'Oslo' pakt extreme vormen kinderarbeid aan

Een groep van veertig rijke en arme landen heeft donderdag in Oslo afgesproken te zullen streven naar het op korte termijn uitbannen van de meeste extreme vormen van kinderarbeid....

Van onze verslaggever

AMSTERDAM

Onderwijs wordt in de Agenda voor Actie, die gistermiddag na vier dagen praten werd aangenomen, gezien als het belangrijkste wapen in de strijd tegen kinderarbeid. 'We hebben het over de arbeid die kinderen verandert in instrumenten en robots', zei de nieuwe Noorse premier Kjell Magne Bondevik. 'Het vernederend gezwoeg dat kinderen berooft van hun jeugd, van het belangrijkste gereedschap om de cyclus van armoede te doorbreken: onderwijs.'

Opmerkelijk was de eensgezindheid onder de regeringsdelegaties over de noodzaak van maatregelen tegen kinderarbeid. De afgelopen jaren leidde de kwestie regelmatig tot botsingen tussen rijke en arme landen. Het Westen kreeg het verwijt geen rekening te houden met de maatschappelijke omstandigheden in het Zuiden. Ook werden westerse sancties en boycotacties omschreven als verkapte importbarrières.

Volgens Henriëtte van Dueren den Hollander, die namens Novib de conferentie bijwoonde, was er van tegenstellingen tussen Noord en Zuid nauwelijks iets te merken. Dat kwam ook, zegt ze, doordat alleen landen naar Oslo waren gekomen die bij voorbaat positief stonden tegenover het initiatief van de ILO, Unicef en de Noorse regering.

'Het was erg jammer dat een aantal cruciale landen ontbrak: Kenya, Zimbabwe, Kameroen, Noord-Afrika grotendeels. Oost-Europa was er zelfs helemaal niet. Dat is een gemiste kans.'

De bevolkingsrijke landen in Zuid-Azië (India, Pakistan, Bangladesh) waren wel aanwezig. Veruit de meeste kinderarbeiders komen uit deze regio. 'Maar percentueel is het in Afrika erg hoog', aldus Van Dueren den Hollander. 'En juist de onzichtbare vormen van kinderarbeid komen veel in Afrika voor.'

Terwijl de 'zichtbare' kinderarbeid in industrieën vanaf begin jaren negentig de meeste aandacht trok, zijn recentelijk de minder opvallende vormen in beeld gekomen: werk in de landbouw en in en rond het huis. Deze arbeid wordt vaak door meisjes verricht.

Een paragraaf over dienstmeisjes is niet in de Agenda voor Actie gekomen, wel is een clausule ingevoegd waarin meisjes worden genoemd als groep die extra aandacht nodig heeft .

Michel Hansenne, directeur-generaal van de ILO, zei in zijn toespraak dat 'de oorlog tegen kinderarbeid in de komende vijftien jaar gewonnen kan worden'. Unicef-directeur Carol Bellamy kon zich vinden in die termijn, maar voegde eraan toe dat het een streven is, geen voorspelling, die bovendien alleen geldt voor de zwaarste en meest uitbuitende vormen van kinderarbeid.

Daartoe behoren prostitutie, werk in slavernij-achtige omstandigheden, werk dat de gezondheid schaadt. 'Bovendien is ingevoegd dat werk onaanvaardbaar is als het een negatieve invloed heeft op het onderwijs', zegt Zeelenberg. 'Dat gaat tamelijk ver.' Het actieprogramma (dat geen kracht van wet heeft) noemt als 'einddoel' wel totale uitbanning van kinderarbeid.

Meer over