Oude Palmieri geeft knalconcert

De Latinmuziek heeft de laatste jaren zware klappen moeten verwerken. Vorig jaar overleden Celia Cruz en Mongo Santamaria, en eerder al stierf de koning van de timbales, Tito Puente....

Die tijd lijkt nu gelukkig voorbij. Paradiso zat vrijdag stampvol. Met een dikke sigaar in de knuist en een grijns van oor tot oor nam Palmieri het enorme welkomstapplaus in ontvangst.

Zijn definitieve doorbraak beleefde de pianist in 1964, met de geniale plaat La Perfecta. Hij speelde de muziek vier avonden per week in de beruchte New Yorkse club The Palladium. Toen die zijn deuren sloot betekende dat ook het einde van La Perfecta.

In de jaren zestig en zeventig gaf de pianist een vooruitstrevende duw aan de salsa door haar te verrijken met elementen uit de jazz. Zijn dreunende dissonanten en inventieve melodierefereerdenaan jazzpianisten als Thelonious Monk en McCoy Tyner. Zijn platen waren eclectisch en zaten vol vernieuwende klankkleuren.

Palmieri heeft altijd geweigerd op oude successen te teren. Maar nu is er toch de band La Perfecta II. Met dank aan de trombonist Doug Beavers, die oude opnamen opnieuw arrangeerde en daar Palmieri weer enthousiast mee wist te krijgen. Beavers en zijn trombonecollega Renaldo Jorge gingen in Paradiso beestachtig tekeer.

Veel oudere muzikale helden maken de fout op te komen draven met een halfslappe band, in het ergste geval vol ongetalenteerdefamilieleden. Niet Eddie Palmieri. De negenkoppige superbezetting van La Perfecta II zorgde voor een onnavolgbaar knalconcert.

Zanger Herman Oliviera klonk warm, lyrisch en bescheiden genoeg om alle ruimte te geven aan de ultiem strakke ritmesectie. Die werd voorzien van een schijnbaar terloopse, middenrifkietelende bodem door de oude rot Joe Santiago, bassist uit de oude band van Tito Puente. 'Madman' Eddie Palmieri keek rustig toe vanachter zijn keyboard en genoot. Zijn beroemde uitgesponnen intro's en zijn solo's van tegen het plafond stuiterende climaxen liet hij achterwege.De avond was een tijdreis terug naar de basis van de salsa met extreem spetterende mambo, cha cha en charanga. Hoewel de muziek nauwelijks refereerde aan pop, fusion of andere moderne stromingen was van een nostalgische sfeer geen sprake. De salsa klonk tijdloos, nog net even urgent als ten tijde van de eerste La Perfecta. Daardoor was het niet erg dat de bandleider wat weinig van zichzelf liet horen.

Palmieri's creativiteit zat in de nuance. Het maakt hem meer dan een koning, een man van het grote gebaar. Eddie Palmieri is de god van de salsa.

Meer over