Op zoek naar de utopie van vuilaard Boon

In leegstaande panden en restruimtes zoekt het Vlaamse Aalst naar de utopie. Vijftig jaar geleden verscheen er 'De Kapellekensbaan' van Louis Paul Boon....

Van onze correspondent Bart Dirks

Aalst is steeds een stad van dromen geweest - in 1516 liet Thomas More hier zijn Utopia drukken bij Dirk Martens, de eerste drukker van de Zuidelijke Nederlanden. Het carnaval is nergens uitbundiger, het Vlaams socialisme was nergens fanatieker. Toch schetste schrijver Louis Paul Boon een grimmig portret van zijn provinciale geboorteplaats. Aalst is een fletse industriestad in de periferie van Brussel en Gent.

Vijftig jaar geleden verscheen van Boon De Kapellekensbaan, over Ondine die haar armoedige komaf minachtte, maar evenmin respect kreeg van de hogere klasse waartoe ze poogde te behoren. Het maakte haar wreed en kwetsbaar tegelijk. 'Dit moet een vergissing zijn', veronderstelde ze.

Voor galeriehouder en curator Jan de Nijs vormt De Kapellekensbaan het vertrekpunt voor de expositie De Utopie van de Periferie, op diverse locaties op de linker- en rechteroever van de Dender die Aalst in tweedeelt.

'Aalst is geen stad om echt van te houden', meent De Nijs, die als jong, werkloos kunstenaar min of meer dienst deed als Boons chauffeur. 'De stad en de schrijver hadden een haat-liefdeverhouding. Men vond Boon een vuilaard.'

De Nijs zocht foto's, beelden, installaties, schilderijen en videokunst die voor hem ofwel de kwetsbare Ondine anno 2004 tonen, ofwel de 'utopische periferie' gestalte geven. Hij koos veel Nederlands werk, onder meer het Miele Ruimtestation van 2012 Architecten uit Rotterdam, een Favela-krotwoning en een tot kippenren verbouwde Chrysler Voyager van Atelier van Lieshout en (kinder)foto's van Rineke Dijkstra, Eveline van Duyl en Margi Geerlinks.

De installaties staan deels op verscholen plekken van de chique linkeroever van Aalst, deels op 'restruimtes' die de weggetrokken industrie achterliet op de rechter oever. 'Op de rechteroever hebben veel bewoners nog nooit kunst gezien', zegt De Nijs.

Daar maakte Herman Van Ingelgem Tropical 2, een bordkartonnen luxehotel, compleet met (modderig) zwembad en manshoge omheining. Bij de installatie hoort ook een tombola: spelers maken kans op een echte vakantie op Cuba, 's werelds laatste utopie.

In het dodenhuisje van het voormalige hospitaal - de buitenkant fraai gerestaureerd, de binnenkant zwart en bouwvallig - heeft de 29-jarige Belg Jo Foulon een collectie gescheurde, bebloede en vuile kleren opgehangen, keurig gerangschikt op kleur en maat, met hippe modelabels. Shop massacres is een karikatuur van de controversi reclames die Oliviero Toscani maakt voor Benetton. Koop dit blitse hemd, vers opgediept uit een massagraf.

Het heeft voor curator De Nijs ook een lokale strekking. 'Het heet hier ook wel Klein Sarajevo, vanwege de vele allochtonen. In winkels met tweedehands kleding concurreren twee groepen: allochtonen die een goedkope outfit willen en autochtonen op zoek naar een uitmonstering voor carnaval.'

Aalst mag dan de periferie van Brussel en Gent zijn, met de rechteroever heeft de plaats duidelijk zijn eigen rafelrand. Twee katapulten van het Aalster kunstenaarscollectief HAP verbinden de twee werelden. De eerste vult het dakterras van cultuurcentrum De Werf, op de gedistingeerde linker oever. In het schootsveld ligt, op de verlopen rechteroever, het alternatieve kunstencentrum Netwerk. Daar op het dak staat de tweede katapult die weer De Werf onder schot houdt.

Toch moeten de twee Aalster tegenpolen, links en rechts, het offici en het alternatieve cultuurhuis, niet met elkaar slaags raken. Volgens een nieuw masterplan gaan centrum en uithoek elkaar juist vinden. In Aalst moet Boons utopie eindelijk realiteit worden.

Meer over