeweging eigen strijders die vluchten. ‘Maar wij hopen dat zij het Colombiaanse leger kan bereiken.’

Meer over