Op WK schrijft Afrika glorierijke geschiedenis

NEDERLAND juichte bij de overwinning van Roemenië in de openingswedstrijd van het wereldkampioenschap voetbal. Meteen na het laatste fluitsignaal gingen in het centrum van Amsterdam automobilisten toeterend de straat op....

Onzin? Natuurlijk. Maar in een ander continent, in Afrika, ging het wel degelijk zo. Vorige week opende het festijn met de wedstrijd Frankrijk-Senegal. Verwachte uitslag: pakweg 3-0 voor de heersende wereldkampioen. Senegal had immers nog nooit aan een wereldkampioenschap deelgenomen. Het pakte anders uit: 0-1.

De Senegalese hoofdstad Dakar vormt de westelijkste punt van Afrika. Nairobi, de hoofdstad van het Oost-Afrikaanse Kenia, ligt daar duizenden kilometers van verwijderd, veel verder nog dan Amsterdam van Boekarest. Maar in Nairobi werd gefeest. De zege was de opening van de Keniaanse kranten.

In Senegal zelf was de vreugde uiteraard niet minder. President Abdoulaye Wade ging naar verluidt de dansende feestgangers voor en riep de rest van die vrijdag uit tot vrije dag. Maar ook in andere Afrikaanse landen, van Cairo tot Kaapstad, werd het succes uitbundig gevierd. De Cup kon Afrika eigenlijk al bijna niet meer ontgaan.

En dat alles slechts om een spelletje? Uiteraard niet. In de Afrikaanse commentaren na afloop van de wedstrijd viel al snel de opmerking dat Senegal niet slechts had gewonnen van de regerend wereldkampioen, maar meer nog dan dat van het land dat vroeger Senegal zelf regeerde. Het West-Afrikaanse land is immers een kolonie van Frankrijk geweest.

Hier werd dus glorierijke Afrikaanse geschiedenis geschreven. En juist daaraan ontbreekt het vaak in het continent dat, nog voordat het zijn eigen historie op schrift kon zetten, onderworpen werd aan 'de geschiedenis van de overwinnaar', van de West-Europese landen dus die pas rond 1960 Afrika het begin van een eigen toekomst gaven.

Voetbal, het is inmiddels enkele jaren duidelijk, biedt Afrika een schitterende gelegenheid zich met trots aan de wereld te tonen. Dat alle elf leden van het Senegalese team hun tijd normaal gesproken doorbrengen bij Franse clubs, telde even niet. Er was sprake van nationale en continentale trots. Want hoe verschillend veel Afrikaanse landen ook zijn, hier geldt werkelijk dat sport verbroedert.

En vandaar de juichende reacties in het zoveel verderop gelegen Kenia. (Over twee jaar mag Senegal juichen over de prestaties van Keniaanse atleten bij de Olympische Spelen in Athene.) De talen in beide landen, zelfs de talen van de vroegere kolonisators, maakt dat de inwoners elkaar niet eens kunnen verstaan. Maar het voetbal-idioom beheerst iedereen.

De Keniaanse pers kende tot nu toe slechts één dissident. Een verslaggever zette de resultaten van de vijf deelnemende Afrikaanse landen in hun eerste wedstrijd op een rijtje (1 gewonnen, 2 gelijk, 2 verloren) en concludeerde dat het niet allemaal even fantastisch was. Kameroen was eigenlijk de grote Afrikaanse favoriet, maar het team opende met een gelijkspel. Om over de Super Eagles van Nigeria maar te zwijgen.

Het gaat niet om de uitslagen, maar om het gevoel. Als de Verenigde Staten van Portugal winnen, halen de meeste Amerikanen waarschijnlijk hun schouders op: 'Wij winnen altijd, overal, op elk terrein.' Maar bijna precies het omgekeerde geldt voor de landen in Afrika, waar het leven soms een variant lijkt op de dichtregel van Bloem, 'altijd november, altijd regen'.

Nu dan schijnt de zon. Badend in die zon genieten de Afrikanen van een gevoel waarvan het belang niet te overschatten is: het gevoel er niet alleen bij te horen, maar ook gezien en gehoord te worden; het gevoel verschil te maken, er toe te doen. Van Dakar tot Nairobi.

Over een paar weken loopt het voetbalfeest ten einde. De kans dat een Afrikaans elftal in de finale zal staan, lijkt uiterst klein, maar dat is nu al niet meer belangrijk. En dan gaat het leven verder. Na Japan en Korea zullen vertegenwoordigers van eveneens vijf Afrikaanse landen opduiken in Canada. Zij zijn uitgenodigd om op de G8, de top van 's werelds rijkste en machtigste landen, hun plan Nepad voor de ontwikkeling van Afrika te komen toelichten.

Dat plan beslaat zo'n dertig redelijk taaie pagina's over economie, democratisering en andere hoogst ernstige aangelegenheden. Het zijn zaken die er voor de Afrikanen toe doen. Maar daarnaast is de boodschap in Canada dezelfde als die van nu in Japan en Korea: het zijn ook de ménsen in Afrika die ertoe doen.

Meer over