nieuws

Ouderen onder de 80 in januari pas aan de beurt voor boosterprik

Ouderen onder de 80 jaar worden waarschijnlijk pas vanaf januari uitgenodigd voor hun boosterprik, van oud naar jong. Door de vaccinaties komt de campagne om ongevaccineerden te bereiken in het gedrang.

Charlotte Huisman
Een man ontvangt zijn derde vaccinatieprik in Waalwijk. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Een man ontvangt zijn derde vaccinatieprik in Waalwijk.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

De prikcampagne gaat tot diep in 2022 duren, voorspelt de GGD. Die verwacht tot zeker half februari nodig te hebben om de derde vaccinatieprik aan 60-plussers toe te dienen. Daarna zijn de jongere leeftijdsgroepen aan de beurt in een prikcampagne, die naar verwachting doorloopt tot mei 2022.

Deze planning presenteerde programmadirecteur vaccinaties Mariska van Blankers van het RIVM maandagmiddag aan de Tweede Kamer, in de week dat de eerste 90-plussers hun uitnodiging voor de boosterprik zullen ontvangen. Veel sneller kan niet, zeggen de GGD’s en het RIVM. Het RIVM is bovendien nog druk om het ICT-systeem zo aan te passen dat de derde prik er los van de andere twee in kan worden geregistreerd.

De GGD’s hebben nog veel te doen in aanloop van de nieuwe megavaccinatieoperatie. Veel grote, inmiddels gesloten vaccinatielocaties zijn niet meer beschikbaar omdat daarin nu weer sportevementen en beurzen worden gehouden. Daarbij moeten de GGD’s snel veel nieuwe werknemers werven; veel personeel was alweer vertrokken nadat het aantal gezette vaccinatieprikken vanaf de zomer snel afnam. In januari zijn 22 duizend werknemers nodig, drie keer zo veel als nu. Ook verdubbelen de GGD’s het aantal medewerkers van het callcenter van 3.500 naar 7.000. Ondertussen is de druk op de teststraten van de GGD’s ook enorm toegenomen nu het aantal testafspraken blijft stijgen.

Ongevaccineerden bereiken

Door al dit extra werk komt bij sommige GGD’s het zogeheten ‘fijnmazig vaccineren’ in het gedrang: het bereiken van specifieke groepen ongevaccineerden onder bijvoorbeeld jongeren, migranten, laaggeletterden, mensen met prikangst en vaccintwijfelaars, met prikbussen en extra, op hen toegespitste, laagdrempelige informatie. Soms in samenwerking met huisartsen, kerken, moskeeën en het sociaal werk.

Terwijl minister Hugo de Jonge juist de inspanning om ongevaccineerden over te halen zich te laten prikken wil intensiveren, zo blijkt uit de meest recente Kamerbrief. Dat zou vooral moeten gebeuren in de bijbelgordel, de oude stadswijken, in Flevoland en een aantal steden in Limburg waar de vaccinatiegraad achterblijft. Per saldo zijn er met het prikken van ongevaccineerden namelijk meer ziekenhuisopnames te voorkomen dan met het toedienen van de boosterprikken.

‘Onze eerste prioriteit is nu het organiseren van boosterprik’, zegt een woordvoerder van de GGD Hollands Midden. ‘Dan is fijnmazig vaccineren even ondergeschikt, en zetten we dat op een lager pitje. Dat is ook noodgedwongen omdat we een tekort hebben aan artsen, die verplicht op elke vaccinatielocatie aanwezig moeten zijn.’

Prikken zonder afspraak

Ook andere GGD’s zien de spanning, maar hopen genoeg ruimte te hebben om door te gaan met bijvoorbeeld het prikken zonder afspraak. ‘Wij zetten wekelijks nog zesduizend eerste prikken’, zegt een woordvoerder van Rotterdam Rijnmond. ‘Afgelopen week waren dat er zelfs negenduizend, waarschijnlijk vanwege de druk die uitging van de coronapersconferentie. We moeten op een gegeven moment een afweging maken van het effect van onze inspanningen en het beschikbare personeel, maar duidelijk is dat bij ons fijnmazig vaccineren heel duidelijk loont.’

Het ministerie van Volksgezondheid ziet dat nog niet alle mogelijkheden zijn uitgeput. ‘Van die 15 procent ongevaccineerden denken we dat eenderde echt niet wil’, zegt een woordvoerder van minister De Jonge. ‘Maar van de rest hopen we dat die zich alsnog laten vaccineren.’ Daarom is nu de website prikkenzonderafspraak.nl in elf talen te lezen. En werkt de GGD-koepel GGD GHOR aan een zogeheten dialoogplatform: een site gericht op ‘het in gesprek gaan over twijfels over vaccinatie’. Ook werkt het ministerie aan een handreiking hoe om te gaan met desinformatie, die bijvoorbeeld jongerenwerkers kunnen gaan gebruiken. En moeten er nog meer voorlichters en ‘sleutelfiguren’ komen die migranten in hun eigen taal kunnen benaderen over vaccinatie.

De vraag rijst of minister Hugo de Jonge dit allemaal niet al veel eerder had kunnen doen. ‘Er is al veel gedaan, en we gaan steeds een stapje verder’, zegt zijn woordvoerder. ‘Het priktempo is nu lager, de grote klappers zijn we kwijt. Maar er is nog winst te behalen.’

Meer over